Rogue Wave :: Asleep At Heaven’s Gate

Helder en warm als een lentezon: zo kennen we Rogue Wave al twee platen lang, en op Asleep At Heaven’s Gate is het opnieuw prijs. Met die fijn getitelde plaat zet de band opnieuw een voorzichtige stap voorwaarts.

Voorzichtig, omdat het gezelschap rond Zach Rogue vanaf de eerste noot van opener “Harmonium” uitermate herkenbaar klinkt, maar ook omdat diezelfde song laat horen dat de band zin heeft om hier en daar iets nieuws uit te proberen. Zoals een song langzaam laten opborrelen om de spanning bij de luisteraar tot het uiterste te drijven, en vervolgens — niets menselijks is het gezelschap vreemd — lekker géén climax in te lassen. In de plaats daarvan volgt wel een heerlijke flow die het nummer een sprankelend cachet geeft en je in de juiste stemming brengt voor een collectie popsongs met een hoog zondagnamiddaggehalte.

Zo is er het ingetogen “Christians In Black” dat speciaal geschreven lijkt voor een poëtische documentaire over kleine geloofsgemeenschappen, zo’n film die ondanks je reserves toch een zeker mate van sympathie oproept, vooral dan vanuit romantische overwegingen. Dat idee voert, net zoals op de vorige langspelers, de boventoon op Asleep At Heaven’s Gate en daarmee biedt Rogue Wave een mooie vorm van escapisme, een eigenschap waarmee een beetje getalenteerde popgroep zich kan onderscheiden van de mindere goden.

Op dit album gebeurt dat geregeld door bruggen te slaan die op het eerste gezicht niet evident lijken, maar dat bij nader inzien hoorbaar wel zijn: zo verzoent “Ghost” The Shins met Pixies en wordt in “Phoneytown” psychedelische rock versmolten met Belle And Sebastian. Dat in beide gevallen alleen maar de beste elementen met elkaar in contact gebracht worden, hoeft geen betoog.

Helaas zit er hier en daar ook een kleine haar in de boter: ogenblikken waarop Rogue Wave er niet in slaagt de evenwichtsoefening tussen charmant, naïef en boeiend tot een goed eind te brengen. Zo is “Like I Needed” overdreven kig en niet veel meer dan een schets die het uitwerken niet waard is. En met “Lullaby” is het gezelschap er zowaar in geslaagd in underdrive te gaan. Ergens door de song waart een schim die met een beetje moeite als een ritme te herkennen is, maar die in feite niet meer is dan gebakken lucht.

Gelukkig zijn dat uitzonderingen en compenseert Rogue Wave die miskleunen met verve door in de andere tien songs wel te laten horen tot wat voor fraais het in staat is. Luister wat dat betreft bijvoorbeeld naar sleuteltrack “Own Your Own Home”. Deze parel drijft op dezelfde atmosfeer die ook van Peter, Bjorn And John’s “Amsterdam” zo’n heerlijk nummer maakte: week gevoel in de buik en gelukzalige glimlach op het gezicht, inderdaad.

Aangezien dat gevoel overheerst bij het beluisteren van Asleep At Heaven’s Gate, kan gerust gesteld worden dat Rogue Wave het weerom gelapt heeft en een plaat gemaakt heeft die aandacht verdiend. Tenzij u liever geen muzikale begeleiding heeft bij de melancholie na het vallen van de avond aan het eind van een mooie dag. Maar dat weze dan een beslissing op eigen risico.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 + 6 =