Antony & The Johnsons :: 13 april 2009, Bozar

"Dit nummer draag ik op aan mijn ex-vriendje Jezus. Hij heeft het eigenlijk geschreven": met een vrolijke nonchalance pakte Antony op paasmaandag de statige Henry Le Boeufzaal van Bozar in. Toch had het net dat tikje meer mogen zijn.

In de vier jaar sinds het verschijnen van doorbraakalbum I Am A Bird Now is de ster van Antony & The Johnsons als een komeet de lucht in geschoten. Sinds kort laat de man zich dan ook vertegenwoordigen door een management dat zich normaal enkel met de groten van de jazz inlaat en dat is te merken: niet langer speelt hij in gewone zalen als STUK of de Botanique maar in deftige cultuurtempels als de Koningin Elisabethzaal of het imposante Bozar.

Die verandering is ook te voelen vanavond. Dit is geen optreden, maar een recital, waarbij de artiest beleefd informeert naar het gemoed van het publiek en netjes zijn liedjes brengt met tussendoor wat aangenaam gekout. Even vrezen we een "how's your steak?" te horen, maar dan is het ex-vriendje Jezus toch nog iets geinigers. Het één of het ander, het maakt geen verschil, want devotie is troef: al na het tweede nummer klinkt een enthousiast "bravo" uit de zaal op, en voor zestig euro per stoel moet dit concert duidelijk ook wel een staande ovatie waard zijn.

Maakt dat Antony een beetje gemakzuchtig? Het lijkt er op. Relaxed babbelend breit hij de nummertjes aaneen, maar vergeet hij er iets van bezieling in te leggen. Zo haalt hij het begin van "For Today I Am A Boy" helemaal onderuit door het drie keer te onderbreken voor wat grappige opmerkingen en draait hij het nummer vervolgens volledig onderuit met een drammerig slot. Even verder moet een song helemaal herbegonnen worden: "Darn, i messed up the piano", klinkt het giechelig.

Soms praat hij ook echt gewoon te veel. "Hope Mountain" (over de terugkeer van Jezus als meisje) krijgt een preek van jewelste mee tegen het patriarchale in onze maatschappij en hoe goed het is als vrouwen de leiding hebben. Het is het soort originele gedachte waar Stef Bos ook over kan doordrammen. En hoe goed we Bos bij momenten durven vinden, "Niet nu, Antony" is de overheersende gedachte. Of ook nog: "Speel nu maar gewoon het liedje."

Toch was dit nog altijd een goed concert, daarvoor is zijn band te professioneel en is zijn stem te weergaloos. In "Epilepsy Is Dancing" — nog in het halfduister gespeeld zoals de eerste twee nummers — komt dat fluwelen instrument helemaal tot zijn recht, net als in het met veel zwier geleverde "Kiss My Name". Opmerkelijk was ook het lang uitgesponnen "Shake That Devil", een zeldzaam echt uptempo jazzy moment waarin ook zijn groepsleden zich vocaal mochten laten horen: atonaal toeterende sax, stevige drums, zoemende cello op de achtergrond. Het is het soort uitstapjes dat Antony zich op volgende platen meer zou moeten permitteren.

Een mooi hoogtepunt is "Fistfull Of Love", waarin de groep "Satellite Of Love" scandeert, als een eerbetoon aan Antonyvriend Lou Reed die de plaatversie inleidde. Het ingetogen "Another World" (Antony op zijn groenst) is al even hartverwarmend. Ook "Aeon" lijkt aanvankelijk mooi te beginnen, maar wordt door holle bombastische drums de vernieling in gemept. "Misschien", denk je op zulke momenten, "is slagwerk toch niets voor Antony."

Bissen "Criple And The Starfisch" en "Hope There's Someone" bevredigen uiteindelijk de zucht van al wie kwam om ouder werk te horen. Het is echter met gemengde gevoelens dat we naar huis worden gestuurd. Ja, 't was best oké, maar als we iets degelijks willen, gaan we wel naar Lenny Kravitz kijken. Van Antony hoop je toch minstens op een béétje bezieling.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

2 + drie =