James McMurtry

9 februari 2017, Café Manuscript

Bjorn Weynants - 12 februari 2017

James McMurtry mag ondertussen al een behoorlijk indrukwekkende discografie bij elkaar geschreven hebben, in België blijft hij ver onder de radar. De man komt niet zo heel vaak optreden in ons land, dus het bericht dat hij langskwam in Oostende was een voldoende reden om de lange rit naar de kust aan te vatten.

Oorspronkelijk stond het optreden gepland in zaal De Zwerver in Leffinge maar omwille van praktische redenen -- die wel eens iets te maken kunnen gehad hebben met Antwerpse gODEN -- werd het echter verplaatst naar het Oostendse Café Manuscript. Dat kleine café -- het podium nam bijna de helft van het zaaltje in -- aan de zee liep helemaal vol voor James McMurtry. Hij werd vergezeld door zijn vaste begeleidingsband waarmee hij elke woensdag -- als hij niet op tournee is -- optreedt in hun vaste club in thuisbasis Austin, Texas. Naast de ritmesectie van Daren Hess (drums) en Cornbread (bas) was ook gitarist en accordeonist Jim Holt van de partij. Het is een band die ondertussen al jaren samen speelt -- Cornbread is de man met de kortste staat van dienst -- en waarvan de verschillende leden elkaar blindelings aanvoelen.

Met een heerlijk rockend “Bayou Tortuos” en een slepend “Red Dress” -- een van de publiekslievelingen -- nam McMurtry meteen een sterke start. Beweren dat McMurtry een groot zanger is zou de waarheid serieus geweld aan doen zijn. Zijn zangstem zit meestal ergens tussen zitten en praten in -- zie ook: Lou Reed -- maar net dat doet zijn teksten ten volle tot recht komen. Uit Complicated Game, zijn meest recente album al is dat ondertussen alweer twee jaar oud, serveerde hij een gulle selectie. Jim Holt versierde een sterk “Copper Canteen” met een knappe, melancholische begeleiding op accordeon. Zelfrelativerend verwees McMurtry naar “How’m I Gonna Find You Now” als “de single die een grote radiohit had moeten zijn”. “You Got To Me”, zwanger van sfeer, en het op een stompende drumbeat drijvende “Ain’t Got A Place” werden ook nog uit dat laatste album geplukt.

Prijsbeest “Choctaw Bingo” werd nog meer uitgesponnen dan op plaat, waarbij opnieuw Holt de vrijheid kreeg om uit zijn gitaar een knappe solo te persen. Na het rustmoment “These Things I’ve Got To Know” dat McMurtry op zijn eentje op akoestische gitaar bracht, bouwde de band stilaan toe naar de climax. “Painting By Numbers”, nog zo’n gerateerde radiohit volgens McMurtry, diepte hij op uit zijn debuut dat ondertussen alweer uit 1989 stamt. Overigens was McMurtry erg karig met bindteksten en een verwijzing naar de politieke actualiteit in zijn thuisland liet hij helemaal achterwege, wat wel enigszins verrassend is voor wie de man op zijn social media volgt. Via een sterk “Childish Things” en een sprankelend “For All I Know” kwamen we stilaan terecht bij een breed uitgesponnen “No More Buffalo”, waar Holt -- weer hij -- op zijn eigen onderkoelde manier zijn Gibson mocht laten schitteren. Als uitsmijter kregen we een heerlijk weg rockend “Too Long In The Wasteland”. Als bisnummer bracht McMurtry in zijn eentje een indrukwekkend en ontroerend “Lights Of Cheyenne”.

Achteraf gezien bleek een klein, intiem café als de Manuscript de ideale locatie om een artiest als McMurtry aan het werk te zien. Zijn verhalende songs -- McMurtry is een ondergewaardeerd tekstschrijver -- waarin hij de problemen en dromen van de gewone man naar voren brengt komen het best tot uiting in zo’n setting waar de afstand met het publiek klein is. Het is jammer dat een artiest van het niveau van McMurtry hier ten lande geen groter publiek weet te bereiken, maar wie er bij was in Oostende was er getuige van dat McMurtry na bijna dertig jaar on the road misschien meer dan ooit tevoren tot de top van de rootsscene mag gerekend worden.

E-mailadres Afdrukken