Big Star

Naar eigen zeggen gaat Nick Cave dagelijks naar ‘zijn bureau’ om
daar liedjes te componeren. Ik stel me daarbij dan voor dat hij ‘s
morgens zijn vrouw een kusje geeft voor hij de deur uitgaat en zich
met zijn aktentas naar zijn kantoor begeeft. Datzelfde gevoel
bekroop me toen Alex Chilton gisteren op het podium verscheen,
netjes gekleed – weliswaar zonder das -mét schoudertas, die hij
mooi tegen het drumpodium installeerde voor hij zijn gitaar
omgordde. Zou hij zijn vrouw ook een zoen gegeven hebben: “Tot
straks, schat, ik ben op tijd thuis vanavond”?

Maar alle gekheid op een stokje: Big Star, het legendarische
combo rond Alex Chilton en wijlen Chris Bell, dezer dagen aangevuld
met opper-Posies Jon Auer en Ken Stringfellow was in het land. ‘You
And Your Sister’ in de versie van This Mortal Coil was mijn eerste
kennismaking met Big Star, al wist ik het op dat moment niet. Pas
jaren later botste ik in een tweedehandsplatenzaak toevallig op een
compilatie. Het eerste wat opviel was de titels van de nummers.
Geef toe: ‘I Am The Cosmos’ is een indrukwekkende naam voor een
liedje. Laat de bijhorende song dan nog van een onwaarschijnlijk
hoge kwaliteit zijn en je bent verkocht. Nu is hun meest recente
werkstuk geen onverdeeld hoogtepunt, dat bedekken we met plezier
met de mantel der liefde wanneer blijkt dat hier een groep (en geen
aantal individuen) op het podium staat. Een band die zich bovendien
rot amuseert, ludiek overlegt welke nummers uit de afgedrukte lijst
in welke volgorde gespeeld zullen worden en veelvuldig communiceert
met het hongerige publiek.

Al vroeg in de set duiken klassiekers als ‘Don’t Lie To Me’, ‘The
Ballad of El Goodo’ en het onvolprezen ‘Back Of A Car’ op en meteen
is de toon gezet. Dit wordt ruim een uur lang genieten van subliem
songschrijverstalent, in combinatie met puik instrumentaal werk.
Auer en Stringfellow nemen naast de backing vocals ook regelmatig
de leadzang voor zowel de oudere als de nieuwe nummers voor hun
rekening. Ook die andere oudgediende, Jody Stephens, neemt enkele
keren het heft in handen (‘February’s Quiet’, ‘For You’). Uit die
nieuwe plaat wordt trouwens veelvuldig geput en live overtuigen die
nummers toch ietsje meer, al is het maar omdat je ziet dat Chilton
zich uitleeft in zijn uit duizenden te herkennen gitaarspel.
Uiteraard mogen ‘September Gurrls’ en het van Big Star Story
afkomstige ‘Hot Thing’ niet ontbreken, hetgeen het publiek nog meer
enthousiasmeert. En ook de cover van ‘Party Girl’ (Gary and the
Hornets uit Dayton, Ohio, 8, 11 en 12 jaar oud toen ze het nummer
opnamen, zoals we mogen vernemen uit de mond van wandelende
popencyclopedie Stringfellow), die via Teenage Fanclub (ook grote
Big Star-fans) in de set is geraakt, wordt met dezelfde animo
gespeeld.
Als bis (“The exit was closed“) krijgen we nog twee nieuwe
nummers : ‘Dony’ (slang voor grietje of iets dergelijks),
één van de hoogtepunten van de nieuwe plaat en het toch iets
mindere ‘A Whole New Thing’.

De klassiekers (er was nog een noemenswaardige versie van
‘Thirteen’) blijven onvergetelijke nummers, die de vergetelheid
waarin ze terecht gekomen waren, helemaal niet verdienen.
Waarschijnlijk werden niet echt nieuwe zieltjes overtuigd van het
kunnen van Alex Chilton en de zijnen, maar misschien doet het
word to mouth‘-circuit zijn werk en krijgt Chilton toch de
erkenning die hij al lang heeft verdiend.

In samenwerking met De
Muziekfriek
.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf + 15 =