The Divine Comedy :: 28 september 2010, Botanique

Het concertseizoen is duidelijk opnieuw van start gegaan. Terwijl nostalgici en zwartjassen hun (en andermans) hart ophalen aan Killing Joke (AB) en de laatste verdwaalde hipsters nog niet beseffen dat IJsland er echt niet meer toe doet (Bedroom Community, Vooruit) vinden de liefhebbers van de betere barokke pop elkaar terug in de Botanique voor een solo-optreden van Neil Hannon.

Neil Hannon, ofte The Divine Comedy, mag dan wel een gentleman pur sang zijn, ook hij ontsnapt niet aan de commerciële logica die vereist dat wie een nieuw album uitbrengt, hiermee ook de hort op dient te gaan. Maar waar Hannon vier jaar geleden nog een hele band in zijn kielzog meetrok (naar aanleiding van Victory For The Comic Muse), staat hij er ditmaal alleen voor. De financiële crisis heeft duidelijk ook gevolgen voor de man wiens laatste album (Bang Goes The Knighthood) op eigen label uitgebracht is.

Het blijft een bang afwachten of de nummers ook in hun meest rudimentaire uitvoering weten te begeesteren. Al mag dan de stelling gelden dat een goede song in elke uitvoering klinkt, de nummers van The Divine Comedy blinken vooralsnog uit in een mozaïsche opbouw van klanken en instrumenten. Opener “Down In The Street Below” (uit Bang Goes The Knighthood) weet alvast de tristesse van de albumversie te evenaren. Dat de song net als het daarna gebrachte “The Complete Banker” sterk pianogedreven is, speelt uiteraard een belangrijke rol. Beide nummers zijn duidelijk op de piano gecomponeerd waardoor ze ook in hun essentie recht blijven.

Interessanter wordt het wanneer Hannon “The Pop Singer’s Fear Of The Pollen Count” (een hilarisch nummer over hooikoorts, uit Liberationen “Assume The Perpendicular” moeiteloos brengt. Nu ja moeiteloos, af en toe verliest hij wel eens de melodielijn uit het oog of klinkt de zang niet even krachtig door maar hij weet deze foutjes netjes op te vangen met zijn legendarische onderkoelde humor. Moeiteloos incorporeert hij foutjes in zijn set en weet hij zelfs zonder arrogant over te komen het publiek terecht te wijzen wanneer dit volledig naast het ritme tracht mee te klappen op “At The Indie Disco”. Het nummer krijgt bovendien een stukje “Blue Monday” (New Order) mee inclusief de drumintro (Hannon die op zijn microfoon trommelt), waarna hij de song vervolgt met The Human Leagues hit “Don’t You Want Me”.

Naast humor is er uiteraard ook ruimte voor enige nostalgie en wat sentiment (“enough silliness” merkt hij op een bepaald moment op), waarvan het bitterzoete en op gitaar gebrachte “A Lady of A Certain Age” een mooi voorbeeld vormt. Samen met het eerder in de set gebrachte “Neapolitan Girl” en een krachtige versie van “Becoming More Like Alfie” vormt het nummer één van de drie songs die Hannon op akoestische gitaar brengt. Verstilde pianosongs als “The Summerhouse” “Geronimo” en “Neptune’s Daughter” (uit Promenade) zijn een mooie afwisseling met de vrolijkere toets van “The Lost Art Of Conversation” en het als bisnummer gebrachte “Can You Stand Upon One Leg”.

De tour mag dan wel georganiseerd zijn naar aanleiding van de nieuwe plaat, Hannon maakt er duidelijk gebruik van om een hoop oudere songs nieuw leven in te blazen. Zo komen naast een mooie selectie uit Bang Goes The Knighthood ook “Our Mutual Friend” (uit Absent Friends) en “Songs Of Love” (Casanova) aan bod. Het meest memorabele aan het optreden blijft echter Hannon zelf: niet alleen weet hij zonder backing band zijn nummers eenzelfde kracht te geven als de studioversies, maar ontpopt hij zich nog meer dan vier jaar geleden tot een rasechte performer die het publiek volledig naar zijn hand zet. Wie anders oogst applaus wanneer hij het publiek dat om bepaalde songs roept, vergelijkt met zombies of krijgt de handen op elkaar wanneer hij er doodleuk op laat volgen dat alleen hijzelf bepaalt welke songs gespeeld zullen worden?

The Divine Comedy is gelijk aan Neil Hannon, dat heeft altijd als een paal boven water gestaan, maar deze avond wordt die stelling nogmaals bevestigd. The Divine Comedy mag dan wel geprezen worden om zijn barokke pop die rijk is aan arrangementen, deze avond bewijst Hannon dat ze er ook solo staan.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

7 + zes =