J. Slauerhoff :: Verzameld proza

Nederlanders bewaken hun literair erfgoed. Zo is het werk van Jan Jacob Slauerhoff, sinds diens dood in 1936, met regelmaat opnieuw uitgegeven. Tot rond de eeuwwisseling was letterkundige Kees Lekkerkerker bij uitstek pleitbezorger van menig Slauerhoff-editie. Hein Aalders en Menno Voskuil laten echter een frisse wind waaien doorheen het oeuvre van de jong gestorven schrijver.

Hoezo, een frisse wind? Ongeveer een eeuw post-mortem heeft Slauerhoffs oeuvre toch min of meer vaste vorm aangenomen? Dat werd algemeen aangenomen, tot uitgeverij Nijgh & Van Ditmar anno 2018 de Verzamelde gedichten op de wereld losliet. Met bijna honderd nieuwe aanvullingen maakte hetzelfde duo dat ook voor dit Verzameld proza tekent, duidelijk dat Lekkerkerker nooit het volledige nalatenschap van de auteur had kunnen ontsluiten. Alles heeft te maken met een grote kist, waarin honderden losse manuscripten werden teruggevonden. Lekkerkerker bewaakte deze fragmenten als een mausoleum, en ontsloot voorzichtig enkele waardevolle documenten voor het nageslacht. Aalders en Voskuil gaan echter verder, en disten uit de chaos nog meer verborgen parels op.

Gemakshalve zou het Verzameld proza een onhandelbare en al evenmin leesbare turf kunnen worden. Slauerhoff liet immers ettelijke schetsen na voor zowel gedichten als kortverhalen en romans. Wanneer is een tekst echter zelfstandig proza, en wanneer hooguit een aanzet, een schets die in een museum of een archief thuishoort en niet in een referentiewerk? In hun helder uiteengezette en erg bondige verantwoording stelt het duo bezorgers dat zij vertrokken vanuit het opzet Slauerhoff in zijn totaliteit te belichten. Weliswaar moesten verhalen een autonome leesbaarheid bezitten. Daarnaast wilden zij uitdrukkelijk passages opnemen die een ander licht werpen op de auteur. Denk maar aan verhalen verteld vanuit het perspectief van een vrouw, of een in Nederland gewortelde arts. Niet bepaald de stereotypen die doorgaans met Slauerhoff worden vereenzelvigd…

Uit de zogenaamde Nagelaten prozafragmenten blijkt hoe zorgvuldig Aalders en Voskuil te werk zijn gegaan. Hoewel het om compacte flarden gaat, brokjes die in grotere gehelen allicht beter tot hun recht zouden gekomen zijn, lichten ze de maximale reikwijdte van Slauerhoff als schrijver uit. Vandaag is diens naam immers niet alleen synoniem voor melancholisch getinte, smachtende, door de romantiek geïnspireerde en mystiek beladen gedichten, maar ook voor kortverhalen die zich aan de andere kant van de einder afspelen, doorspekt met exotisme en vol mededogen voor de verstotenen der aarde. Slauerhoff werd na zijn dood uitgeroepen tot een chroniqueur der verworpenen, maar uit de nagelaten fragmenten spreekt de schrijver ook met een meer burgerlijke, zij het immer creatieve en gevoelvolle stem.

Lekkerkerkers laatste grote verwezenlijking voor Slauerhoff was een uniforme heruitgave van het grootste deel van diens proza, al werd het omstreden toneelwerk Jan Pietersz. Coen er om onduidelijke redenen uit weggelaten. Dat dit onderzoek naar Nederlands’ koloniale perikelen tijdens en na Slauerhoffs leven niet in goede aarde viel, vormt evenwel extra reden om deze morele verkenning van (wan)daden uit een relatief recent verleden opnieuw onder de loep te nemen. Zeker dankzij de vinnige pen van Slauerhoff, die niet benauwd is zijn landgenoten een geweten te schoppen.

Anders dan Lekkerkerker wijzen Aalders en Voskuil afzonderlijke tekstverantwoordingen van de hand, wat misschien een gemiste kans is om enerzijds Slauerhoffs genie te situeren in het tijdsgewricht waarin hij zich bevond en anderzijds om het zorgvuldige werk dat de bezorgers hebben verricht, onder de aandacht te brengen. Aan de andere kant wordt dit Verzameld proza, precies door het ontbreken van dergelijke uitweidingen, allesbehalve een academische uitgave. Slauerhoff krijgt immers quasi uitsluitend het woord – en zo hoort het ook. Daarenboven ligt deze ruim 800 bladzijden tellende editie nu al behoorlijk zwaar in de hand, meer pagina’s en dus meer gewicht had de fysieke leesbaarheid alleszins niet bevorderd.

Kort samengevat is dit Verzameld proza alles wat men er kan van verlangen. Delicaat gezet, overzichtelijk gebundeld en aangepast aan de moderne spelling, zullen nieuwe generaties dankzij deze uitgave ongetwijfeld hun weg vinden naar Slauerhoffs tijdeloze nalatenschap. Doorwinterde liefhebbers zullen, aan de hand van de nagelaten prozafragmenten, bovendien tot een sporadische ontdekking komen. En zo blijft Slauerhoffs literatuur levend, klaar om wederom gelezen te worden.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in