Leonard Cohen + Martha Wainwright

Sommige
muzikanten maken het mooie weer. Niet alleen figuurlijk, maar net
zoals Sigur Rós op Werchter plots een mooie avond kreeg, zo klaarde
de hemel boven Brugge volledig op toen Leonard Cohen en zijn band
het podium bestegen voor een concert dat een hulde moest worden aan
een van de beste songschrijvers van de afgelopen decennia.
“Thanks for keeping my songs alive,” sprak Cohen ter
afscheid, maar het mag duidelijk zijn dat dat vooral zijn eigen
verdienste is.

Een
uurtje eerder moesten de vroege gasten echter nog een korte
regenbui verduren tijdens het voorprogramma van Martha Wainwright.
Op haar albums wist de zangeres ons al te overtuigen, toch
betwijfelen we of ze vanavond veel nieuwe zieltjes zal hebben
gewonnen. Dat lag meer aan de omstandigheden dan aan de zangeres
zelf. De lucht schudde zijn laatste regendruppels van de avond uit
en Wainwright moest het helemaal alleen doen, zonder
begeleidingsband. Nummers als ‘Bleeding All Over You’ en ‘Tower
Song’ (niets te maken met Cohen’s wereldnummer, wel met instortende
torens in New York, verzekerde ze ons) bleven in uitgeklede versie
best overeind, maar vergden net te veel inspanning voor een publiek
dat vooral een van de best bards van de twintigste eeuw wou horen.
Als ze op het einde in ‘Bloody Motherfucking Asshole’ nog eens de
strijd aangaat met haar demonen, lijkt niemand daar echt van op te
kijken. Een verdienstelijke set, maar we zien Martha Wainwright
liever eens terug met band in een intiem
zaaltje.

Ondertussen loopt het
Minnewaterpark goed vol, met een publiek dat dertig jaar geleden de
platen van Cohen al koesterde en ondertussen ook hun kinderen tot
de Canadese zanger kon bekeren. Volledig terecht want we kennen
niet veel singer-songwriters die nummers als ‘Dance Me to the End
of Love’, ‘Ain’t No Cure for Love’ en ‘Bird on a Wire’ in het
eerste halfuur kunnen wegstoppen en nog genoeg songs overhouden om
ook de tweede helft te vullen.

Voldoende is er al geschreven
over de reden voor deze tournee (Cohen zag het grootste deel van
zijn spaarboekje met zijn manager verdwijnen), maar al snel wordt
duidelijk dat Cohen zijn publiek geen geld wil aftroggelen. Cohens
diepe stem brengt nog steeds elke luisteraar in vervoering en hij
ziet er op zijn 72e nog potenter uit dan de meeste
vijftiger die in onze buurt staan te luisteren. Hij doet wat de
fans van hem verwachten: zijn beste songs in een perfecte versie
brengen.

Daar
zit ook de grootste zwakte van het concert. Cohen laat zich door
een uiterst professionele band omringen die elke song van een
uitgekiend arrangement voorziet, maar daardoor klinkt alles ook
zeer veilig en afgelijnd. Nooit horen we een groep die risico’s
neemt, en zeker in de eerste concerthelft, is alles net iets te
afgelikt om echt te kunnen overtuigen. Regelmatig loert de jaren 80
sound zelfs te nadrukkelijk om de hoek.

Na
de pauze slaagt Cohen er echter in om alle twijfel weg te vegen,
met een set die het ene wereldnummer aan het ander rijgt en meer
variatie bevat. Het tweede deel wordt geopend met ‘Tower of Song’,
dat Cohen zelf op keyboard brengt, samen met zijn
achtergrondzangeressen, die hij in de outro een glansrol geeft
terwijl hij zichzelf relativeert. Even later neemt hij een gitaar
ter hand om samen met band een sobere versie van ‘Suzanne’ neer te
zetten.

Vanaf dan stapelen de
hoogtepunten zich op. Cohen bewijst in Brugge dat ‘Hallelujah’ nog
steeds zijn song is, en lijkt voor het eerst deze avond echt op te
gaan in zijn muziek. Het publiek is dan al langer in vervoering, en
als hij even later ‘If you Want a Doctor, I’ll Search Every Inch of
You’ (uit ‘I’m Your Man’) zingt, stijgen verrukte gilletjes boven
het park uit. ‘Take this Waltz’ krijgt het publiek zachtjes aan het
wiegen en even later haalt onze buurvrouw zelfs de tekst van ‘So
long, Marianne’ boven om geen lettergreep te moeten missen.


Cohen
geniet zichtbaar van het respect dat hij van het publiek krijgt en
deelt het applaus met de hele band. Zo benoemt de songsmid na elke
solo muzikant en instrument, zodat de volledige band ongeveer vier
keer aan ons werd voorgesteld. Net iets te veel van het goede,
zeker in slotnummer ‘I Tried to Leave You’, waarin echt iedereen
nog een solomoment krijgt en zo het zwakste moment van de set
wordt. Dan liever ‘If it Be Your Will’, waarin Cohen het zingen
even overlaat aan zijn achtergrondzangeressen (de Webb Sisters).
Cohen kijkt glimlachend toe hoe ze zichzelf begeleiden op gitaar en
harp en voor een zoveelste hoogtepunt zorgen.

Leonard Cohen bracht in
Brugge niet het beste concert dat we ooit meegemaakt hebben, maar
toonde wel meer dan twee uur lang waarom hij een van de
belangrijkste songschrijvers van de twintigste eeuw was.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Schrijf uw reactie
Vul hier uw naam in

1 + achttien =