Titus Andronicus :: The Airing Of Grievances

Het mooiste aan vitale rock-‘n-roll, de soort die je halt doet houden, verstrakken en verdergaan met een brede grijns, is vaak de imperfectie. De ongepolijste kantjes en de erkenning van het doordeweekse, het lelijke en de tegenslagen hebben zo veel meer impact dan de perfecte uitvoering van een idee die geen voeling heeft met een herkenbare wereld. Op die manier biedt ook Titus Andronicus een prima staaltje tastbare realiteit.

Op The Airing Of Grievances — de titel voorspelt al dat niemand ongehavend aan de eindmeet zal geraken — klinkt het kwintet als een shoegazeband, werkt het vaak met vrij klassieke rocksongs en verpakt die in bakken rauwe punkattitude. Het is rommelig, het rammelt, schuurt en jengelt, het is een geluidssoep die de instrumenten een egalitaire behandeling geeft waarbij drums, gitaren, toetsen en blazers in een pot gegooid worden om vervolgens als een withete brij losgelaten te worden op de luisteraar. Het resultaat: een luide, bombastische, met haken en ogen aan elkaar hangende rockplaat die bijna verzuipt in zijn eigen enthousiasme en goede bedoelingen en nergens aanspraak kan maken op de gezonde middelmaat.

En dan is er nog zanger Patrick Stickles, een door het Heilige Vuur opgejutte maniak, een paranoïde protagonist, een jonge hond met een missie, een ervaringsdeskundige die de no-nonsense-aanpak van Titus Andronicus een shot passie en naakte eerlijkheid weet te geven dat het totaalgeluid nog intrigerender maakt. Nu en dan leidt die aanpak tot pijnlijke mislukkingen waarbij goede bedoelingen vertaald worden in richtingloze energie (“Joset Of Nazareth’s Blues” lijkt ingezongen door een junkie die een bad neemt in een kuip heroïne), maar veel vaker nog krijg je een met autobiografische elementen volgestouwde trip door een jeugd in suburban America.

De songs werden geschreven door een adolescent en ze bulken dan ook van bespiegelingen over liefde en leed, ambitie en tegenslag. Er is geen plaats voor ironie of pose: The Airing Of Grievances komt volledig uit de onderbuik en is te nemen of te laten. “Fear And Loathing In Mahwah, NJ” schippert bezopen tussen No Age en The Pogues en is een grote aanklacht tegen niemand in het bijzonder: “The world screams out in agony and you just don’t care / but should the shit hit the fan / I just pray you will not be spared / fuck you”. “My Time Outside The Womb”, vlammende garagerock à la The Replacements laat nog minder heel van de illusie: “I was just another book on the shelf / nothing else.”

Het oneindige gevecht tussen willen en niet kunnen of mogen krijgt het mooist gestalte in de middenmoot van de plaat. Sleutelsong “Arms Against Atrophy” doet Springsteen aan via The Constantines: liefde, religie en ontdekking tegen wil en dank krijgen vorm in een meeslepend en euforisch mini-epos voor de 21e eeuw. De woorden stonden vast, maar hoe Stickles ze aframmelt op de muziek — krom, vlug, buiten adem — is bij momenten ronduit hilarisch. “Titus Andronicus” is haast een erkenning van defaitisme en tegenwerking (“They’ll say ‘Your life is over / I insist you cease to exist / die / your life is over’”), al staat die in schril contrast tot de uitgespuwde verontwaardiging die de song voortjakkert.

De combinatie van gebalde furie en gerekte theatraliteit kan al snel zwaar op de maag gaan liggen, waardoor de laatste drie songs (samen goed voor 20 minuten) zware kost zijn, zeker omdat “No Future Part 1” aansleept als een slappe variatie op Two Gallants’ folkpunk. Gelukkig slaat het vijftal terug met enkele momenten zinderende, haast uit z’n voegen barstende rock-‘n-roll over dromen én geweld, met verwijzingen naar The Simpsons én existentialisme. En uiteindelijk volgt opnieuw die o zo menselijke boodschap, die opgeheven middenvinger gericht aan al wat het uitvoeren van dromen onmogelijk maakt: “So, Death, be not proud because we don’t give a fuck about nothing and we only want what we’re not allowed.”

Het is verleidelijk om het album te beschouwen als een overgave aan teleurstelling en nihilisme, maar net omdat deze negen uitbarstingen zo vol creativiteit en levenservaring gestouwd zijn verwordt het tot een uitgelezen voorbeeld van persoonlijk idealisme. Ondanks z’n mindere kantjes is The Airing Of Grievances dan ook een sterke, pure rock-‘n-rollplaat, gemaakt door en voor jongeren met de duivel en een verleden op de hielen, op weg naar een toekomst vol belofte. Hoe kan je daar in godsnaam iets op tegen hebben?

Op 10 maart staat Titus Andronicus in de Btoanique. We hopen van u hetzelfde.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

10 + dertien =