Citadelic @ SMAK: Bobo Stenson + Antiduo feat. Eric Thielemans & Marek Patrman

14 januari 2015, S.M.A.K Gent

Guy Peters - foto's: Geert Vandepoele - 16 januari 2016

De belofte van een tijd geleden wordt nu ook waargemaakt. Het Citadelic Festival dat al enkele jaren plaatsvindt in het Citadelpark, krijgt nu op regelmatige basis ook een onderkomen in het Stedelijk Museum voor Actuele Kunst, waar ook in 2015 al een paar concerten gepresenteerd werden van o.m. Universal Indians en het trio Dikeman, Parker & Drake, dat tekende voor een van de concerten van het jaar. Voor de eerste concertavond van 2016 werd meteen een grote naam in huis gehaald, al was hij niet degene die tekende voor het meest memorabele concert.

De Zweedse pianist Bobo Stenson is nochtans wel een zwaargewicht van de Europese jazz. Hij was een van die pioniers die de Scandinavische jazz op de kaart zette en en passant ook een cruciale schakel werd van het intussen legendarische ECM Records. Samen met o.m. Jan Garbarek, Jon Christensen, Terje Rypdal en een handvol anderen, creëerde hij de blauwdruk die ze daar in het Noorden nog altijd niet helemaal te boven gekomen zijn. En Stenson mag dan een iets minder ronkende naam zijn dan een paar van zijn generatiegenoten, maar de manier waarop over hem werd en wordt geschreven, is enkel weggelegd voor de kanonnen van het genre.

Zijn Trio scheert ook nog altijd hoge toppen, maar het was nog maar de vraag of die finesse, elegantie en dat vermogen om te komen tot een bedwelmend impressionisme van delicate contouren ook vertaald zou kunnen worden naar een solocontext. Sommigen dachten er duidelijk anders over, maar zelf waren we alleszins niet overtuigd van deze zeventig minuten durende performance. Stenson heeft duidelijk zijn eigen stijl, eentje die duidelijk sterk beïnvloed is door de klassieke traditie en waar soms ook flarden van uit volksmuziek geleende melodieën in opduiken, maar het werd een set met te weinig reliëf om zo lang te kunnen boeien.

Stenson speelde voor een groot stuk van de set erg beheerst en lyrisch, met een linkerhand die voor bijna de volledige duur de beheersing in stand hield, en de constante bleef in een ononderbroken ketting van motieven en improvisaties. Meestal met een kabbelende cadans, maar tot intrigerende markeringspunten of wendingen die het boeltje wat zouden opfleuren, kwam het zelden. En hoe licht hij zijn handen soms ook kan laten dartelen over het ivoor, gaandeweg kreeg het recital iets van een massief, ondoordringbaar blok dat je plompweg in de schoot geplant kreeg en waarvan je je afvroeg wat je er in Godsnaam mee moest aanvangen. Een wending aan het einde van de set, waarin de linkerhand plots een indringend, repetitief motief inschakelde, zorgde voor een knap moment, maar kwam te laat om een en ander recht te zetten. Een beetje teleurstellend.

Dan liet de première van Antiduo (pianisten Erik Vermeulen en Seppe Gebruers) met drummers Eric Thielemans en Marek Patrman een heel ander verhaal horen. De dynamiek en afwisseling die de grote afwezigen waren in het voorgaande concert, kwamen nu op het voorplan te staan, waardoor je je bij dit concert – nochtans ook goed voor een uur – geen seconde ging vervelen. Voor een stuk natuurlijk de verdienste van een paar kleppers die individueel beschikken over indrukwekkende kwaliteiten, maar die in dit kwartetformaat iets heel anders opleverden. Terwijl Gent ging schuilen voor de eerste sneeuwbui van het jaar, ontvouwde zich binnen al net zo’n knap verhaal.

Zoals een album en wat concerten eerder al hadden uitgewezen, is de combinatie van Vermeulen en zijn voormalige leerling Gebruers eentje die steek houdt. De jonge pianist, die zich steeds nadrukkelijker profileert als een van de boeiendste muzikanten van zijn generatie, speelt theatraler, maakt meer gebruik van het grote gebaar en de breedte van z’n klavier, maar in combinatie met het iets minder heftige, maar even eigenzinnige spel van Vermeulen krijg je zo een voortdurende schuurbeweging van gedachtenstromen die wel dezelfde koers aanhouden, maar dan met een intensiteit op twee sporen. Het was echter vooral de combinatie met de drummers die voor de charme zorgde.

Thielemans en Patrman zijn sowieso twee van de meest vrije drummers actief in het land, dus ze zouden zeker wel een manier vinden om in te pikken op het spel van de pianisten. Ook nu werd duidelijk dat de twee er van meet af aan een heel andere stijl op nahielden. Patrman aanvankelijk met een sterkere nadruk op geluidseffecten en cimbaalstrelingen, Thielemans met een meer ritmisch element, meer degene die een duidelijker houvast creëerde en met ruisende brushes soms voor een semi-hypnose zorgde. En ze volgende samen met de pianisten een beweging die hen voerden langs minimalistische, ingetogen momenten, met zelfs klik- en smakgeluiden van Thielemans en gefluit van Vermeulen, naar meer energieke, turbulente oorden.

Deze set ontbeerde de duidelijke melodische motieven en structuren die bij Stenson wel aanwezig waren, maar klonk eigenlijk een stuk hechter en soms ronduit fantastisch. Er zaten enkele momenten in dat het allemaal zo moeiteloos en vanzelfsprekend bewoog, alsof de vier gestuurd werden door een centraal denkorgaan, dat het leidde tot een pure hypnose. Bij een van die momenten, ergens rond tweederde van de duur van de set, leek het alsof afgerond zou worden, en het zou dan ook een einde op een machtige piek geworden zijn, maar er werd nog een vervolg aan gebreid. Maar geen nood: het kwartet zat nog niet op droog zaad, en met een passage waarin Vermeulen even leek plaats te nemen tussen Bill Evans en de onlangs overleden Paul Bley, werd alsnog getekend voor een bijzonder mooie finale. Topconcert, én opgenomen. Iets om naar uit te kijken dus.

De volgende Citadelic @ SMAK vindt plaats op 18 februari met het duo Michael Moore & Bart Maris en het trio Seppe Gebruers, Hugo Antunes en Paul Lovens.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Antiduo