Banner

Ebo Taylor

18 mei 2012, DOK

Gowaart Van Den Bossche - 19 mei 2012

Ouwe knarren die nog touren zijn vaak nog maar een schim van hun vroegere zelf. Niet zo bij de Ghanese highlifelegende Ebo Taylor, die na decennia obscuriteit recent weer opgepikt werd door het Duitse label Strut. Twee jaar geleden bracht hij de (bijna) nieuwe plaat Love And Death uit, gevolgd door de compilatie Life Stories en recent nog een volledig nieuwe plaat Appia Kwa Bridge.

Een beetje gelijkaardig aan de Ethiopische vibrafonist Mulatu Astatke vindt gitarist/zanger Taylor onder impuls van Strut dus een tweede creatieve adem die zich ook live in stomende shows weet te vertalen. Zelf de 75 lentes al voorbij oogt de man bovendien nog bijzonder kwiek en schudt hij de gereserveerde danspasjes (toegegeven, wel niet even excentriek als die van zijn zoon aan de keyboards) moeiteloos uit de mouwen van zijn traditioneel Ghanees kostuum.

Ook muzikaal gaat het nog best goed met Taylor. Zijn typerende hoekige gitaarstijl, doorspekt met jazzlicks maar au fond doordrongen van onversneden afrobeat (of highlife zo u wil, wij horen eigenlijk niet bijzonder veel verschil tussen de genres, die vooral door nationale grenzen bepaald werden) waarvan uw voeten haast automatisch zouden moeten gaan schuifelen, is nog steeds aanwezig en levert hier en daar memorabele solomomenten op.

Toch moet opgemerkt worden dat het concert in de DOKbox (een afgebakend stuk van de grote loods) in de eerste plaats gedragen werd door de solide backing band Afrobeat Academy (uit Berlijn) die na enkele jaren samenwerking met Taylor een geoliede ondersteuningsmachine is geworden. Zo weten de bandleden zich perfect aan de grillen van Taylor (die al eens een refrein onverwacht herneemt of besluit te soleren op ietwat willekeurige plaatsen) aan te passen. Ook in het afsluitende “Heaven”, wanneer Taylor zich al van het podium had teruggetrokken, wist de band een uitstekende uitsmijter te spelen die niet moest onderdoen voor de nummers met Taylor zelf.

Nochtans begon het concert nog wat onwennig wanneer Afrobeat Academy zonder Taylor het instrumentale “Victory” inzette. Mogelijk lag dit aan het feit dat het publiek er nog niet meteen in zat, maar eenmaal Taylor er bij kwam bij het tweede nummer was het feest vertrokken. Dat werd niet enkel bewerkstelligd door de groovende, extreem dansbare muziek, maar ook doordat Taylor en bandgenoten enthousiasme uitstraalden, duidelijk van hun muziek genoten en het publiek ophitsten tot dansen en meeklappen.

Middenin was er wel een kleine inzinking wanneer de band iets te lang bleef doorjammen op een minder geïnspireerd afrobeatthema, maar veel werd dan goedgemaakt door uitstekende uitvoeringen van onder meer “Love And Death” en “African Woman”. Dat eerste is nog steeds, veertig jaar nadat Taylor het schreef om te bekomen van een zware heartbreak, een lied dat voor Taylor veel betekenis inhoudt, zoals hij zelf met een brede grijns aangaf: “don’t love too much, or your heart might break and you will die. I’m careful now.”

Nee, het politiek activisme van pakweg Fela Kuti moest u dus hier niet verwachten. Taylor zingt over de dingen des levens, doorgaans in het Fante, soms in het Engels, maar steeds met universele thema’s. Zo gaat “Appia Kwa Bridge” over een brug nabij zijn geboortedorp waar de jeugd van beide geslachten elkaar ontmoette om te flirten (en misschien ook wel wat meer). Hoewel we er dus in principe niets van verstaan, deert dat niet, omdat de muzikale ondersteuning op zich altijd al meeslepend genoeg is. Taylor speelde ook een keer zonder begeleidingsband in eerste bis “Barima” (’t is te zeggen, er was wel wat ondersteunende percussie), een welkom rustpunt na meer dan een uur continue aanslag op het ritmegevoel.

Met zijn 76 jaar lijkt Ebo Taylor nog steeds niet van plan om te stoppen. Met Appia Kwa Bridge bewees hij al op compositorisch vlak nog bijzonder relevant te zijn (vreemd dan ook dat het merendeel van de set toch uit Love And Death kwam), en in DOK werd duidelijk dat dit even goed live geldt.

E-mailadres Afdrukken