Banner

Parkway Drive

5 februari 2019, Vorst Nationaal

Lennert Hoedaert  - foto's: Lennert Hoedaert  - 06 februari 2019

Vijftien jaar na zijn oprichting is Parkway Drive uitgegroeid tot een van de populairste metalbands van het moment. Na een moeiteloos uitverkochte AB, passages op Groezrock, de Lokerse Feesten en een meer dan geslaagde headlinershow op Graspop bewezen de Australische surferboys ook Vorst moeiteloos aan te kunnen.

Wat een entree van frontman Winston McCall. De charismatische zanger wandelt recht door het publiek richting podium, wordt als een koning toegejuicht en deelt handjes en vuistjes uit. Vervolgens zet het gezelschap een dreigend “Wishing Wells” in van op verhoogde hydraulische platformen. Maar dat is niet het enige element dat de anderhalf uur durende show groots zal maken -- ook stroboscopen, vuurwerk en vlammen dragen bij aan het megalomane spektakel. Net als een overenthousiast publiek is ook de pyrotechnieker in bloedvorm.

Na “Wishing Wells” volgt een eveneens massaal meegezongen “Prey”. “Prey, we are all prey for the sorrow/ Prey, we are all prey for the sorrow, our sorrow”, weerklinkt het uit duizenden kelen. De donkere teksten van McCall toveren niet bepaald een glimlach op het gezicht. De band had de voorbije jaren wat persoonlijke tragedies te verwerken, zo liet de zanger verstaan in interviews. Hun grootste optredens en melodieuze sound zijn echter wel in staat om de depressieve medemens op te kikkeren.

Het publiek blijkt ook een kenner van het oudere, veel brutalere werk. Bewijs daarvan: het refrein van “Carrion” (“In a moment I'm lost/ Dying from the inside”) dat luidkeels wordt meegebruld en het enthousiast onthaalde “Idols And Anchors”, afkomstig van doorbraakplaat Horizons (2007). Jammer genoeg zijn er geen songs van het niet te evenaren Killing With A Smile (2005) te horen. Die plaat namen de Aussies op met Adam Dutkiewicz van Killswitch Engage, dat vanavond het voorprogramma mocht verzorgen. Intussen is Parkway Drive hen al lang voorbij gestoken in populariteit.

Ook “Vice Grip” en “Karma” blijven na al die jaren overeind als een huis -- onze excuses voor de clichématige uitdrukking. Het zijn loeiharde kopstoten die catchy melodieën met verwoestende gitaarriffs combineren. Met “Absolute Power”, een van de hoogtepunten van Reverence, bereikt het optreden een absolute climax. Het is hét nummer waarmee Parkway Drive een stadiongeluid, intensiteit en brute kracht overtuigend weet te combineren.

Toch zijn er enkele dieptepunten. Zo wordt het bij “Writings On The Wall” geforceerd en ietwat potsierlijk -- met dank aan vier klassieke strijkers die komen meespelen. De intro van drummer Ben Gordon lijkt verdacht veel op Queens “We Will Rock You”. “Shadow Boxing” klinkt al meer geslaagd, maar opnieuw krijgt pathos jammer genoeg de bovenhand op muzikale kwaliteit. Net voor de toegift verschijnt McCall samen met een celliste op een zijpodium, maar ook “The Colour Of Leaving” komt wat plat over.

Dan veel liever een verschroeiend “Crushed”, waarin we een groove van Rage Against Machine en Slipknot menen te herkennen. Deze keer geen kooi waarmee Gordon rondjes overkop maakt -- zie hun doortocht op Graspop -- maar wel een vlammenzee die een hoogtepunt bereikt. Ook afsluiter “Bottom Feeder” kan je gerust een Parkway Drive-klassieker noemen. Voor een laatste keer gaan de voorste regionen springen en pogoën, en gaan overal vuisten in de lucht. Maar volgende keer graag in plaats van een geforceerd klassiek deel misschien eens een “Romance Is Dead” of “Gimme AD”? Dan zal Parkway Drive live pas echt de langgerekte kopstoot zijn die we verwachten van een metalshow.

E-mailadres Afdrukken