Charlotte Gainsbourg :: IRM

In 2007 kroop Charlotte Gainsbourg door het oog van de naald toen ze na een hersenbloeding geopereerd werd in Parijs. Niet alleen overleefde ze de bloeding en operatie, ze kwam er ook zonder blijvende letsels uit. Niet veel later hervatte ze haar acteercarrière (o.a. in Antichrist) en toog ze aan het werk voor een opvolger van het gesmaakte 5:55, het album dat ze samen met Air opnam.

Hoewel de samenwerking met Air voor beide partijen meer dan voldoening schonk, koos Gainsbourg voor de opvolger voor Beck (Hansen), die net als Air zowat alle nummers en teksten aanleverde. Maar waar dit bij 5:55 tot een duidelijke Air-plaat leidde, met nog meer Serge Gainsbourg-hommages dan op het eigen werk, klinkt IRM niet als een “typische Beck-plaat”. Een belangrijke reden hiervoor is dat Beck zelf zich nooit tot een enkele stijl of typisch geluid bekend heeft.

Net als Air lijkt Beck terug te grijpen naar een Frankrijk van de jaren zeventig dat onvermijdelijk verbonden is met “papa Gainsbourg” zoals de verstilde ballade “In The End” uitvoerig bewijst met behulp van lichte percussie en een bepalende slome baslijn. Ook de zachte ballade “Time Of The Assassins” plaatst zich in deze periode, zij het dat ditmaal een akoestische gitaarlijn de basis van de song vormt. “Le Chat Du Café D’Artiste” heeft dan weer duidelijk te lang met een gebroken hart aan de toog van het café gehangen.

Het rijkelijk met strijkers beladen chanson had niet misstaan op 5:55, net zo min als de eerder vermelde songs of het lome “La Collectioneuse”, met zwaar aangeslagen pianotoetsen en de bijna onvermijdelijke baslijn. Een belangrijk verschil met de “Air-plaat” is evenwel dat Beck veel minder zijn eigen stem doordrukt en zich vooral laat leiden door Gainsbourg. Dat hij hiervoor niet alleen naar de jaren zeventig moet teruggrijpen, bewijst het naar jaren zestig bubblegumrock knipogende “Heaven Can Wait” waar Beck en Gainsbourg met elkaar in duet gaan.

Ook het stevig rockende “Trick Pony” voelt zich hier thuis, met Gainsbourg als rock-‘n-roll chick van dienst. Bij het nonchalant struinende “Dandelion” en het uptempo “Master’s Hand” (een sterke albumopener) valt die tijdreferentie weg en komt Becks voorliefde voor kruisbestuivingen volop tot uiting. Een keuze die in het geinige “Greanwich Mean Time” en het rollende “Voyage” tot geslaagde experimenten/songs leidt en Gainsbourg wegvoert uit de schaduw van haar ouders en de voor de hand liggende Franse chansontoetsen.

In de titeltrack “IRM” (de Franse afkorting voor MRI) wordt voor een meer experimenteel geluid gekozen dat in zijn repetitieve drumpatroon en logge baslijnen dichter aanleunt bij krautrock, al weet Beck te weinig met de track aan te vangen om het potentieel van het nummer waar te maken. Dan is “Me And Jane Doe” te verkiezen, waar echo’s van Animal Collective en Caribou uitstekend passen binnen het Beck/Gainsbourg-universum. Het is binnen die wereld dat ook de tegendraadse rocksong “Looking Glass Blues” zichzelf kan zijn en nogmaals aantoont dat Gainsbourg niet alleen binnen een jaren zeventigsetting als zangeres kan schitteren.

5:55 was en is een knap album waarop de zangeres Charlotte Gainsbourg opnieuw om het hoekje komt piepen en zich kennen laat als de dochter van haar vader. Haar achtergrond enerzijds en de samenwerking met Air anderzijds konden niet anders dan tot dat ene specifieke geluid leiden. Ook Beck ontsnapt er niet aan en plaatst verschillende songs binnen dat kader. Maar in tegenstelling tot Nicolas Godin en Jean-Benoît Dunckel weet Beck die “beperking” te overstijgen en dompelt hij Gainsbourg onder in een ruimer muzikaal bad.

IRM is de opvolger van 5:55, maar laat ook horen dat Gainsbourg tot meer in staat is. De verschillende stijlen en keuzes geven de plaat bij de eerste luisterbeurten weliswaar een grilliger karakter maar bieden aan Gainsbourg ook een ruimer muzikaal palet, eentje waarmee ze moeiteloos aan de slag gaat. Een nieuw album met Beck behoort tot de mogelijkheden, maar nu Gainsbourg bewezen heeft meer aan te kunnen, zou ze voor haar volgende plaat opnieuw met een andere artiest in zee moeten gaan. Aan IRM valt niets te verbeteren.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

10 − 7 =