Ryley Walker :: Primrose Green

Na de bescheiden doorbraak van Steve Gunn vorig jaar zou 2015 wel eens het jaar van Ryley Walker kunnen worden. Met zijn uitstekende tweede plaat Primrose Green zou dat alvast zeer terecht zijn.

De vergelijking met Gunn is niet willekeurig: ook Walker is een uitstekende gitarist en zanger die na wat geëxperimenteer in de marge en solowerk in de lijn van grootheden als John Fahey de stap naar een open bandgeluid zet. Na enkele jaren jammen in de vrije improvisatie en noise scene van Chicago bracht de jongeman vorig jaar zijn debuutplaat All Kinds Of You uit. De folksongs van die plaat, grotendeels solo ingespeeld, werden live al vaak in jams naar een sterk door jazz geïnspireerd geluid vertaald. Voor zijn tweede plaat besloot Walker die aanpak ook op plaat te hanteren.

Een meesterzet, zo blijkt, want Primrose Green weet het gezapige folkgeluid dat veel gitaristen in deze stijlregionen plaagt volledig te omzeilen en een bijzonder sterke, los groovende muzikale interactie te presenteren. Referenties zijn niet moeilijk aan te duiden: Walkers composities ademen de geesten van Tim Buckley, John Martyn, Bert Jansch en zelfs een vleugje Nick Drake. De band omkadert die sfeer bovendien met een geluid dat sterk aansluit bij het materiaal dat sommige van die gasten in de late jaren zestig en vooral in de vroege jaren zeventig maakten, beïnvloed door de fusion experimenten van Miles Davis en Weather Report.

Wat daarom gelukkig nog niet wil zeggen dat Walker niet meer dan een doorslagje laat horen. Er is een verschil tussen geïnspireerd geraken en imiteren, en deze plaat situeert zich vooral in die eerste categorie met een diversiteit aan invloeden die tot een coherent geheel worden gesmeed. Zo klinkt “On The Banks Of The Old Kishwaukee” een beetje als country en worden het instrumentale “Griffiths Bucks Blues” en de solo gebrachte afsluiter “Hide In The Roses” in een klassiek folkidioom thuisgebracht met een hoofdrol voor Walkers gitaar. “Sweet Satisfaction” ontaardt dan weer in een noisy rockende jam, en het begin van “Summer Dress” zou je als jazz in de lijn van de Chicago scene kunnen beschouwen. Doorheen dat alles vormen de doorleefde vocalen, dromerige teksten en het in American Primitivism geaarde gitaarspel van Walker de vaste waarde.

Maar de absolute sterkte van deze plaat is dus die bandinteractie die zowat elke song boven zichzelf doet uitstijgen. Drummer Frank Rosaly en bassist Anton Hatwich zijn daarbij de centrale sterkhouders, terwijl ook toetsenist Ben Boye en gitarist Brian Sulpizio cruciale inkleuringen verlenen (het begin van “All Kinds Of You” bijvoorbeeld geeft een glansrol aan de rhodes). Subtieler zijn de toevoegingen van cello, viool en vibrafoon, maar wanneer ze opduiken, zoals de lieflijke strijkers in “The High Road” zorgen ze even goed voor hoogtepunten.

Primrose Green is dan ook een grote aaneenschakeling van hoogtepunten. De titeltrack, vernoemd naar een bijzonder venijnige cocktail die Walker met enkele vrienden placht te maken (“head full of primrose green / keeps me up all night”), is een perfecte toonzetter voor wat volgt. Het topstuk is wellicht “Love Can Be Cruel”, dat na een sfeerzettende intro vurig losbarst met een swingende groove wanneer Walker “run to the hills / but keep by my side” zingt, vergezeld van een heldere gitaarwaterval. Aan het einde van de song wordt nog even overgeschakeld naar een vettige 7/8 groove, tot die door een distortion-drone overspoeld wordt.

Kortom, niets dan lof voor deze plaat, een verdomd volwassen statement van een muzikant met hoop en al vierentwintig jaar op de teller. Toegegeven, wie de muziek van Buckley, Martyn en Jansch goed kent zal hier weinig nieuws te horen krijgen, maar wel een doorleefde, geïnspireerde en vooral erg intense update. Op die manier is het wellicht al de beste plaat die binnen de recente golf aan neo-American Primitivism werd uitgebracht.

Ryley Walker speelt op 17 april samen met zijn buddy Daniel Bachmann in Club De Loge (Organisatie Democrazy) in Gent.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

elf − twee =