El infinito en un junco, zo klinkt de Spaanse titel van het als Papyrus vertaalde boek van Irene Vallejo. Auteur van twee romans en kinderboeken, alsook wekelijks columniste in El PaÃs en Heraldo de Aragón: in eigen land is de schrijfster verre van onbekend. Daarbuiten was haar werk tot voor kort nauwelijks vertaald, maar daar komt momenteel verandering in. De vertaalrechten voor Papyrus werden immers in meer dan dertig landen verkocht. Niet slecht voor een ‘internationaal debuut’…
Onder ingewijden binnen het Nederlandse taalgebied werd Papyrus na het verschijnen meteen opgepikt. De ondertitel Een geschiedenis van de wereld in boeken expliciteert de intenties van de auteur: vanuit de historische ontwikkeling en positie van het boek iets wezenlijk vertellen over de loop der geschiedenis en over de impact van de overlevering op hoe literatuur vandaag ervaren wordt.
Vallejo studeerde klassieke literatuur en dus geen geschiedenis, wat maakt dat haar boek zich grotendeels in de Oudheid situeert. In die optiek is de ondertitel misschien wat misleidend, want de focus verschuift bij het vorderen van de pagina’s niet naar een meer recente epoque. Dat is geen regelrecht manco, want Vallejo is gepassioneerd genoeg om haar relaas ongeveer 500 bladzijden intrigerend te houden. Ze verstaat immers de kunst om linken te zoeken met de realiteit vandaag, waardoor het anekdotische register steeds raakt aan een diepere filosofische context. De positie van de vrouw in de kunsten, het gebruik (of misbruik?) van taal in de politieke sfeer, de vraag naar de morele rekbaarheid en het maatschappelijke draagvlak voor parodie en persiflage: het zijn thema’s die de actualiteit beroeren en door Vallejo vanuit een historisch perspectief op tafel worden gelegd.
Vallejo is weliswaar geen filosofe noch historica. De essentie voor haar is niet het ontleden van een hedendaags discours op basis van millenia-oude feiten, maar veeleer het weven van een web dat de verleden tijd met de tegenwoordige verbindt. Wanneer het gaat over de literatuur zoals die nu bestaat, zijn de Griekse en Romeinse traditie immers van doorslaggevend belang geweest – meer dan men zich vandaag realiseert, en daar tracht Vallejo met Papyrus verandering in te brengen. De eerste pogingen om kennis te preserveren voor het nageslacht, om ideeën te kopiëren en in omloop te brengen, om bibliotheken te bouwen en de overlevering te classificeren en het mogelijk te maken om aan de weg te timmeren van wat vandaag een kennisdatabank is: het belang van het noteren van de orale overlevering kan niet overschat worden, want het verzamelen en bediscussiëren van teksten is de motor geweest voor de intellectuele vooruitgang die in de eeuwen die zouden volgen almaar evidenter leek – zelfs het cliché van de donkere Middeleeuwen niet uitgesloten. Was het evident dat de mens zich tot zoiets onproductief zou laten verleiden, met onzekere resultaten? Verre van, en precies daaruit destilleert Vallejo een realistisch doch romantisch getint beeld van de omgang met het woord in de Oudheid.
Weinig in mensen werkt zo aanstekelijk als passie, en ziedaar de sleutel tot het wonderlijke boek dat Papyrus is. Toch struikelt Vallejo een beetje over het eerder beperkte tijdsinterval van haar studie, hoezeer ze ook verbanden legt naar wat later in de geschiedenis zou plaatsvinden. Hoewel het kunnen neerschrijven, bewaren en doorgeven van teksten inderdaad de bakermat is geweest voor de verspreiding van kennis en de genese van ontelbare publicaties met wetenschappelijke dan wel esthetische waarde, hebben er ook andere revolutionaire gebeurtenissen plaats gehad, die op hun beurt geleid hebben tot het scala aan bibliotheken en de wijdverspreide beschikbaar van literatuur via e-readers die er vandaag is. Behoeft elk van die mijlpalen een eigen boek? Uiteraard niet. Knip dus enkele minder fundamentele passages uit Papyrus en het resultaat is een nog fascinerender en meeslepender relaas. Hoezeer het verhalende talent en de documentaire eruditie van Vallejo ook van de pagina’s druipt, ze schrijft te gulzig. Deze internationale doorbraak is weliswaar aangenaam om lezen, maar doet geen levens op hun grondvesten daveren.



