Banner

Frame Trio

28 oktober 2018, Parazzar

Guy Peters - foto's: Geert Vandepoele - 30 oktober 2018

De fijnste concertplekken zijn die waar je niet enkel gevestigde waarden kan zien die orde op zaken stellen, maar ook de aanstormende generatie die zichzelf op de kaart zet met een geluid dat in volle transformatie is. Exact een week na de opgemerkte terugkeer van freejazzicoon Joe McPhee met John Edwards en Klaus Kugel, was het in de Parazzar aan het Portugees-Belgische Frame Trio.

De band begon ooit als een 100% Portugees project, maar kreeg een nieuwe doorstart toen trompettist Luís Vicente en gitarist Marcelo Dos Reis in het voorjaar van 2017 gezelschap kregen van bassist Nils Vermeulen. Die maakt deel uit van het Gentse Kabas, een gezelschap dat een tijd geleden op tour ging in Portugal en een medestander vond in Vicente, die ook te horen was op hun dubbelaar Negen / Live at SMUP. De samenwerking tussen Vicente en Dos Reis is er eentje die nog een pak langer teruggaat. Ze vonden elkaar al in Chamber 4, Fail Better! en In Layers, gingen als duo al de hort op en brachten onlangs ook Luminária (FMR Records) uit met dit Frame Trio.

Frame Trio staat voortdurend in een stilistische spreidstand, stevig verankerd in de Europese vrije traditie van de jaren zestig en zeventig, maar ook met uitlopers richting kamermuziek, folk en hier en daar de potigheid van een band als Fail Better!. Veel heeft daarbij te maken met het gitaarspel van Dos Reis, een muzikant die altijd in beweging is, met een linkerhand die ongedurig over de gitaarhals blijft buitelen, alsof die snaren zo heet zijn dat vlugge sprongetjes maken soms de enige optie is. In combinatie met een voorliefde voor snelle tremolobewegingen zorgt het soms voor een jachtigheid die een opvallend contrast vormt met het spel van Vicente.

Die laat zich graag inspireren door jazzgiganten als Booker Little en Freddie Hubbard, maar sluit stilistisch veel sterker aan bij bedreven geluidsmanipulatoren als Axel Dörner en Nate Wooley. Vicente bedient zich niet van elektronisch gefoefel, maar varieert graag met lipspanning en ongebruikelijke technieken, waardoor het vaak geen klassieke, zuivere klanken zijn die je te horen krijgt, maar ruisende, zeurende en kreunende klankstromen. De trompet wordt zo een instrument van gehavende expressie, een geluidsgenerator voor sputter- en plofklanken die zowel excentriek als emotioneel uit de hoek kan komen. Daartussen neemt Vermeulen een al even ongebruikelijke positie in: de ene keer als lijm die de twee Portugezen aan weerskanten bij elkaar houdt, maar soms ook als derde stem in een vrije polyfonie, waarbij opvalt dat hij zowel met vingers als strijkstok beschikt over een sterke techniek -- trefzeker en vingervlug.

Het was alleszins goed voor twee compacte sets van circa 35 minuten, waarbij de eerste misschien iets meer de openheid opzocht, sneller wisselde van speelzone, met drie stemmen die voortdurend rond elkaar wentelden en het stokje aan elkaar leken door te geven. Het was musiceren op de tast, regelmatig met een pointillistische insteek of een gelijkgestemde wending die plots heel andere contreien kon opzoeken. Een mooie meerwaarde was daarbij ook dat Dos Reis regelmatig fungeerde als percussionist door de gitaar op schoot te nemen, de klankkast te hanteren als trommel en met kleine stokjes de snaren te bespelen. In het begin van de tweede set werd het ritmische aspect extra in de verf gezet door het gebruik van kurken tussen de snaren, waarmee het spectrum gevoelig uitgebreid werd. Door later over te schakelen op hardere slaggitaar en dat wat langer aan te houden, kreeg het samenspel ook een gebalde kracht.

Die werd dan op zijn beurt dan weer mooi afgewisseld met een tweede helft waarin nadrukkelijker in een bijna pastorale lyriek gedoken werd, met melodieuze gitaarmotieven die naadloos verweven werden met herhaalde basfiguren en trompetslierten die dichter dan ooit op elkaar zaten. Zo stuurden ze de abstractere openheid van de eerste set een meer traditionele, toegankelijke richting uit. Is dergelijke improvisatie doorgaans vooral voer voor liefhebbers van het vrijere werk, dan was dit iets dat vermoedelijk ook voor minder op de proef gestelde oren erg mooi zou klinken. Het was ook het zoveelste bewijs dat deze improvisatie niet alleen vrij is van opgelegde structuren, maar ook bij uitstek het vehikel om, op eender welk moment, vrij te kiezen uit een oneindig aantal opties en daar een verhaal mee te vertellen.

Dos Reis en Vicente staan op donderdag 22 november met Chamber 4 op het Brand! Festival van Kc Nona (Mechelen), dat helemaal gewijd is aan de hedendaagse Portugese improvisatie. Vermeulen speelt op 25 november met Jukwaa in Ouest (Gent).

E-mailadres Afdrukken
Tags: Frame Trio