Banner

Jukwaa & Lynn Cassiers’ Imaginary Band

24 april 2018, Handelsbeurs

Guy Peters - foto's: Geert Vandepoele - 27 april 2018

Twee Belgische bands die regelmatig het label ‘jazz’ opgeplakt (zullen) krijgen, maar zich te ver van de mainstream houden, stonden samen op het podium van de Handelsbeurs om een nieuw, ongewoon album voor te stellen.

Of dat was toch de bedoeling, want een vijfkoppig Jukwaa moest het helaas stellen zonder nieuwe release, die niet tijdig klaargeraakt was. Jammer, want het was het soort concert dat de honger naar meer aanscherpte. Jukwaa, oorspronkelijk het trio Thijs Troch (piano), Nils Vermeulen (bas) en Sigfried Burroughs (drums), heeft de beginnersfase intussen al even achter zich gelaten en is duidelijk zinnens om zijn eigen muze te volgen. Dat leidde op hun tweede album Harbinger Of Imminent Ruin tot een behoorlijk dwarse confrontatie voor gevoelige oren, maar Cushion laat weer een compleet ander geluid horen.

De klassieke improvisatie en noise zijn achterwege gelaten voor een stijl die nog steeds banden met de jazz heeft, maar net zo goed lonkt naar een introvert minimalisme of hedendaagse muziek. Zo waren deze stukken, waarvoor de hulp ingeroepen werd van Elias Devoldere (drums) en Brice Soniano (bas), geen doorsnee improvisaties, maar eigenlijk studies waarin telkens andere elementen verkend werden. Zo duurde het in de opener minuten voor het fluisterniveau overstegen werd, met voorzichtig snarengepluk, onderdrukt geritsel op vellen en cimbalen, en spaarzame spatjes piano.

Vervolgens werden elementen als textuur, ritme en intensiteit knap uitgewerkt via uiteenlopende stukken. Er zat een dromerige ballade in, waarin Troch even klonk als Masabumi Kikuchi in solo-modus, terwijl zijn kompanen op zoek leken naar een nieuwe taal. Even later leek het wel alsof de vijf samen een percussieve kermis op gang wilden brengen, met gemanipuleerde pianoklanken, pizzicatopingpong bij de bassisten en twee drummers die in de weer waren met een hele resem hulpstukken. Het resultaat: pure trance. En zo ging het verder, met een steeds verschuivende focus. Die illustreerde niet enkel de hechtheid van de band (opvallend, want voor de laat gearriveerde Soniano vond de eerste muzikale ontmoeting op het podium plaats) maar ook zijn zoekende geest en verfrissende gebrek aan hokjesdenken.

Hokjes zijn ook niet besteed aan Lynn Cassiers, die dan wel een jazzopleiding volgde, maar de vrijbuitersattitude van frequente speelpartners als Eric Thielemans en Jozef Dumoulin overnam. Via o.m. Lilly Joel, Tape Cuts Tape, Oba Loba, solowerk en projecten met levenspartner Manolo Cabras, heeft ze een referentiekader uitgebouwd dat verankerd is in de jazz, maar daar elementen van elektronica, pop, kamermuziek, vrije improvisatie en klankonderzoek binnensmokkelt. Intussen weet je dat je van Cassiers iets mag verwachten op de wip tussen de genres, wat ook nog eens bevestigd werd door deze trip met haar Imaginary Band.

Best wel een indrukwekkend rijtje namen bij elkaar, met ruggensteun van ritmesectie Marek Patrman, Manolo Cabras en Erik Vermeulen, aangevuld met blazers Niels Van Heertum (euphonium) en Sylvain Debaisieux (saxofoon) en violiste Ananta Roosens. Daarmee wordt gehint naar een wereld tussen Oba Loba en de vrijere jazz, al was het toch Cassiers die zich de lakens naar zich toetrok met een weldadige melange van stuwing en live-bricolages. De stem werd voortdurend gemanipuleerd en de kliederende elektronica leek een commentaarstem bij het gebeuren rond haar. Dat dook soms in behoorlijk broeierige sferen die, zeker in combinatie met de soms ijle stemeffecten, een lichte Twin Peaks-vibe kregen. Dwars, ontregeld, onvoorspelbaar, met een ongrijpbare weelde onder het oppervlak.

Het waren composities die duidelijk met zorg in elkaar gestoken waren, maar best wel veel vrijheid leken te bevatten en het de luisteraar niet altijd even makkelijk maakten. Vaak was dat het gevolg van een spanning tussen wat er tussen muzikanten gaande was. Zo kreeg de ritmesectie in z’n krachtige momenten soms af te rekenen met lange geluidsgolven van de anderen (of andersom), wat een effect creëerde van stilstaan en bewegen tegelijk. Hier en daar kreeg je door de grote hoeveelheid muzikale informatie ook het gevoel dat de composities soms wat inwisselbaar werden of dat het bleef bij ronddwalen, maar het zou ook wel eens kunnen betekenen dat ons hoofd nog in Jukwaa-modus stond. Gezien de hoeveelheid talent en bagage op het podium geven we het niet op. Afspraak binnenkort in een verduisterde kamer, met koptelefoon binnen handbereik.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Jukwaa