Kosheen :: “We zijn in een kleine club begonnen en dat hoor je nog altijd”

kosheenint1.jpgDecoder, aan het eind van de jaren tachtig nog gewoon
Darren Beale, speelde in zijn late tienerjaren bij een punkgroepje,
maar ervoer daarbij na enkele jaren nog maar weinig bevrediging. In
het bruisende uitgaansleven van Bristol nam Geoff Barrow (die later
mister Portishead zou worden) hem onder zijn vleugels en wijdde hem
in in de electronica. Dit geluid beviel Beale meer en dus begon hij
de lokale raves af te schuimen. Het was daar dat hij Markee
tegenkwam, die gefascineerd was door het opkomende
drum’n’bass-genre. Ze begonnen samen te draaien en uit deze
samenwerking ontstond Kosheen.

De Bristol scene was in de eerste helft van de jaren
negentig een onmisbare schakel in de muziekindustrie en deed onder
meer dienst als de geboorteplaats van de triphop. Ongetwijfeld een
inspirerende omgeving.

Markee: Het was een wirwar van bands en clubs, maar er was
een heel sterke sceneEr wordt nog steeds veel goede muziek gemaakt.
Je kan er ook voor alles terecht: er is een dance-circuit, maar ook
een stevige rockscene.
Darren: En het speelt zich ook niet af in van die grote
hallen, maar in kleine clubs waar je echt nog voeling met het
materiaal kan hebben. Er is nog steeds dat underground-sfeertje,
dat maakt het zeer speciaal.
Markee: Midden daarin zijn wij met onze kleine club
begonnen en ik denk dat je dat nog altijd hoort.
enola:
Hoe hebben jullie temidden van al die drukte Sian in het vizier
gekregen?

Markee: Zij kwam vaak naar de club waar wij draaiden en
dat net op het moment waarop wij eraan dachten om een band te
beginnen. Op die manier is de bal wat aan het rollen gegaan en is
eigenlijk van het een het ander gekomen. We hadden al een paar
stemmen horen passeren, maar bij haar viel alles eindelijk op zijn
plaats.
Darren: We wisten dat we een stem nodig hadden. Sian voegt
dan ook enorm veel toe aan de songs. Wij maken de onderlaag en
daarop schrijft zij de woorden, waardoor die een heel andere
betekenis kunnen krijgen.
Markee: Ze heeft een geweldige stem die ook het gevoel van
onze muziek reflecteert. Die is vaak zeer diep, donker en
melancholisch.

Een speciaal geval, die Sian. Op haar zestiende trok ze de deur
van het ouderlijk huis achter zich dicht om naar Cardiff te
verhuizen, waar ze het geld van verschillende jobs samenlegde om de
raves te verkennen. Net op het hoogtepunt van deze hype, raakte ze
zwanger en werd het tijd om zich te heroriënteren. In plaats van
rond te hangen in het artificiële clubcircuit, ontwikkelde ze een
passie voor de natuur. Met haar zoontje Yves engageerde ze zich
voor ecologische protestacties en ging ze zelfs in een tipi wonen,
diep verscholen in het woud van Brechfa. Haar vrije tijd vulde ze
met songwriting. Aanvankelijk puur als een hobb,y want als zangeres
zag ze zichzelf allerminst. Daar kwam verandering in toen ze na
haar terugkeer naar de bewoonde wereld de dj’s Decoder en Substance
leerde kennen en ze samen aan het debuut van Kosheen begonnen te
werken.

enola: ‘Resist’ was een zeer gevarieerde plaat, maar vooral ‘Hide
U’ en ‘Catch’ sprongen in het oog en groeiden uit tot ware
dancefloor-anthems. Stonden die singles niet in de weg om ook die
andere kanten van Kosheen te leren kennen?

Darren: Ik denk het niet, die nummers hebben mensen
misschien aangezet om het album te kopen, waardoor ze ook ons ander
materiaal ontdekten. In deze tijden van internet kan je zo
gemakkelijk previews daarvan vinden dat ik denk dat het nooit echt
voor negatieve verrassingen bij aankoop kan zorgen. Vroeger kon die
onzekerheid er wel zijn: je hoorde op de radio een leuke track,
haalde het album in huis en dan bleek de plaat gewoon rommel te
zijn op dat ene nummer na. Ik geloof niet dat zoiets zich nog vaak
voordoet. Recent kwam daar dan nog eens iTunes bij, waar je gewoon
een aantal tracks kan aankopen die je aanstaan. Je kiest gewoon de
muziek eruit die je zelf leuk vindt.
Markee: Veel bands hebben die ene hit en dan een reeds
afkooksels daarvan. We doen er alles aan om dat tegen te gaan: een
nummer moet voor ons eerst een zekere kwaliteit halen alvorens het
op het album geraakt. We haten het wanneer bands enkele goede
singles releasen en die dan met zwakkere songs aanvullen. Elk
nummer moet ook een uniek element hebben, een eigen sound, een
eigen karakter. Tussen alle electronica in kan er zo bijvoorbeeld
ook eens een akoestisch nummer opduiken.

enola: We hoorden dan ook een hele waaier aan invloeden:
electronica, drum’n’bass, house maar ook rock, pop, jazz en
blues.

Darren: We appreciëren allemaal verschillende genres en
zijn zeer open-minded op muzikaal vlak. Dat heeft ons ook enorm
geholpen.

enola: Van een open geest gesproken: jullie coverden in die
periode zelfs Kylie’s ‘Can’t Get You Out Of My Head’ bij een bezoek
aan BBC’S Radio 1.

Darren: Dat was geen keuze van onszelf hoor. Als je die
show doet, moet je nu eenmaal zo’n cover doen, dat is een gimmick
die ze gebruiken.
Markee: Travis hebben ze zelfs ‘Baby One More Time’
aangesmeerd. Bij ons was de tactiek waarschijnlijk ook iets te
nemen dat zo ver mogelijk van ons geluid afligt: heel poppy, heel
vrolijk.

kosheenint2.jpgTer promotie van ‘Resist’ trok Kosheen de baan op om de
plaat live voor te stellen en zo ook komaf te maken met de gedachte
dat een dance-act zijn materiaal maar moeilijk op het podium kan
overbrengen. Na een uitputtende tocht trokken ze opnieuw de studio
in met als resultaat ‘Kokopelli’. Een heel andere plaat dan
‘Resist’: intiemer, persoonlijker, donkerder en vooral meer
gitaargericht.

enola:
‘Kokopelli’ zorgde voor een verrassing: het werd meer een
rockplaat.

Markee: Inderdaad, alhoewel ik het eerder een
live-gerichte plaat zou willen noemen.
Darren: Dat komt door de context: we waren veel onderweg,
constant aan het touren om ‘Resist’ te promoten en hadden weinig
tijd om aan de opvolger te werken. In onze vrije uurtjes besloten
we er ons dan maar aan te zetten en zo is dat geluid
ontstaan.
Markee: Hoewel we er met nummers als ‘Wish’ en ‘Recovery’
toch ook nog enkele zeer duistere elektronische songs
tussengestoken hebben. De rest hebben we gewoon zeer sober
gehouden: veel van die nummers beginnen met een akoestische
gitaarbasis, maar vervolgens zetten we er meestal enkele lagen
over.
enola:
We hoorden opnieuw meer gitaren. Nochtans, Darren, toen jij uit je
punkband stapte deed je dat omdat je de gitaar net kotsbeu
was.

Darren: Ik was alles daar wel wat beu, maar mijn grootste
vijand was de godverdomde drummachine die we hadden. Het was mijn
eerste kennismaking met een elektronische inbreng, maar dat ging
meteen verschrikkelijk fout. Toen we opkwamen, hoorde we de
welkomsttune ervan nog weerklinken en vanaf dan gaf het ding
constant de verkeerde maat aan. Op het podium hoorde je steevast
één van ons roepen: “Fix the fucking drum!”. Later kreeg ik een
fourtrack waarop ik de drummachine opnam om er dan zelf mee aan de
slag te gaan. Dat was de basis voor de mixing die ik later met
Markee in onze eigen studio zou doen, maar het was een
onvoorstelbare leerschool.

Na de release van ‘Kokopelli’ hervatte de groep het touren,
maar hoewel zo nu en dan al een nieuw nummer in de setlist opdook,
bleef het wachten op de release van de derde plaat. Net toen we
dachten dat we Kosheen stilaan mochten begraven, werd begin dit
jaar Damage
aangekondigd.

enola: Op dit nieuwe album hebben we vier jaar moeten wachten,
hebben jullie Kosheen even in de koelkast gestoken?

Markee: Het heeft een hele tijd geduurd, hoewel dat niet
helemaal de bedoeling was. Het album was eigenlijk al een tijdje
klaar voor het uitgebracht werd. Het was wel een aangename periode,
aangezien we aan een minder waanzinnig tempo moesten werken. Het
was minder intens; vroeger schreven we terwijl we continu aan het
touren waren. Dat was heel hectisch: we waren constant van huis.
Dit rustiger werktempo was dus best een fijne verandering.

enola: Damage bevat opnieuw
meer dansbaar materiaal. Een bewuste terugkeer naar de
roots?

Markee: Dat is nu eenmaal onze sound en zo is het altijd
geweest. Daarom werden we opgepikt en dat zijn we niet vergeten. Op
de tweede plaat hebben we daar bij de meeste tracks geen klemtoon
op gelegd. Maar de beats in combinatie met Sians stemgeluid, dat is
nu eenmaal Kosheen en dat wilden we bij deze nog eens in de verf
zetten.

enola: Is het niet moeilijker om deze tracks live te
brengen?

Darren: Niet echt, we voegen steeds wel een live-element
toe om het te laten werken. In de studio zullen we voor de
drumpartijen bijvoorbeeld naar mechanische beats overschakelen,
maar live worden die drums dan gewoon gerestaureerd. Markee neemt
on stage ook de gitaarpartijen voor zijn rekening. Voor de eerste
plaat was het nog wat zoeken om die vertaling te maken, maar
ondertussen hebben we er onze draai in gevonden.
Markee: Maar in wezen blijven het natuurlijk wel
dansplaten en dat onthouden we maar al te goed. De sound wordt wel
aangevuld op het podium, maar de essentie mag daardoor niet
verloren gaan. Het komt allemaal samen tot één harmonisch
geheel.

enola: De lyrics hebben wel een evolutie doorgemaakt en klinken nu
persoonlijker dan ooit. Ze zijn steevast tot iemand gericht, maar
de relaties baden in verschillende sferen: nu eens klinkt het
liefhebbend, dan weer afwijzend. Hebben jullie een bloemlezing uit
verschillende levensfasen gemaakt?

Markee: Zoals gezegd maken wij muziek die vaak al een
emotioneel melodisch sfeertje bezit en het is aan Sian om daarop te
reageren. Beide componenten zijn heel belangrijk en moeten samen
kunnen gaan. Er zitten heel veel elementen in uit onze persoonlijke
levens, maar tegelijkertijd moet het ook allemaal herkenbaar
blijven voor de luisteraar, er moet een verbinding gelegd kunnen
worden.
Darren: Op deze plaat staan nog enkele nummers die ten
tijde van ‘Resist’ geschreven zijn, maar daar niet in te passen
waren en ook de tweede plaat gemist hebben. Daarnaast zit er ook
materiaal tussen dat recenter neergepend werd.

enola: Na het lange wachten kregen de fans onlangs goed nieuws te
horen: ik las pas enkele dagen na de release van Damage op het
internet dat er al een vierde plaat in de maak is.

Darren: Dat is dan een andere kant van het internet he;
dingen gaan er een eigen leven op leiden. Het is ongelooflijk hoe
snel dat gaat. Dat gerucht is gebaseerd op iets wat we tijdens de
tour in Polen zeiden in een interview, maar verkeerd
geïnterpreteerd werd. We werken constant aan nieuw materiaal, maar
blijven daar vaak ook lang aan sleutelen. Vaak wordt een oude track
opgerakeld om te zien of die zo bewerkt kan worden dat hij in te
passen valt tussen het materiaal waaraan je op dat moment bezig
bent. Zo hebben we ondertussen nog wel een mooie voorraad van songs
die constant gereviseerd worden en ooit wel nog eens zullen
opduiken.
Steeds naarstig bezig dus; zo horen we het graag!

Damage is
uit bij Moksha / Universal.
Kosheen kan je deze zomer nog aan het werk zien op de Lokerse
Feesten (11 augustus) en op Marktrock (12 augustus).

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

negentien − 1 =