Banner

LES NUITS 2017: Communions

16 mei 2017, Botanique

Matthieu Van Steenkiste - 17 mei 2017

Flashback. Was dit Les Nuits 1994? Het leek er dinsdagavond op in de Rotonde van de Botanique. We hoorden flarden Blur, hele brokken Oasis, zagen het blonde pagekopke van Nick Carter van Backstreet Boys, en dansten loom op Madchesterbeats. Maar zo gaat dat als Communions als een rasecht monster van Britpopstein in de hele nineties van pikkendief speelt. Voor alle duidelijkheid: dat was, in dit geval, en ook alleen in dit geval, volstrekt positief.

Ze waren nog niet geboren toen Brett Anderson voor het eerst zijn bles theatraal van voor de ogen zwiepte, toen de Gallaghers elkaar voor het eerst op een podium verrot scholden, en Damon Albarn dat iconische trainingsjasje aantrok. En toch is dat waar het Deense Communions naar teruggrijpt: de tijd dat gitaren ongegeneerd popmuziek maakten, met echo's die van The Beatles tot The Smiths reikten, van Sex Pistols tot My Bloody Valentine; britpop, quoi. Dat hoorde je in januari op debuut Blue, in de Botanique heb je helemaal het gevoel terug in de tijd te zijn geworpen. De lichte boybandlooks van frontman Martin Rehof, de ietwat ongenaakbare, afstandelijke attitude, en de gitaar van Jacob van Deurs Formann -- vooral die gitáár --, ze zijn één lange ninetiestrip.

De groep bestaat het zelfs om die befaamde drumintro van "Live Forever" schaamteloos te stelen voor "Get Free", en naar het einde toe laat van Deurs Formann zijn snaren helemaal "Supersonic" gaan. Het is niet erg. Oasis is ondertussen acht jaar wijlen, en "It's Like Air" van Communions is de beste Oasis die je tegenwoordig live kunt krijgen zonder een goeie coverband te moeten boeken. We gokken dat dit viertal voorlopig goedkoper is, maar wacht vooral niet te lang, want alle nostalgie terzijde geschoven is dit ook gewoon de beste gitaarpop van het moment.

Meer dan een beetje grijpen de Denen ook terug naar dat andere Communions, van de titelloze EP die in 2015 verscheen. Toen stoeide de groep nog meer met shoegaze en andere invloeden, zoals de nogal zwaar naar The Cure knipogende gitaar van "Summer's Oath" laat horen, of het al even donker-vrolijke "Out Of My World". Ook toen al zat de kern van deze nieuwe move er echter al in, zo horen we aan de lijzige beat van "Forget It's A Dream" die opzichtig aan de vroege Blur refereert.

Dat de groep sinds januari veel heeft gespeeld, heeft ook resultaat opgeleverd. Voor het eerst sinds die wankele keer in Groningen zien we Communions als een strakke band opereren. Die vervelende pauzes tussen de nummers zijn weg, het samenspel zit goed, en Rehof is goed bij stem. De "Here we go again”s in "Eternity" scheuren, reiken naar de sterren, hebben net die zweem euforie in zich die een melodie dat tikje meer geeft.

We zijn 2017, en we horen 1994. Ergens is waarschijnlijk iets verkeerd gelopen -- dat krijg je als je de hitparade vergiftigt met een eindeloze stoet R&B-beats -- maar u zult ons niet horen klagen. Communions was top, vanavond, zeker in de wetenschap dat topsong "Don't Hold Anything Back" -- dichter bij een hit zijn ze nog niet gekomen – alweer droogweg op de reservebank werd gelaten. Geef het nog een plaat als Blue en de britpoprevival walst ons plat vanuit het hoge Noorden. We kunnen al bijna niet meer wachten.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Communions