Derf Backderf :: Kent State – Vier doden in Ohio

Derf Backderf is goed op weg een van de niet te negeren chroniqueurs van het leven in de VS ten tijde van de tegencultuur te worden. Na boeken als Punk Rock & Trailer Trash en Trashed focust de auteur nu op de schietpartij aan Kent State University in Ohio, waar de nationale garde 50 jaar geleden vier vreedzame demonstranten doodschoot.

30 april 1970. Richard Nixon, net iets meer dan een jaar president van de VS, kondigt via een televisietoespraak aan dat de strijd tegen de communisten in Azië opgevoerd wordt. Versta: de Vietnamoorlog escaleert en Amerikaanse troepen zijn nu ook actief in Cambodia. De aankondiging laat jong Amerika niet onberoerd. In tegenstelling tot bij eerdere oorlogen die het land uitvocht, wordt de strijd immers niet gestreden door een beroepsleger, maar kan eender welke jongen onder de wapens geroepen worden. Of beter: eender welke jongen die niet over de juiste connecties beschikt of de trukken van de foor kent om onder zijn vaderlandse plicht uit te komen. Derf laat niet na er fijntjes op te wijzen dat ene Donald Trump tot viermaal toe uitstel verkreeg alvorens medisch ongeschikt verklaard te worden vanwege een hielspoor.

Dat beleid zorgt er voor dat een hele generatie de toekomst met angstige ogen tegemoet kijkt. Angstig, én kwaad. Anti-oorlogsprotest is dan ook wijdverspreid, zekere op universiteitscampussen, zoals in Kent State.

Vier dagen na Nixons toespraak zal de situatie op Kent State zodanig uit de hand lopen dat de opgeroepen Nationale Garde met scherp op de demonstranten vuurt. Het resultaat: vele gewonden en vier dode studenten. Hoe is het zo ver kunnen komen? Het studentenprotest aan de universiteit was niet noodzakelijk brutaler of gewelddadiger dan elders. Backderf voerde een onderzoek naar wat er tijdens die lentedagen gebeurde en verwerkte het in een indrukwekkende turf die net zoveel zegt over het Amerika van vandaag als dat van een halve eeuw geleden.

Tijdens het lezen van Kent State lijkt het namelijk meer dan eens dat je een boek over 2020 in handen houdt. De protesten van toen werden weliswaar om niet helemaal dezelfde redenen gevoerd als wat de betogers vandaag in de VS drijft, maar de grondoorzaken zijn nagenoeg dezelfde: of het nu zwarten zijn die eisen dat hun leven telt, of studenten die zelf willen kiezen of ze al dan niet hun leven offeren: de existentiële basis is dezelfde. En de muur van macht waarop beiden botsen evengoed. Een gemilitariseerde politie vandaag, een stel militairen in Kent State: telkens zet het overheidsapparaat een buitenproportioneel machtsinstrument in om de eigen burgers kalm te houden, daarbij gesteund, en aangevuurd, door een segment van diezelfde burgers dat opgejaagd wordt door angstgevoelens.

Backderf laat stap voor stap zien hoe het gebeuren pijlsnel escaleert.We volgen zowel studenten als gardisten, hoge omes in de universiteit en het leger en zien hoe de ene foute beslissing op de andere volgt, waarna, nog voor het bloed van het asfalt gespoeld is, de paraplu’s open gaan en het handen in onschuld wassen een aanvang neemt. Door, na de uitgebreide voetnoten en verantwoording, een korte epiloog toe te voegen die gebaseerd is op de fameuze opnames die Nixon in het Witte Huis liet maken, legt Backderf het totale cynisme van de Amerikaanse president bloot, waarmee de auteur in een klap, al dan niet bewust, een verklaring geeft voor zijn eigen anti-autoritaire ingesteldheid. Het is immers bijzonder moeilijk om na een dergelijk relaas nog enig vertrouwen te schenken aan een machtsinstelling.

Dé troefkaart van Kent State is dat het zowel de tegencultuur als de macht op een menselijke manier aan de lezer presenteert. Er wordt duidelijk gesympathiseerd met de demonstranten, maar Backderf toont tegelijk dat de leden van de garde niet noodzakelijk monsters zijn, dat er mensen van vlees en bloed schuil gaan achter de angstaanjagende militaire gasmaskers.

De punkachtergrond van Backderf, die al aan bod kwam in zijn eerder werk, komt in dit in het pré-punk/late hippie-tijdperk gesitueerde boek vooral tot uiting in de heerlijke zwart-wittekeningen die een dynamische rock-‘n-roll uitstraling hebben. Daarbij wisselt Backderf op treffende wijze vaak van visueel standpunt, zodat het 250 pagina’s tellende boek een behoorlijke vaart krijgt.

Backderf mag ondertussen een prille zestiger zijn, de auteur en zijn werk lijden absoluut niet onder zijn leeftijd. Kent State is met voorsprong het meest indrukwekkende boek dat Backderf al publiceerde. Het boek is niet alleen een must read voor wie fan is van de man zijn werk, maar net zo goed voor wie inzicht wil krijgen in een afschuwelijk onderdeel in de recente geschiedenis van de VS.

1 REACTIE

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

4 + 10 =