GODDEAU PRESENTEERT :: Boston Tea Party + Phosphorescent :: 17 mei 2010, STUK

Acht jaar! Dat is bijna tien, maar nog niet helemaal, zo wisten we al toen we nauwelijks drie appels hoog waren. En dus vierde goddeau.com die verjaardag opnieuw uitbundig met een concert in het STUK, dat dit jaar een erg veelzijdig kantje had met zinderende rock van Boston Tea Party en americana van Phosphorescent.

Hoe een dubbeltje rollen kan. Vorig jaar nog waren Eline Adam en Thomas Werbrouck nog doodeenvoudige medewerkers die de goddeaubalie in het STUKonthaal bemanden, vandaag mogen ze als Boston Tea Party opwarmen. Met spitante, rauwe garagerock lukt dat aardig. Hun set-up doet dan ook wat denken aan The White Stripes: zij stampt het ritme op oude bakjes, spuwt vocaal vuur terwijl hij met scherpe gitaarstoten nijdig uithaalt.

Dat levert aanstekelijke rudimentaire rocknummers op als “Cool Kids” waarin Werbrouck zich van zijn meest Jack Whitige kant laat zien met vlammende uitbarstingen. Elders moet hij het meer hebben van een lekker gruizige sound, die klinkt als kiezels in een wasautomaat. Adams’ weinig gepolijste zang is het perfecte antwoord. Enkel een cover van Nick Caves “The Mercy Seat” — een keuze die door Adams wordt verantwoord met “Omdat zijn stem zo dicht bij de mijne ligt” (niet dus) — blijkt te hoog gegrepen en schabouwelijk. Maar laat dat een kleine smet zijn, want in het Belgische muzieklandschap is deze groep best gedurfd bezig.

Helemaal anders wordt het met hoofdact Phosphorescent. Opener “It’s Hard To Be Humble (When You’re From Alabama)” vlamt meteen een brede highway in de woestijn op. Dat de Willie Nelsoncoverplaat To Willie zijn sporen heeft nagelaten, viel al op op het vorige week verschenen Here’s To Taking It Easy, ook live maakt Mathew Houck geen geheim van zijn fascinatie voor de groten van de Amerikaanse country en rock.

Vergelijkingspunten te over. Crosby, Stills & Nash in de harmonieën bijvoorbeeld, of Neil Young in het uitgesponnen “Los Angeles”. En natuurlijk Nelson zelf, van wie hier “It’s Not Supposed To Be That Way” passeert. Houck switcht moeiteloos van het ene naar het andere, en haalt met zijn knappe ijle stem het mooiste uit de nummers, zoals een smachtend “Nothing Was Stolen (Love Me Foolishly)” nog maar eens bewijst.

Het op plaat slechts twee minuten korte “At Death, A Proclamation” wordt uitgesponnen tot een kloeke, uitgesponnen setsluiter die Phosphorescent nog eens volledig het spoor van Neil Young opstuurt. Het is een van de sterkste momenten van een al knappe set. Met een iets te lang uitgesponnen bis, weet Houck het feestje echter iets te lang te rekken.

“Dead Heart”, een oudje van op Aw Come Aw Wry uit 2005, wordt solo gebracht, en blijft pakkend. Met de band die daarna weer mag meedoen, blijft Houck echter net dat beetje te lang doorgaan om nog te boeien. Een geweldig optreden dus, maar misschien net een kwartiertje te lang. Op een verjaardagsconcert kunnen we dat echter wel hebben, en dus noteren we opnieuw dat wat ons betreft Acht Jaar Goddeau een waardig feestje heeft gekregen. Blijf ons lezen, en tot een volgende keer!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

twee × 1 =