Daniel Johnston + John Dear Mowing Club + Soy Un Caballo



Vooruit, Gent, 7 november 2008

In
2011 zou de film over het leven van Daniel Johnston in de zalen
moeten draaien. In Gent konden we de echte, nog steeds
manisch-depressieve Johnston, aan het werk zien. De stijlvolle
theaterzaal bleek een ideale, warme plaats om Daniel te ontvangen.
Al gold dat iets minder voor het voorprogramma.

We hebben al een aantal keer op enola laten vallen dat Soy
Un Caballo
een van die Waalse indiebands is die je best in
de gaten houdt. Het duo Aurélie Muller en Thomas Van Cottom zag hun
breekbare melodietjes op dat grote podium jammer genoeg grotendeels
verloren gaan. De afstand tussen het publiek en hun warme creatie
van gitaargetokkel, clicks, bellen en ander speelgoed bleek te
groot om van een memorabel voorprogramma te kunnen spreken. Je
nodigt ze best nog eens uit in uw living voor een herkansing.

John Dear Mowing Club had gelukkig minder
problemen om de afstand te overbruggen. Het Nederlandse drietal
rees op uit de assen van Smutfish, dat Johnston twee jaar geleden
in Brussel mocht begeleiden en bracht ons met hun alt.country en
americana een aangename set met een fikse dosis animo en gevatte
lyrics. Frontman Melle de Boer ruilde de piano, akoestische en
elektrische gitaar af op songs als ‘The Hole in the Heart’ en ‘The
Limousine Song’ met echo’s van Neil Young tot gevolg.

Uit een omstreden editie van een Belgisch weekblad blijkt dat
Daniel Johnston niet meer wist in welk land hij
het interview aan het geven was. Een Daniel Johnston-show is dan
ook geen impulsief gebeuren maar een duidelijk afgelijnd geheel,
waarin zijn lyrics mooi in de juiste volgorde zitten en zijn
begeleidingsband Johnston goed moet aanvoelen. John Deer Mowing
Club slaagde erin Johnston op een correcte manier te begeleiden,
zonder de aandacht naar zichzelf te trekken.

Daniel slofte op het podium in zijn slobbertrui en trainingsbroek
en begon alleen aan zijn set, waarin hij zelf vijf nummers op piano
of een kleine elektrische gitaar begeleidde. “I guess you tried
your best to make a fool out of me / Now I just wanna see you
die
,” zong Johnston bovenop zijn repetitieve piano-aanslagen.
Ook bij zijn nieuwere songs bleven de thema’s afwijzing, verlangen
naar liefde, psychologische pijn en herwonnen mentale energie
dominant. Dat alle songs slordig tot stand kwamen, vergrootte enkel
het gevoel van medelijden maar ook medeleven dat iedereen in de
theaterzaal van bij het eerste nummer deelde. Toch is dit
(hopelijk) niet de hoofdreden waarom toeschouwers voor zijn
optredens zo enthousiast reageren want de man weet duidelijk hoe
een sterk popnummer te schrijven en zou dit nog verschillende malen
bewijzen.

Het bekendere werk kwam er na de onderbreking, waarin zijn
Nederlandse begeleidingsband voor de ‘rock’ in rock-‘n-roll zorgde.
‘Rock this Town’ was in al zijn stevigheid een groot contrast met
zijn solonummers, maar John Dear Mowing Club kon het ook veel
subtieler zoals in publiekslieveling ‘Casper the Friendly Ghost’.
Met het pakkende ‘Hey Joe’ kwam snel een nieuw hoogtepunt,
opgevolgd door de stevige Beatles-cover ‘Help!’. ‘Rock n Roll/EGA’
was een schitterende afsluiter van zijn reguliere set, om nog twee
keer terug te komen voor het mooie ‘True Love Will Find You In the
End’ (met kerstwens voor alle aanwezigen!) en het korte a capella
gebrachte ‘Devil Town’.

Daniel Johnston zorgde in Vooruit eens te meer voor een erg vreemde
avond. Enerzijds blijf je als kijker op afstand omdat alles zo
mechanisch lijkt. Anderzijds zorgt zijn fysieke toestand en het
gevoel waarmee hij zijn erg persoonlijke nummers brengt voor een
rollercoaster aan emoties. Als je één ding over het optreden kan
zeggen, dan komt ‘uniek’ wel heel erg in de buurt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

20 − 15 =