Natalie Merchant

Zeven jaar na ‘The house carpenter’s daughter’ heeft Natalie
Merchant de opvolger klaar: ‘Leave your sleep’. Een
olifantendracht, maar tegelijkertijd eerder een onderzoeksproject
dan een album. Merchant schuimde bibliotheken, archieven en de
donkerste krochten van het internet af om een werkstuk af te
leveren dat de mooiste verzen geschreven voor kinderen compileert.
Een dubbelaar waar ze terecht trots op kan zijn en die haar
motiveerde om ook nog eens de baan op te trekken. Ook op
performancevlak heeft Natalie ons namelijk op onze honger laten
zitten: welgeteld negen jaar was het geleden dat ze nog een
Belgisch podium besteeg.

Wie van haar concert in een uitverkochte AB lichtvoetig
maandagavondentertainment verwachtte, zat er mijlenver naast.
Merchant had voor het eerste anderhalf uur namelijk – een primeur
voor een nochtans doorgewinterde concertganger – een slideshow
meegebracht die ze gebruikte om tussen de nummers door uitgebreid
achtergrondinformatie bij de dichters te geven. Aanvankelijk een
extraatje dat de vaart en de immersie tegenwerkte, maar na een
korte acclimatisatie hing je nillens willens aan de lippen van de
chanteuse terwijl ze lustig vertelde over de canonisering van
Mother Goose of haar high school crush op Robert Louis Stevenson.

Natuurlijk was dat enthousiasme niet te wijten aan de kracht van
haar dia’s, maar wel aan de kwaliteit van het nieuwe materiaal, dat
in de AB uitgebeend werd tot arrangementen voor twee gitaristen en
één celliste. Ontdaan van alle franjes kwam de essentie van de
songs beter tot zijn recht, hoewel de veelheid aan genre-invloeden
nog steeds duidelijk tastbaar was. Op korte tijd hoorden we folk
(‘If no one ever marries me’), country (‘Calico Pie’), pop (‘The
land of nod’) en troubadoursblues (‘Vain and careless’) passeren.
Een conceptplaat gebaseerd op het werk van derden dreigt live
steeds afstandelijker over te komen. Merchant ging echter zo zwaar
op in het werk dat je niet anders kon dan met haar doorgaan: ze
haalde een combinatie van linedancing, jig en tapdansen boven om
‘The sleepy giant’ op te luisteren, toonde vuur in haar ogen
terwijl ze het protestgeschiedenislied ‘Indian names’ bracht en
barstte in tranen uit tijdens een prachtig ‘Spring and fall: to a
young child’, een nummer over de aanvaarding van de dood en een
emotioneel hoogtepunt uit de set.

In de bisronde vuurde Merchant nog enkele grote kanonnen
(‘Motherland’, ‘Carnival’, ‘Kind and generous’, …) af, maar zelfs
zonder die publieksfavorieten had ze de AB uit haar hand kunnen
laten eten. IJzersterk materiaal, vurige passie maar vooral die
stem: vurig en breekbaar tegelijkertijd, steeds met een duidelijk
hoorbare harteklop. We lachten, we pinkten een traan weg, we
leerden bij alvorens we na twee-en-een-half uur plechtig uitgewuifd
werden met een a capella-versie van de Vera Lynn-klassieker ‘From
the time we say goodbye’. Klasse!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

18 − 13 =