Orphan Swords, GNOD

4 mei 2017, Gouvernement (Gent)

Lennert Hoedaert - 06 mei 2017

De Vooruit heeft oog voor de betere undergroundmuziek: dat werd donderdagavond andermaal bewezen. Geen betere plaats dan de artistieke werkplaats Gouvernement om door Orphan Swords en GNOD ondergedompeld te worden in een grijze zone tussen duistere elektronica en experiment.

Het was nog maar elf uur in de avond toen we het kleine zaaltje van Gouvernement — gelegen in het centrum van Gent vlakbij de Kouter — verlieten, maar het leek al 4 uur ’s nachts. Zowel Orphan Swords als GNOD zwoer bij desoriënterende elektronica die geen daglicht kunnen verdragen. Van die tweede act hadden we dat echter niet verwacht. En dat gold ongetwijfeld ook voor de andere aanwezigen. ‘GNOD is live nooit twee keer hetzelfde’, werd ons nog net voor onze eerste ervaring gewaarschuwd.

Orphan Swords, de naam van het Brusselse duo doet ons altijd een beetje aan Forest Swords denken. Spellingsgewijs dan, want muzikaal is het toch een ander verhaal. Terwijl Matthew Barnes’ experimentele elektronica zowel desolaat als bloedmooi is, gaat Orphan Swords resoluut voor het eerste adjectief — het woord ‘orphan’ is niet slecht gekozen.

Van bij de intro die vooral richting ambient en industrial neigt, gaan Pierre Demûelenaere en Yannick Franck volledig op achter hun kluwen van apparatuur, knopjes en kabels. En wij ook, terwijl een unheimlich gevoel ons overvalt. Het nummer mondt uit in loodzware techno. Het is als een nachtmerrie, waaruit het moeilijk ontwaken is.

Met een tweede nummer wordt meteen de beuk erin gezet. De basdreunen voelen aan als repetitieve stampen in de buikstreek. Dat het geheel zwaar op de maag ligt, is dus een understatement. De kurkdroge, kille techno met zwalpende vocalen en lang nagalmende klanken zou ook in de verderop gelegen Kompass Club niet misstaan. Maar volgende keer graag nog meer sfeer tussen de pokkeluide geluidsgolven.

Orphan Swords blijkt dus wel de perfecte voorbereiding voor de uitputtingsslag van GNOD. Deze eigenzinnige, activistische bende komt uit Salford, de voorstad Manchester waar Joy Division zijn roots had. Daar waar vroeger de scheepsdokken het grijze zicht bepaalden, is nu een opgekuiste, hypermoderne wijk geworden. Maar als het aan GNOD lag, was het gebied een dirty old town gebleven.

Als je naar hun nieuwste plaat Just Say No To The Psycho Right-Wing Capitalist Fascist Industrial Death Machine luistert, zou je ons geen ongelijk geven. De niet te classificeren mix van kraut, noise en psychrock past in de avontuurlijke lijn van andere uitdagende post-punkbands zoals Wire, This Heat, The Fall en Loop. Maar in Gouvernement krijgen we dus geen echte nummers te horen, er is ook geen live-drummer of gitarist te bespeuren. Maar wat krijgen we dan wel voorgeschoteld?

Een lang uitgesponnen, soms richtingloze mix van elektronica, techno, noise, en trance-opwekkende drones, de zaal ingestuurd door drie leden. De kosmische trip leek bij momenten op een 21ste-eeuwse versie van de krautrock uit het West-Duitsland van de jaren zeventig. Vinden we het dan erg, dat we geen echte nummers horen? Neen, ook al hadden we uitgekeken naar een echte set in de volledige GNOD-bezetting, meestal met een zevental man. Maar dat na een dik halfuur het publiek al flink uitgedund is, verbaast ons niet. GNOD vereist een zeker muzikaal uithoudingsvermogen.

Achteraf bekeken bleef Orphan Swords toch langer nazinderen. En met GNOD weet je blijkbaar nooit — je bent dus gewaarschuwd. En zo bleken deze geluidstechneuten de perfecte combinatie. Ook de samenwerking tussen Vooruit en Gouvernement, die eind vorig jaar begon, is geslaagd te noemen. Op 31 mei volgt een volgende eigenzinnige avond met Mary Ocher en Benjamin Abel Meirhaeghe. Opnieuw voor amper 8 euro.

Over goed bewaarde geheimen gesproken: GNOD speelt op 26 mei op In Utero Festival in Mechelen, met onder anderen ook paper hats en Briqueville.

E-mailadres Afdrukken