Banner

Daan

9 december 2006, AB

Matthieu Van Steenkiste - foto's: Anna Vanaerschot - 10 december 2006

Een nieuwe plaat, een nieuw imago: na het smetteloze witte pak van de Victory-tour keert Daan nu terug als een player, seventies-style. Het vertrouwde geluid kreeg een opsmuk met Eurosong- en andere kitschelementen, en een schalkse grijns kan hij op de planken van de AB dan ook maar ternauwernood onderdrukken.

The Player, here to fuck with our heads: in elf karikaturen schetst Daan op zijn nieuwe langspeler een beeld van zichzelf als vrouwenzot, onbetrouwbare nietsnut en een charlatan. Muzikaal wordt die lijn doorgetrokken en dikt hij zijn hele affaire met disco en kitsch nog wat aan. Een mens zou verwachten dat ook op de planken resoluut voor het grote en héél brede gebaar wordt gekozen, maar dat viel zaterdagavond nogal mee. Of tegen, naargelang de voorkeur.

Vanaf opener "Mirror" lijkt het alsof Daan live nog niet helemaal in het juiste sfeertje zit; verborgen achter zijn zonnebril houdt hij gereserveerd afstand. In Vlaanderen is het grote gebaar niet evident, en The Player heeft in zijn prille bestaan al genoeg geesten verward: het lijkt alsof Daan de zaken live niet te hard op de spits wil drijven. En dus worden quasi-variéténummers als "Vaurien" en "1969", die smeken om de vlotte heupswing van een charmezanger, uitermate serieus gebracht vanachter de microfoonstandaard.

Niet dat Daan plots voor het understatement gaat. De catwalk wordt duchtig gebruikt, en af en toe zijn de poses er. Dat zijn ook de momenten waarop alles klopt: deze muziek sméékt om theater. Dat krijgen we bij een uitzinnig onthaald "Victory" (wat blijft dat een bom) dat een blokje stevig dansen mag openen. "Adrenaline" beukt er daarna meteen stevig, in de outro van "Vaurien" mag trompettist Laurent Blondiau eens stevig loos gaan.

"Type Ex" gaat verrassend de mist in. Om de een of andere reden komen de heerlijk trancy synthriedels niet over en is enkel een monotone ritmegitaar te horen in de doffe mix. De groep worstelt zich overtuigend door de geluidssoep en er wordt opgelucht ademgehaald als in de outro dan toch iets van de kracht van het nummer terugkeert.

The Player mag dan een behoorlijk humoristische plaat zijn, tot nog toe wist Daan zijn gezicht in de plooi te houden. Dat verandert als hij aan het slot van "Addicted" een duivelse grijns niet kan onderdrukken nadat hij over the top "I AM ADDICTED TO YOU" schreeuwde. "Housewife" mag vervolgens de keet nog eens tot ontploffing brengen, want de hits zijn met dodelijke precisie over de set verdeeld en dan is het tijd voor nog wat meer euforie met "Swedish Designer Drugs" en "Jamais Neutral". Dat laatste wordt opgedragen aan de onlangs overleden filmster Philippe Noiret die meespeelde in Un Honnête Commerçant, waarvoor Daan de muziek schreef in 2002.

Met "Promis Q" — ongetwijfeld de volgende single — wordt de set met een licht orgelpuntje besloten. Het publiek zit dan al lang in de zak van de frontman, en dus mag hij nog eens opdraven voor bisnummers. "Drama" kan ons niet overtuigen, dan diept Daan uit een nog niet zo héél ver verleden een nummer op van "mijn favoriete Belgische band". "Woods" van Dead Man Ray (waar Daan zelf deel van uitmaakte) wordt hertimmerd tot een bijna industrieel aandoende stamper van formaat. Indrukwekkend.

Dit was niettemin duidelijk het begin van een tour: de nieuwe nummers zaten nog niet lekker in hun livejasje, Daan had nog nood aan tekstvellen, en occasionele geluidsproblemen gooiden nog wat extra roet in het eten. Alles zat al op zijn plaats, maar het geheel wrong nog een beetje tegen als nieuwe schoenen: inlopen is nu de boodschap. Tegen de festivalzomer is Daan live ongetwijfeld opnieuw een verschrikkelijk imponerende pletwals.

E-mailadres Afdrukken
 
Daan

Advertentie

TEST