Banner

Cat Power

26 oktober 2018, AB

Matthieu Van Steenkiste - 27 oktober 2018

Wat is het geluid van 'pfft'? Misschien wel dat van Cat Power vrijdagavond: flauwe songs, fletse uitvoeringen, nog saaiere covers. Wat Chan Marshall op haar nieuwe plaat Wanderer heeft geleerd -- dat ze nog altijd het best gedijt in alle eenvoud -- was ze nu alweer vergeten. Dit concert was er evenmin één om te onthouden.

Album nummer tien, was dat Wanderer, en ook de zoveelste heruitvinding van Chan Marshall. Vandaag staat ze er in haar lange zwarte jurk als een ouderwetse variété-artieste, en dat is met het oog op haar voortschrijdende leeftijd en songcatalogus niet eens een slechte carrièreoptie. Marshall is in de eerste plaats een zangeres, zo mag ze zich ook laten gelden. En toch werkte het niet zoals gepland.

Voor zo'n soort set heeft Marshall de band niet mee. Grijpt ze op die nieuwe plaat terug naar het spaarzame geluid van doorbraakplaat You Are Free -- enkel zij op piano of gitaar en wat voorzichtige invulling -- dan zet de driekoppige band het in de AB allemaal veel te dik aan. Vooral de drums knallen als willen ze een stadion vullen, en dat stoort elke keer als alles ietwat steviger mag, zoals in de finale van "Woman", waarin de zangeres met een tweede microfoon de bijdrage van Lana del Rey aan het oorspronkelijke nummer probeert te recreëren. "In Your Face" springt er in deze context uit, gewoon omdat het op een minder storend tablaritme drijft.

Wat ook niet helpt is een setlist die pertinent foute keuzes maakt. Marshall laat de knapste songs die ze de laatste vijftien jaar schreef links liggen, en koos een reeks songs die -- liefst op een begrafenisritme -- allen in hetzelfde sukkelstraatje blijven sjokken. En passeert dan eens een echte klassieker zoals "I Don't Blame You", dan is het als onherkenbare tekstflard in een verder weinig indrukwekkende medley waarin Nick Caves "Into My Arms" en Kate Rusby's "I Am Stretched On Your Grave" tot één jazzy torchsong worden versmolten.

Cat Power is altijd al een levende jukebox geweest, er zullen dus nog covers volgen. Nico's "These Days" krijgt een weinig opmerkelijke versie mee, "Pa Pa Power" van het obscure Dead Man's Bones is volstrekt overbodig, "White Mustang" van del Rey niet meer dan een kushandje terug. De traditional "He Was A Friend Of Mine" krijgt aanvankelijk een aardig Velvet Underground-gitaartje mee, maar eindigt ook alweer met kletsen van drums rond de oren. Dat is erg jammer; het leek even goed te komen.

En toch hangt er rond Marshall nog altijd een storende cultus. Als wij devotie willen, gaan we wel naar de kerk; de "I love you's" en ander gekrijs bij elke beweging zijn hier niettemin niet van de lucht. Een eindeloze bindtekst over de voorgeschiedenis van de AB ontaardt zonder heldere aanleiding in een opmerking over de cyborgs die we tegenwoordig allemaal zijn. U juicht. U bent raar. Power wandelt in "Manhattan" dan maar eens met de hand in de heup over de rand van het podium.

Dat laatste kwam uit Sun, die vorige plaat waarmee Cat Power zes jaar geleden heel even de mainstream kuste, want met bijna chirurgische precisie weet Marshall bijna elk van haar platen even aan te raken, en toch -- verontschuldig ons -- ráákt het niet. Het wordt moeizaam hoogtepuntjes bij elkaar harken. Het oudje "Nude As The News", bijvoorbeeld, dat ook stevig wordt aangezet, maar dat wel kan dragen. In afsluiter "The Moon" krijgen we de zangeres dan toch eindelijk zo te horen als het moet: met enkel een akoestische gitaar als begeleiding, maar dat is wat laat, zelfs al viel wat eerder, in "Me Voy" van op Wanderer, ook al eens op hoe mooi haar stem wel is. Zacht, hees en warm, is het dat instrument waar we haar ooit voor zullen herinneren. Het probleem vandaag is dat er enkel die stem was. De goeie songs, of toch de goeie uitvoeringen ervan, ontbraken. En dan is een stem alleen niet genoeg. Zèlfs niet bij Cat Power.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Cat Power