Banner

Phosphorescent

23 oktober 2018, Botanique

Matthieu Van Steenkiste - foto's: Geert Vandepoele - 24 oktober 2018

Prachtige nieuwe plaat, nog sterker optreden. In de Botanique speelden Matthew Houck en zijn band een concert dat in de annalen van de concertzaal mag: warm, genereus, en bij momenten bloedmooi. Het is wat laat voor 2018, maar 2019 zou wel eens het jaar van Phosphorescent kunnen worden.

"Dit moet de plek zijn waar ik van mijn hele leven het meest heb gespeeld. En jullie waren daar niet bij", grijnst Matthew Houck, en hij heeft een beetje gelijk. Voor het eerst vult hij immers de grote Orangerie en niet de gezellige Rotonde. Het is alweer een bewijs dat een little absence het hart sneller doet kloppen, want het was vijf jaar geleden dat hij nog eens van zich had laten horen. Wat er gebeurd is tussendoor? Ach, niets bijzonders. Houck vond eindelijk de juiste liefde, deed er dan maar een ring rond, en bezegelde alles met twee dotten -- daar twijfelen we niet aan -- van kinderen. En toen dat allemaal in orde was, maakte hij ook nog eens een plaat die alle goeds van op voorganger Muchacho bevestigde.

C'est la vie, heet die nieuwe, en ze was dinsdagavond de rode draad van een optreden dat van bij de opener spatte van de goesting. Gekkigheidje natuurlijk om meteen de vrolijke, bijna jolige single "New Birth In New England" weg te geven. Blijer en steviger heeft de voormalige treurwilg niet in de aanbieding, maar het zet wel de sfeer: Houck is meer dan een beetje gelukkig, en met een zeskoppige band rond hem heeft hij de middelen om de song precies te laten klinken zoals het moet. Het orgeltje knalt zwierig, de start-stopdynamiek wordt stevig aangedikt.

Dit is waar Phosphorescent vandaag staat: het countrygeluid van weleer is met de toevoeging van wat modernere synths een eigen hybride geworden, maar de voeten staan nog altijd stevig in de rootsmuziek. Onwillekeurig moeten we denken aan The War On Drugs, dat op gelijkaardige manier een ander, even uniek geluid ontwikkelde. We zullen Adam Granduciel nog wel eens in het hoofd krijgen. Exact op het half uur, bijvoorbeeld, wanneer we merken dat we nog maar halverwege het vierde nummer zijn: een lang uitgesponnen "The Quotidian Beast", dat wordt aangejaagd tot een geluidsstorm die al lang niets meer met Nashville te maken heeft. Het is wat Phosphorescent altijd méér maakte dan de andere sad balladeers, een rücksichtloze drang om zijn geluid te blijven verbreden.

Niet dat Houck even hard op één geluid leunt als Granduciel. Variatie is troef. "My Beautiful Boy" ronkt als de beste Neil Young-songs, in "There From Here" weerklinkt nog een echte countrytwang, in single "Christmas Down Under" moet de plastieken eightiesvibe van op de plaat wijken, al is de vocoder waardoor de zang wordt gestuurd een minder geslaagde ingreep. Houck heeft een aardige, rasperige stem, die geen robotklank behoeft; gelukkig is het een genot hoe in de laatste bocht van het nummer warme gitaren het voor het zeggen krijgen.

Dat was het eerste uur. Wanneer Houck met een solo gespeeld "C'est la vie N°2" aan de bissen begint, zitten we eigenlijk nog maar halverwege -- dat de bandleden er dus zin in hebben. Een knap "Song For Zula" is meer liefdesverdriet in één song dan een mens aankan, een zinderend "Ride On / Right One" geeft veel te vroeg zin in de zomerfestivals, en dan staat Houck er opnieuw. "We spelen nog wat, want we hebben toch niets meer te doen vanavond. En laat ons maar gewoon ophouden met dat stomme van het podium gaan en terugkeren: zolang jullie er zijn, blijven we spelen."

Een genereuze greep oud werk volgt, waarin Phosphorescent zich ontpopt tot de beste barband ter wereld. Gitaren ronken en loeien weemoedig op in "Los Angeles", elders pingelen of honkeytonken toetsen waar nodig. "Tell Me Baby (Have You Had Enough)" is mooie weemoedige rock, "Joe Tex, Those Taming Blues" is zo'n vroeg nummer dat het bijna als archeologische vondst kan tellen.

Net als je denkt dat Houck van geen ophouden weet -- de band is net van het podium verdwenen en hij geeft solo nog een "My Dove, My Lamb" mee -- komt er dan toch een eind aan. Het aangekondigde uur en een kwartier is twee uur geworden. Dit is een band die wil en kán geven, en dat ook heeft gedaan. Omdat het goed voelt. Phosphorescent zit op een hoogtepunt, en met wat geluk kan de groep het nog verder schoppen. We noteren: we hebben vanavond zin gekregen in de festivals, het is 23 oktober: een persoonlijk record. Het wordt een lange, koude winter. Gelukkig zijn er tot dan de platen van Phosphorescent.

E-mailadres Afdrukken