Jan Lauwers / Needcompany :: De kunst der vermakelijkheid

Hoezo, kritiek op entertainment in het theater? Als een voorstelling ons niet meesleept of prikkelt, schiet ze haar doel voorbij.

De kunst der vermakelijkheid — Needcompany speelt de dood van Dirk Roofthooft, zo luidt de volledige titel van Jan Lauwers’ laatste geesteskind. Hierin weet een televisieprogramma de kaap van honderd miljoen kijkers te ronden dankzij haar controversieel onderwerp: de beroemde acteur Dirk Roofthooft zal live voor de camera zelfmoord plegen. Een dokter zal hem daarbij professioneel begeleiden, een sterrenchef bereidt voor hem zijn galgenmaal en het afscheid van zijn minnares zorgt voor het emotionele luik. Alles wat de mensen graag zien, heeft het programma te bieden.

De slogan "art of entertainment" hangt dan ook in koeien van lichtgevende letters in het decor. In de eerste plaats wordt daarmee het huidige televisielandschap op de korrel genomen. Hoe ver kan reality-tv gaan en hoe ver zal het nog gaan? Plaatsvervangende schaamte is entertainment geworden, en liefst van al komt er ook nog een kok aan te pas. De kunst der vermakelijkheid is in een eerste laag een geslaagde persiflage van een overgroot deel van het televisieaanbod.

Ook de menselijke drijfveer om aan een reality-programma mee te werken wordt onderzocht en bekritiseerd. Waarom draven zoveel zogenaamde experten op in reality-shows? In wat voor zinsverbijstering besliste de gewezen hoofdredacteur van De Morgen om jurylid te worden van Mijn Restaurant? En zo ook in De kunst der vermakelijkheid: waarom zet een arts zijn geloofwaardigheid op het spel? Uiteindelijk is het allemaal economie. Hoe sympathieker hij op televisie overkomt, hoe meer geld hij van de sponsor krijgt voor Artsen Zonder Grenzen. Maar heeft Dokter Dood echt zo’n nobele bedoelingen of gaat het hem toch om de dubieuze persoonlijke eer?

Naast televisie wordt ook het theater onder de loep genomen, een medium dat evengoed de stempel "art of entertainment" draagt. Alles kan, zolang het publiek maar content is. Liefst in grote menselijke drama’s met wat spektakel op scène. Bij Needcompany komt het allemaal terug. Het afscheid zorgt voor uitvergrote emoties, bij voorkeur ook uitvergroot geacteerd, maar er blijft genoeg aandacht voor de show: er wordt gedanst, moppen getapt en vol slapstick van de trap gevallen.

Daarnaast reflecteert centrale gast Dirk Roofthooft over zijn metier. Zijn personage wil niet langer acteren, want een acteur heeft geen enkele macht. Zijn personages wel, maar hijzelf is een marionet die alleen maar probeert zijn publiek te behagen. Hij verkoopt zichzelf. En zo ook doen theatermakers: ze dragen geen boodschap uit, maar verkopen een product. En daarmee zijn we bij het punt aanbeland dat Jan Lauwers wil maken.

Via het medium televisie relfecteert Lauwers over het medium theater. Dat laatste lijkt meer en meer op het eerste te gaan lijken. Theater gaat niet langer over de kunst, maar meer en meer over het entertainment. En dat heeft alles te maken met economie. Het publiek moet gepaaid worden, want anders koopt het geen kaartjes. Slechte verkoopcijfers betekenen minder subsidies, en zonder geld geen theater.

Hoe ver moet de theatermaker gaan in het entertainen van zijn publiek om zijn boodschap te kunnen verkopen? Lauwers doet het deze keer bewust niet. De kunst der vermakelijkheid is een metavoorstelling waarin alles wat naar entertainment ruikt zo snel mogelijk wordt stopgezet. Moppen worden niet afgemaakt, choreografieën niet uitgedanst. Alles hort en stoot. Publieksvriendelijk is het alleszins niet.

Nochtans is theater de kunst die moet slaan, maar ook moet zalven. Dat doet Lauwers niet. Hij zet een interessant concept neer op scène, maar weigert het te laten beklijven. Een sterk punt maakt echter geen sterke voorstelling.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

vijf + 20 =