Banner

Swans

30 maart 2017, Kompass

Hans Rombaut - foto's: Geert Vandepoele - 31 maart 2017

In wat (hoogstwaarschijnlijk) het laatste Belgische cluboptreden was, herbevestigt Swans zijn oude credo: majestueus, met een zeer moeilijk temperament.

”This was quite a different show, now wasn’t it?” liet de doorgaans onleesbare Michael Gira ons achteraf in zijn kaarten kijken. Gelijk had hij: het Swans dat hier zonet gespeeld had, leek wel een andere band te zijn dan het Swans van de vorige passage, zo’n half jaar geleden in de Botanique. Toen gaven ze een ietwat vermoeide indruk en werd het mits trekken, sleuren en bijten wel nog een degelijk optreden, maar ook niet veel meer dan dat. We aanschouwden, en dachten stiekem dat het misschien wel het juiste moment was om de stekker eruit te trekken. Lees hierin geen verwijt: Swans’ optredens zijn al intens om gewoon mee te maken, ze avond na avond en jaar na jaar geven moet simpelweg slopend zijn. Met begrip en dankbaarheid aanvaardden we toen dat het bijna voorbij was, en net daarom pakte het ons nu een klein beetje off guard dat Gira en co met zoveel herwonnen grinta, met zoveel schuimbekkend venijn op de Gentse bühne verschenen.

Bij de eerste toetsaanslag van Paul Wallfish -- die op deze tour een meer dan waardige vervanger bleek voor percussionist Thor Harris -- wordt het duidelijk: Swans is in vorm en wil van deze zwanenzang een ultieme triomftocht maken. Gira grijnst op zijn gekende, lichtgestoorde manier terwijl hij de klankman op een dikke duim trakteert. Het geluid en de ondergrondse sfeer in die industriële Kompass Club is inderdaad geweldig en deze band op het lijf geschreven. Wat volgt is een ontstemmende lap soundscape van vijfenvijftig minuten waarbij de vraag rijst of dit nu opnieuw “The Knot” is. Als het zo was, klinkt het helemaal anders dan die avond in de Botanique, maar wat maakt het eigenlijk uit? Swans opereert op een niveau dat songtitels en gangbare patronen overstijgt. Langzaam maar zeker trekt het zijn publiek in het oog van de verrijzende orkaan, om het daar vast te houden voor de resterende twee uur.

Helemaal dwingend wordt het na dat overgangsritueel. Een middenstuk, bestaande uit “Cloud Of Forgetting” en “Cloud of Unknowing”, zwalkt bijna een uur rond op transcendente overrompelingskracht. Gira prevelt, schreeuwt en klaagt zijn mantra’s terwijl dissonantie en consonantie elkaar afwisselen. Het is een middel om de toehoorder afwisselend te slaan en te zalven, tot de blik in diens ogen doelloos en verwilderd wordt. En net zoals op de plaat is het “The Glowing Man” dat daarna het verpulverende slotsalvo mag afsteken. “I am a growing, glowing man”, gromt Gira, waarbij hij een schermverslaafde zombie op de eerste rij aanport met de gitaar. Niet erg verwonderlijk dat hij het niet op smartphones begrepen heeft.

Het is opmerkelijk hoe Swans doorheen deze tour gegroeid is en hoezeer de muzikanten op elkaar ingespeeld raakten. Gira hoefde niet langer dirigentje te spelen, het liep immers als een op hol geslagen trein. Misschien moeten ze er maar over denken om die stekker nog even ingeplugd te laten… In ieder geval claimen ze nog een laatste headlinespot op Dunk!festival eind mei, zo kwam achteraf het nieuws. Dat zou dan de allerlaatste keer moeten zijn op Belgische bodem, en op basis van wat dit optreden in Kompass bracht, wil u daar absoluut bij zijn!

E-mailadres Afdrukken
Tags: Swans