Banner

Parquet Courts

15 november 2018, Botanique

Evert Peirens - 16 november 2018

Zo’n half jaar geleden haalde Parquet Courts met Wide Awake nog zijn tweede 9 op evenveel albums binnen bij enola en na een passage in De Kreun deze zomer stond de band opnieuw op de Belgische planken. Parquet Courts heeft live een op zijn minst wisselvallige reputatie die de studioplaten soms wat oneer aan durft doen. Op dit deel van de tour hebben de New Yorkers wel een extra stok achter deur: een eigen lichtshow.

Er loopt een opmerkelijke rode draad tussen beide optredens: in De Kreun speelde de New Yorkse postpunkband vlak na de wereldbekerfinale, in de Botanique tijdens de Nations League-wedstrijd van de Rode Duivels tegen IJsland. Net als in Kortrijk trappen A. Savage en co de set af met “Total Football”, ook de opener van de laatste plaat. Of het gezelschap op de hoogte is van die toevalligheid doet er al snel niet meer toe. Krachtig, nijdig, met een boodschap, maar toch gewoon fun: als er iets als stadionpostpunk zou bestaan, dan moet het wel dit zijn. Die baslijn ook. De kop is er af, en hoe.

Nummer twee, “Dust”, is ook zo’n meezinger -- of ja, meeroeper, allemaal samen: “Sweep!” -- die er meteen aan herinnert waarom die vorige 9 voor Human Performance wel op zijn plaats was. Zonder de aandacht te verliezen, wat anders wel eens durft voorvallen, brengt de band ons naar tweeluik “Almost Had To Start A Fight/In And Out Of Patience”, een heerlijke streep postpunk, iets dat we deze avond nog vaker zullen horen. Hier maakt de springerige twee-voor-de-prijs-van-één (net als op plaat trouwens) een triootje met het anthemische “Freebird II”, dat alweer de uitverkochte Orangerie mee krijgt.

Even de teugels laten vieren dan, met het meer relaxte “Before The Water Gets Too High”. Hoewel, relaxt: niemand kan de apocalyptische tekst -- door Savage gebracht met een toch knap geacteerde onverschilligheid -- negeren. In de song is de wereld om zeep gegaan terwijl we collectief in onze neus stonden te pulken tot het water letterlijk aan onze lippen stond. Ja, een beetje maatschappijkritiek past meer dan ooit volledig in het kraam van Parquet Courts. Dankzij een bijna gebruikelijk flets “Dear Ramona” -- nooit de beste song in het liverepertoire geweest, deze van zanger-gitarist-moptop Austin Brown -- blijft de boodschap nog langer hangen ook.

Ondertussen toch ook eens die lichshow wegschrijven. Geen traditionele stage lights deze avond, maar een batterij spots beneden vooraan die het podium constant in psychedelische regenboogkleuren tonen. Très groovy! Als er iemand in het publiek luidruchtig om “Uncast Shadow Of A Southern Myth” vraagt tijdens een songwissel, antwoordt Savage laconiek “But we’re casting shadows, see?” Het komt de sfeer best wel ten goede. Hadden ze deze opstelling maar eerder meegebracht!

Met “Master Of My Craft/Borrowed Time” krijgen we opnieuw een tweeluik voorgeschoteld -- een livetraditie lijkt in de maak. Dit is oer-Parquet Courts: “Vergeet de boodschap voor twee minuten, weg met recente invloeden van funk en jazz, we willen soms gewoon eens even rammen, mag het?” Tuurlijk dat, wij hebben vaak niet liever! Wat daarop volgt, is het onvermijdelijke mindere middenstuk van de avond, met versies van songs uit Wide Awake (“Back To Earth”, “Tenderness”) die weinig boven de middelmaat uitsteken. Wat dan weer wel werkt, des te meer zelfs, is “Wide Awake”, dat voor een klein losgeslagen feest kan zorgen.

Verder keert de tweede helft met “Berlin Got Blurry” en “Outside” nog even terug naar Human Performance, maar die eerste mist drang en verdrinkt zijn solo -- heerlijk op de studioversie, in het geluid van de hele band. Wel leuk dat we daarna nog wat ouder werk krijgen, met “Psycho Structures” en een strak “Bodies Made Of”, waarop Brown het opnieuw voor het zingen krijgt. We hobbelen naar het einde van de set met “Normalization” en een “Mardi Gras Beads”, dat, ondanks een valse start, toch opnieuw aanknoopt bij het betere werk uit de set. Als uitsmijter trakteert de groep zijn publiek nog op “One Man, No City” -- een ellenlange jam die gaat flirten met de ergernis, maar net op tijd de voeten terug op de grond krijgt zodat de heren met “Light Up Gold” nog een laatste keer kunnen vlammen. Niet kwaad om in het hoofd mee naar huis te gaan.

Parquet Courts is uitgegroeid tot een band die we zonder meer belangrijk kunnen noemen. Dat het live niet altijd van een leien dakje loopt, kunnen we vergeven, zeker als het op momenten zoals “Total Football” en “Mardi Gras Beads” echt wel raak is. Des te meer omdat de nonchalance, en dan vooral die van Sean Yeaton, voor een keer eens werkt. Zo kan ie nog wel eens een voorbeeldbassist worden. Uiteindelijk is Parquet Courts beloond voor zijn no-nonsenseaanpak: dat ze nog al zo mogen verder gaan.

E-mailadres Afdrukken