Schrijven dat Sylvie Kreusch zeer populair is, is een open deur ter grootte van een garagepoort intrappen. Sinds het begin van haar solocarrière in 2021 gaat het de Belgische zangeres, die mode, theatrale performance en steengoede muziek haast achteloos combineert, voor de wind. In een uitverkocht OLT bewees Kreusch met een wervelende show dat ze die status ten volle verdient.
Dat begon al met een vlekkeloos gespeeld “Daddy’s Selling Wine in a Burning House”: de zeskoppige band, de helft handig geïnstalleerd op een verhoog op het podium, speelde een mooie intro op piano en folkgitaar en hup, we waren vertrokken voor een concertervaring om u tegen te zeggen. Kreusch, gekleed in een opvallende paarse jurk met gigantische pofmouwen spoorde in het op een stevige baslijn leunende “Shangri-La” haar muzikanten aan en leek haast over het podium te zweven. In het wat meer uptempo “Let it All Burn” onderbrak la Kreusch de song om het publiek tot applaus aan te manen – wat het maar al te gewillig deed.
En de bindteksten? Die kon je op de vingers van één hand tellen. Een kort maar welgemeend “Dank u” kon er nog net vanaf. Maar hey, als je kan leunen op twee platen tjokvol heerlijke muziek, hoef je heus niet je halve levensverhaal op een podium te vertellen, de songs spreken voor zich. En die waren om van te snoepen, jawel. Regelmatig een a capella intro. Veel zijdezachte gitaren. Maar liefst twee drummers. Bloedmooie keyboardpartijen van Nina Kortekaas en Emily Vernaillen.
Helaas brak halverwege het concert de regen los en zwaaiden de paraplu’s als volgroeide paddenstoelen fluks open. Gelukkig was er net dan de succulente doorbraakhit “Walk Walk”, met Kreusch die met uitvergrote gebaren haast als een sjamaan over het podium leek te dartelen. “Zijn er kleine heksjes hier?” vroeg de zangeres vervolgens; een ideale aanloop voor het uiterst theatraal gebrachte, nogal bombastische “Haunting Melody”. Niet getreurd: een song en vele regendruppels later speelde Kortekaas een pracht van een intro voor het op plaat ook al bloedmooie, hypersensuele “Wild Love”. Vernaillen soleerde dan weer uitmuntend in “Belle” met een partij die sterk deed denken aan het orgeltje van The Doors in “Riders on the Storm”; een compliment dat kan tellen.
Voor de eindsprint trok Kreusch logischerwijs haar vat grootste hits open en spoorde ze het publiek aan tot dansen. Niet moeilijk met absolute evergreens als “Sweet Love (Coconut)” en, het laatste nummer in de reguliere set, “Ding Dong”. Yep, dit was een meer dan geslaagd feestje, en dus was het applaus voor meer muzikale zoetigheden haast vanzelfsprekend. Voordat Kreusch en haar excellente muzikanten aan de bisnummers begonnen, vertelde de toetseniste nog dat dit concert de voorlaatste van 125 shows was en dat ze het volgende nummer opdroeg aan haar oma die in het publiek zat. Kreusch zelf was zichtbaar tevreden dat de overal aangekondigde heftige storm toch niet had plaatsgevonden in Deurne – enkel af en toe verzengende regen.
“Comic Trip” knalde in die bissen als nooit tevoren, maar tegen dan hadden wij al lang onze conclusie klaar. Kreusch mag qua eigen songs componeren dan misschien wel een laatbloeier zijn – een mooie verklaring voor het feit dat ze eerst jarenlang zong in bands als Soldier’s Heart en Warhaus – haar solocarrière schiet al jarenlang doorheen het plafond. En jawel, ze kan die populariteit moeiteloos bevestigen met een uitgekiende show waarbij zowel de ogen als de oren weldadig gemasseerd worden. Hopelijk kan ze dit torenhoge niveau blijven volhouden.




Ik was niet op het optreden, helaas, maar deze recensie doet het optreden herleven.
Sorry, ik heb een voorliefde voor deze recensent die elke keer weer super goede teksten schrijft! Knap!