Banner

Ride

30 oktober, Botanique

Filip Hermans  - 31 oktober 2017

Like it or not: shoegaze, het destijds verguisde genre uit de prille jaren negentig dat bloedmooie melodieën en engelachtige stemmen combineerde met een granieten wall of sound is weer helemaal terug. Na prima platen en comebackconcerten van My Bloody Valentine en Slowdive speelde nu ook Ride, die derde legendarische shoegazeband pur sang, ten dans in een uitverkocht Botanique . De band tekende voor een concert als een berglandschap: ravijndiepe, soms ronduit saaie nummers maar ook een handvol absolute klasbakken van pieken.

Vergeet immers niet: we spreken nog altijd over Ride, een band die ooit na Nirvana op Pukkelpop ’91 speelde en met hun viersterrendebuut Nowhere het genre in 1990 mee op de wereldkaart zette. Om maar te zeggen dat het concert best zijn sterke momenten had. Zo opende een volledig kale Mark Gardener en de zijnen redelijk met “Lannoy Point”, de opener op het dit jaar verschenen Weather Diaries. “Charm Assault”, ook uit die plaat, legde al een eerste keer een pijnpunt én sterkhouder van dit concert bloot: gitarist Andy Bell gebruikte simpelweg teveel weliswaar heerlijke wahwah-achtige effectpedaaltjes maar vergat daar een goeie, gruizige sloophamer van een distortion aan te koppelen.

Om kort te gaan: Ride, de meest shoegazigste aller bands, was grotendeels zijn eigen geluid verloren. Het op herkenningsapplaus onthaalde “Seagull” uit Nowhere wist nog enigszins de meubelen te redden. Die samenzang tussen Bell en Gardener! Die perfect gedoseerde phaser-effectpedaaltjes! Die lange outro in crescendo! Bij “Taste”, een heuse culthit in het verre 1990, werd het al wat meer duidelijk: dat grofkorrelige, o zo typische geluid was niet meer. Moesten we dan maar gelijk het kind met het badwater weggooien en dit concert over de hele lijn een dikke buis geven? Bijlange na niet. Na het best wat saaie “From Time To Time” speelde de band –eindelijk- als lava van de betere vulkaan weldadige noise-erupties in het heerlijke “Dreams Burn Down”.

”Cali” werd door Bell zo op het eerste zicht met de tegenzin van een kleuter die in de hoek moet gaan staan gezongen maar hey, ’s mans prachtige gitaaruitweidingen mag hij altijd live in onze living komen spelen. En dan hadden we het machtig swingende “Twisterella” nog niet gehad. Te weinig distortion, akkoord, maar toch blijft die song zo boterzacht in de oren glijden als een ovenhete croissant. Gardener en de zijnen hadden er inmiddels kilometers zin in, getuige het feit dat de heren “Impermanence”, een nagelnieuwe, totaal onbekende song (!) op de Botanique loslieten.

En het lekkers bleef nu maar weldadig komen. Na een fris en snedig gespeeld “All I Want” was “O x 4” nog zo’n hoogtepunt. De prachtige melodie en loepzuivere zang nestelden zich simpelweg als een behaaglijke jas rond je heen. Bij de snijdende drums, zwierige, ronduit swingende gitaren en machtige zang van Bell in het klassieke “Vapour Trail” tuimelden wij heel even terug naar de herfst van 1990, toen Ride het snoepje van de maand was, Bell de song zong als een verlegen koorknaap, en wij op de eerste rij stonden in een goedgevulde VK-concertzaal.

Uiteraard kon de band niet voorbij aan zijn eigen, haast mythische “Drive Blind”, hekkensluiter van de reguliere set en een song als een wolkenkrabber die halfweg in totaal stuurloze, minutenlange noise instort. Om daarna als een feniks uit zijn eigen as te herrijzen, dat spreekt. “Drive Blind” moet zowat dé vaandeldrager van de ganse shoegaze-stroming zijn en kreeg live een verschroeiende uitvoering. Meer van dit en dat kregen we gelijk in de bissen: het door Gardener heel gevoelig gezongen“White Sands” uit het zeer recente Weather Diaries was één brok emotie én noise dat recht naar de keel greep.

En Ride had eindelijk zijn juiste versnelling gevonden: het op plankgas gespeelde “Like A Daydream” kopte volledig in doel, net als die diepzeeduikboot van een baslijn en knetterende drums van het een volle acht minuten durende “Leave Them All Behind”. Afsluiten deed de band in stijl met een vinnig “Chelsea Girl”. Neen, Ride had in de Botanique haar eigen, stofzuigerachtig geluid niet volledig onder de knie maar wist, zeker in de tweede helft zijn status van legendarische band toch (een beetje) te bevestigen. Dat iemand gitarist Andy Bell eens dringend een staalhard distortionpedaaltje cadeau geeft!

E-mailadres Afdrukken
Tags: Ride