Banner

Radical Slave

Het ondraaglijke idee van melodie

Joris Vanden Broeck - 01 december 2010

Damascus heet de brok lawaai die Radical Slave eerder dit jaar in onze maag splitste, live én op plaat dan nog wel. De intrigerende combinatie van Remo Perrotti, Mauro Pawlowski en Dirk “Buscemi” Swartenbroekx leverde een van de meest overrompelende gitaarplaten van vaderlandse bodem van de laatste jaren af.

Zo indrukwekkend als hun plaat is, zo moeilijk blijkt Radical Slave te strikken voor een interview -- de drie bandleden houden er elk een superdrukke agenda op na. Hen allemaal op hetzelfde ogenblik op dezelfde plaats krijgen lijkt daardoor zowat onmogelijk. Tot op een vrijdag een mailtje binnenvalt dat we zondagmiddag “welkom zijn bij Remo”.

Remo, dat is Remo Perrotti, drummer van de band en tevens regisseur van de videoclip voor “Devil In A Box” die Radical Slave die bewuste middag bij Perrotti thuis aan het draaien is. Ten huize Perrotti heerst dan ook een gezellige drukte, die een buitenstaander de indruk geeft van complete chaos. De zen-uitstraling waarmee Perrotti tijd vindt om een behoorlijke gastheer te zijn, doet echter vermoeden dat het creatieve brein ondanks de waanzin die hem omringt perfect weet waar hij mee bezig is.

Dat hopen zijn bandgenoten ook. Mauro Pawlowski zit op een stoel zo rustig mogelijk de chaos te ondergaan. Rondom hem razen wel heel schaars geklede jongedames in het rond, voorzichtig kijkend waar ze hun voeten plaatsen aangezien de vloer zowat bezaaid is met Oosters aandoende zwaarden. Tussen de talloze filmbenodigdheden en halveliterflessen bier ligt een kogelgordel op een tafeltje. Wat voor een clip wordt dit juist?
“Geen idee”, zegt Pawlowski en steekt verontschuldigend de handen in de lucht. Van een interview heeft de gitarist wel gehoord, maar wanneer en waar exact dat zou plaatsvinden, lijkt hij niet te weten. Dat er een interview gepland is, is zelfs nieuw voor Dirk Swartenbroekx, al ziet hij er geen graten in om met Mauro even aan tafel te zitten.
“Want dan hebben we iets te doen”, zoals die laatste zegt.
“Het is een dag met lang wachten, maar dat heb je altijd als je filmt. Vorige keer was dat ook, maar toen was het warmer. En toen speelden we ook”, vervolgt Pawlowski. Dat de locatie dezelfde is als bij de vorige clip, van single “Before We Got Rich”, ligt misschien ook aan de oorzaak van het getemperde enthousiasme: het nieuwe is er immers af.
“Remo woont hier”, verklaart Pawlowski de keuze van de setting. “Het is een heel mooie locatie, je zit hier zo'n beetje geïsoleerd.”
Op de vraag of het de bedoeling is een visuele lijn te laten lopen door de verschillende video's, trekt Pawlowski grote ogen. “Euh. Ik denk dat wel”, klinkt het voorzichtige antwoord. “Remo heeft het allemaal uitgedokterd”, vervolgt hij. En dan, weerom bijna verontschuldigend: “Wij komen gewoon opdagen.”
“Eigenlijk is Remo de gangmaker van zo'n dingen”, vult Swartenbroekx aan. “Als het aan ons lag, denk ik niet dat er veel videoclips zouden geweest zijn. Of misschien gewoon livebeelden. Want deze plaat is ook live opgenomen. We hebben nog nooit in een studio gezeten.”
enola: Niks? Zelfs geen overdubs?
Swartenbroekx: “Neen. De plaat is opgenomen in de AB, vervolgens heb ik die opnamen in de studio afgemixt en hier en daar ge-edit. Overdubs zijn er niet gebeurd, maar er is wel wat aan de klank gepruld. Als je een opname van een optreden meekrijgt, is dat nooit helemaal in balans. De plaat was gewoon opgenomen door Remo, zelfs zonder dat wij dat wisten. We hebben de tape achteraf gekregen, vonden die goed en besloten de muziek op die manier uit te brengen, want aanvankelijk hadden we wel het plan om gewoon op te nemen.”
Dat het de laatste decennia een beetje verwacht wordt dat je als band ook beelden bij de muziek voegt, zou Swartenbroekx geen bezwaar vinden voor het eventueel achterwege laten van clips. “Dat zou ik net plezant vinden”, stelt hij, “als je dan niet met een clip op de proppen komt. Zelf ben ik er niet echt mee bezig, eigenlijk.”
“Ik ook niet”, valt Pawlowski hem bij. “Ik zeg al jaren tegen mezelf dat ik daar eens mee moet beginnen, maar het komt er nooit van. En vandaag is het ondergaan.”

enola: bij het binnenkomen liet Perrotti vallen dat er mogelijk bij elk nummer een video zal volgen...
Swartenbroekx: “Que?”
Pawlowski: “Misschien clips waar wij niet in moeten meespelen.”
Swartenbroekx: “Ik zou graag volledig abstracte clips maken, daar hoeven zelfs geen mensen in voor te komen.”
“Voor mij hoeft dat ook niet”, beaamt Pawloswki, er snel aan toevoegend dat vandaag mensen vandaag wél belangrijk zijn, wanneer hij de verbouwereerde blik op het gezicht van een van de actrices ziet. Tot vermaak van Swartenbroekx ontspint zich een discussie tussen de twee over het eventueel nog nuttig zijn van actrices op de set. Pawlowski wringt zich in bochten om de vrouw, die duidelijk enkel het laatste deel van zijn uitspraak gehoord heeft, op haar gemak te stellen en ze te verzekeren dat ze echt wel nodig is, vandaag.
“Opletten wat we zeggen, met al die wapens hier”, concludeert Pawlowski. En dan verschijnt Perrotti opnieuw. Helaas niet om aan het gesprek deel te nemen, maar om te melden dat een foto moet gemaakt worden voor een dagblad en dat daarvoor de volledige cast en crew buiten verwacht worden.
De band en hun gevolg, waarvan de omvang nu pas duidelijk wordt, verzamelt zich op het gras. De aanblik van het hele gezelschap is op zijn minst bijzonder te noemen, maar dat is ongetwijfeld de bedoeling.
“We willen een clip maken zoals de verboden films uit de jaren dertig tot zeventig”, vertelt Perrotti bij het naar binnen wandelen, wanneer de fotograaf klaar is. “Dirk speelt bijvoorbeeld een moordenaar”, zegt hij en grijpt naar een boek dat voorzien is van een flink aantal post-its en dat door Perrotti de bijbel genoemd wordt. “Hierin staan veel van de films waar we naar teruggrijpen en waarvan we zelfs stukken herinterpreteren.” Een soort hommage, dus. “Klopt”, klinkt het en dan wordt zijn aandacht weer opgeëist door een van de actrices, die wil weten of er nu een buiten- dan wel binnenscene gedraaid gaat worden. Tot haar opluchting mag ze zich binnen opwarmen, wat gezien de minuscule hoeveelheid kledij waar ze in gehuld gaat, vast geen overbodige luxe is. Voor de zekerheid zet Perrotti de verwarming nog wat hoger.

Aan de tafel is Pawlowski ondertussen in gesprek geraakt met een andere actrice, die hij meent te herkennen uit een Antwerpse zaak. Niet veel later zal Pawlowski haar bombarderen tot zijn nieuwe agent, maar eerst wil hij nog een poging ondernemen om het interview verder te zetten.
enola: Heeft u eigenlijk zelf een idee de hoeveelste band dit is waar u in speelt? Je zou bijna denken dat er een wedstrijd “in de meeste bands spelen” gaande is tussen u en Rudy Trouvé.
Pawlowski: “Goh, wat ik met Rudy gemeen heb, is dat we alle soorten muziek maken: pop, rock, experimenteel. Maar wij pakken het aan als jazz-muzikanten, we zijn instrumentalisten, muziekmakers en werken in los verband. Ik wil niet in één groep zitten die de wereld dan moet veroveren. Dat heb ik nooit, nooit willen doen. Of zoals het woord “zijproject” dat -- en dat bedoel ik niet verwijtend -- gebruikt wordt in de popjournalistiek. Maar dat heb ik nooit voor mezelf willen benoemen, het staat allemaal op hetzelfde niveau. Zoals Coltrane en Mingus, die in de jaren zestig nu eens hier en dan weer daar meespeelden. Zo heb ik ook altijd muziek willen maken.”
“En de genres, dat hangt af van de mensen die meespelen.”

enola: Dus Radical Slave had evengoed een discoplaat kunnen maken, theoretisch gezien.
Pawlowski: “Dat zou kunnen, maar wat wij net gemeen hebben, is die achtergrond van ons: postpunk en experimentele underground, industrial.”

enola: Vooral bij Buscemi-fans kwam op Radical Slave de reactie: wat gebeurt er nu?
Swartenbroekx: “Ik weet het, maar ik vind dat je je niet te veel mag vastpinnen op één genre. Op dat vlak is het gewoon een kwestie van zoveel mogelijk kunnen doen tijdens je carrière.”
“Ik heb vrijdag nog gedraaid en vooral dubsteb opgelegd en dat lokte ook verbaasde reacties uit omdat het niet de latin of house was die verwacht werd.”

enola: Hoe komt het eigenlijk dat het zo lang geduurd heeft voor Radical Slave ontstaan is? Dit had evengoed jaren geleden al kunnen gebeuren.
Pawlowski: “Het is eigenlijk allemaal vanzelf gegaan”
Swartenbroekx: “Omdat Remo ons samengebracht heeft.”
Pawlowski: “Remo is een zeer belangrijke figuur. Hij had een band, Bedtime For Bonzo, en daar was ik dus grote fan van. Toen die mannen terug begonnen en mij vroegen: dat beschouw ik als een hoogtepunt van wat ik al gedaan heb.”
“We kennen elkaar al heel lang. We speelden vroeger samen in de jaren negentig in bandjes die publieksonvriendelijk waren.”
Swartenbroekx: “De Limburgnoise van de nineties. Remo's band AA die in 1981 -- toen ik 14 of 15 was -- een single heeft uitgebracht, heeft mijn muzikale carrière bepaald. Het is allemaal nogal obscuur. Limburg was toen obscuur.”
Pawlowski: “De obscure provincie. Eigenlijk vind ik het een beetje spijtig dat Limburg zo opgewaardeerd wordt de laatste jaren. Voor de Muur vond ik het beter.”

enola: Radical Slave heet een no-wave band te zijn, maar wat is dat eigenlijk? Volgens sommige stemmen op het net bestaat dat genre zelfs niet.
Swartenbroekx: “Eigenlijk bedoelen we dat de muziek gebaseerd is op bepaalde elementen uit de muziek van 1979 in de VS: Glenn Branca, James White, Teenage Jesus And The Jerks, Lydia Lunch, al die bands. Het is niet heel afgebakend, maar hiermee wordt een richting gegeven. Die artiesten waren in die tijd bepalend, maar dat heeft niet lang geduurd. En uiteindelijk zijn we gewoon beginnen spelen, we hebben niet te hard nagedacht. Er zit trouwens ook Butthole Surfers in.
Pawlowski: “Ja, Lady Sniff. En The Fall.”
Swartenbroekx: “Ja! The Fall! Postpunk!”
enola: Letterlijk is postpunk wat na de punk komt, dus eigenlijk zowat alles?
Pawlowski: “Clouseau.”

enola: Heeft Radical Slave een soort plan? Is het een band die lang kan blijven bestaan?
Swartenbroekx: “Ik denk dat wel. Niks moet, uiteraard. Mauro is met zoveel dingen bezig, ik ben met zoveel dingen bezig, Remo eveneens. Iedereen heeft zijn bezigheden, het is niet dat wij hiermee platen móeten uitbrengen. Of moeten optreden. Dat komt gewoon.”
Pawlowski: “Ik denk dat dit iets op lange termijn kan zijn. Er zullen misschien periodes komen dat we heel lang niks doen. Volgend jaar gaat dEUS de baan op, dan zal het wat moeilijker zijn. Maar we zullen altijd wel een gaatje vinden om iets te doen.”

enola: Hoe komen de nummers tot stand, met jullie drukke agenda's? Levert iemand een aanzet aan of plannen jullie schrijfsessies?
Swartenbroekx: “Die nummers komen. Ze ontstaan zonder dat er over wordt nagedacht.”
Pawlowski: “We beginnen gewoon te spelen. En improvisatie is eigenlijk een heel streng genre. Als je slecht improviseert, eindig je met een heel slecht nummer. Hoe je dat weet? Je merkt dat. Het is muziek die je maakt op basis van alles wat we tot nu toe gedaan hebben, die levenswijze, vul maar in. We klinken zo door onze bagage.”

enola: Het resultaat klinkt best donker, in dit geval.
Pawlowski: “Persoonlijk zie ik het niet als donkere muziek. Het is eerder... (denkt) Het is het idee van melodie dat ik ondraaglijk vind. Voor mij is het een verademing om de plaatsen tussen de noten ook eens aan te spreken en niet strak in een keurslijf te zitten. En doordat het een verademing is, betekent het ook lichtheid.”
Swartenbroekx:<:b> “Ik hou wel van de rauwheid van de plaat. Doordat ze niet te gepolijst klinkt, is het een tegenreactie op wat ik doe op mijn eigen platen.”

enola: Denkt u dat het mogelijk is dat er wederzijdse beïnvloeding mogelijk is tussen Radical Slave en uw andere projecten?
Swartenbroekx: “Op mijn andere platen heb ik af en toe wat ruwer werk gezet, maar ik kan me niet voorstellen dat ik deze sound zou kunnen doortrekken naar mijn platen. Ik denk niet dat de mensen die die platen kopen daarop zitten te wachten.”

En daar eindigt het opnieuw, definitief ditmaal, wanneer Pawlowski's gloednieuwe agente het gesprek overneemt en een gefundeerde motivering eist voor het dragen van een sweater van The Beatles. Bij het naar buiten gaan duikt bovendien nog een vrouw op die, met de glimlach op het gezicht en dartpijltjes in de hand, vraagt om voor een roos plaats te nemen. De draaidag is ver over de helft, maar wat voor video “Devil In A Box” zal worden, is ook nu nog een groot vraagteken.

Radical Slave speelt op 29 december in Club Terminus (Oostende) en een dag later in de Charlatan (Gent).

E-mailadres Afdrukken