Pirates of the Caribbean :: at cinema’s end

Elk beroep heeft zo z’n voor- en z’n nadelen: als je af en toe
wel eens een stukje over film durft te plegen, ben je dan wel
verplicht om regelmatig bewust naar crap te gaan kijken,
maar goed, dat mag je dan toch gratis doen. Toen ik naar de
nieuwste ‘Pirates of
the Caribbean’
ging, zag ik een koppel voor mij hun kaartjes
voor dezelfde film kopen. Aan 8,50 euro per persoon, “want het was
een lange film”. (God weet dat het een lange film was – veel te
lang.) Ik was zelden zo blij dat ik niet in m’n portefeuille hoefde
te tasten. De zaal zat nochtans vrijwel vol.

Een behoorlijk verschil met ‘Tales From Earthsea’,
de nieuwe tekenfilm uit de Ghibli-studio’s, enkele dagen eerder. Ik
liep de zaal binnen en er zat niemand. Vervolgens kwamen een
vijftal adolescenten binnengewaaid, die de deuren met hun ellebogen
en kont moesten bedienen omdat hun armen afgeladen volzaten met
popcorn en cola. Ze gingen zitten en de film begon met een Japanse
tekst in beeld. Van op de achterste rij klonk er ogenblikkelijk:
“Ah nee, een Chinese film! Ik hààt Chinese films!” Ik zei niet dat
het een Japanse film was, en ik vroeg ook niet aan het meisje dat
die uitspraak had gedaan hoeveel Chinese films ze misschien al
gezien had om haar oordeel op te baseren. Zo zie je maar: als ik
niet achter m’n computer zit, heb ik zo’n groot bakkes niet meer.
In ieder geval, toen de eerste scène begon klonk wederom luidkeels
commentaar: “Ah nee, het is een tekenfilm!” Eindresultaat:
letterlijk nog geen zestig seconden na het begin van de film stond
het hele gezelschap op en verlieten ze de zaal. Ik bleef over met
een privé-vertoning.

Iedereen die maar vaak genoeg naar de bioscoop gaat, heeft dat
soort van verhalen te vertellen, en ze tonen twee dingen duidelijk
aan. Enerzijds gaat het niet goed met de bioscopen: films komen uit
en verdwijnen weer nog voor ze goed en wel de kans hebben gekregen
om een publiek op te bouwen. Geen wonder ook: er komen wekelijks
minstens vijf nieuwe films uit, dus zelfs in multiplexen met
twintig zalen of meer geldt het recht van de sterkste. Het is
scoren tijdens de eerste of – uiterlijk – de tweede week. Speelt
een prent dan nog voor lege zalen, dan heeft hij het gehad, want er
staan er weer vijf nieuwe te wachten. Gevolg daarvan: enkel de
grote, zwaar gehypete films à la ‘Spider-Man’ of ‘Pirates of the
Caribbean’
weten nog een respectabel cinemapubliek op te
bouwen, omdat het stilaan de enige films zijn waar het publiek nog
weet van heeft. Voor kleinere films blijven ze weg.

Anderzijds werken de bioscopen die apathie van de toeschouwer
ook zelf in de hand: acht euro voor een film? Hallo? Voor de prijs
van twee bioscooptickets koop je achteraf de dvd. Je hoeft zelfs
niet te wachten tot hij in prijs zakt. De home theater-markt wordt
een steeds belangrijker kracht in de filmwereld: dvd’s worden
steeds goedkoper, de cinema wordt steeds duurder. Bovendien hebben
kleinere films per definitie een langer leven op dvd, zodat ze
ontdekt kunnen worden, mensen erover kunnen praten en er op die
manier interesse kan ontstaan. Denk maar aan cultfilms als ‘Donnie Darko’: in de
bioscoop ging er geen hond naar kijken, maar op dvd is hij
uitgegroeid tot een soort van instant classic.

Is de bioscoop ten dode opgeschreven? Goh, ze mogen in ieder
geval zeer dankbaar zijn dat er jaarlijks een paar ‘Spider-Mans’,
‘Pirates’ en ‘Harry Potters’ langskomen – films die al succesvol
zijn nog voor ze uitkomen, die niet ontdekt hoeven te worden en een
ingebakken publiek hebben. Voorlopig hebben de bioscopen het geluk
dat digitale downloads vooralsnog niet ver genoeg staan om een
geloofwaardig alternatief te vormen voor het cinema- en daarna het
dvd-circuit. Tegen de tijd dat je een film legaal voor download
kunt kopen, is hij meestal al lang verkrijgbaar in de winkels.
Legale huurfilms kun je dan weer enkel bekijken op je computer, wat
ook niet alles is. En illegale downloads blijven altijd een
dubbeltje op z’n kant – de kwaliteit kàn goed zijn, maar voor
hetzelfde geld zit je naar een Japans ondertitelde, wazige versie
te kijken die ergens in een rumoerige bioscoop van het scherm is
opgenomen met een camcorder.

Eens er toch een manier wordt gevonden om die legale downloads
efficiënter te maken – en dat is enkel een kwestie van tijd, lijkt
mij – zou de bioscoop wel eens exclusief voorbehouden kunnen worden
aan de Jack Sparrows van deze wereld. Alleen de allergrootste
films, de blockbusters die iedereen per sé op een groot
scherm wil zien, zullen nog voldoende volk lokken om uit de kosten
te komen. Films met een kleiner bereik zullen steeds meer
straight to dvd, of tegen die tijd misschien straight
to download
gaan.

Dat is jammer, want ook voor kleinere films geldt dat een
bioscoopervaring niet te overtreffen valt. Zo’n film als pakweg
‘Eternal Sunshine of
the Spotless Mind’
heeft niet écht een groot scherm nodig om
indruk te maken – maar het idee dat je de emoties uit die film op
dat moment deelt met een zaal vol mensen die allemaal méé zijn,
allemaal hetzelfde meemaken als jij, is bijzonder krachtig.

De kans wordt dan wel kleiner dat je nog pubers tegenkomt die
verontwaardigd de zaal uitlopen omdat een film de gore lef heeft om
niet aan hun beperkte referentiekader te voldoen, dat wel. Maar
daarvoor wil ik mijn cinema niet zien veranderen in een showroom
voor alleen maar de grootste, domste Hollywood-uitspattingen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

zeven + elf =