Banner

WERCHTER: Stereophonics

''Michael Stipe van R.E.M. die me een sandwich smeerde, meer surrealistisch werd het niet ''

Matthieu Van Steenkiste - 04 juli 2018

Een kwarteeuw ver in hun carrière komt er nog geen sleet op Stereophonics. Met Scream Above The Sound bracht de Welshe band eind vorig jaar zijn tiende album uit, straks treden de heren opnieuw aan op de Heilige Wei van Werchter. "Als het weer meevalt hou ik héél erg van Rock Werchter", grijnst frontman Kelly Jones.

Kelly Jones hangt er ontspannen bij, bassist Richard Jones nog losser. In de backstage van de AB ontmoet ik een band die goed in zijn vel zit, en járen ver in zijn carrière weet hoe het allemaal moet. Ook Scream Above The Sound klinkt als vanouds, zij het met de nodige nieuwe accenten; je moet het boeiend houden voor jezelf. Wat ik meteen wil weten: wordt het gemakkelijker als je aan je tiende plaat begint?

Kelly Jones (gitaar/zang): "Een beetje. Muzikaal gaat het vlotter, omdat je de ervaring hebt, ook op het vlak van opnemen en productie, maar het wordt almaar lastiger om jezelf niet te herhalen. Als je er zelf nog een beetje opgewonden van wil raken, moét je wel iets nieuws brengen, want wij zijn niet het soort band dat altijd maar hetzelfde wil blijven doen. Verder heb ik altijd geschreven over wat we me bezighield, of wat ik rond me zag. Daar heb ik nooit echt hard over nagedacht; het komt zoals het komt."
enola: Hoe vermijd je dat je in herhaling valt?
Richard Jones (bas - komt even tussen): "We zijn onze eigen ergste critici. Van zodra we in de studio iets spelen, weten we heel goed of het klaar is om losgelaten te worden of niet. Daar moet zelfs niet over gepraat worden: we zien het in elkaars ogen, in hoe we spelen, of het meer wordt of gewoon een ideetje zal blijven."
Jones: "Toen we voor Keep Calm And Carry On bij een nieuwe platenfirma terechtkwamen, moesten ze toegeven dat ze ons niet meer op de radio kregen. Natuurlijk voelde dat rot, maar tegelijk riep iets in ons ook 'Fucking great. Laat ons dan maar een ráre plaat maken, als het toch niet uitmaakt'. En dus hebben we Graffiti On The Train gemaakt, een hele orkestrale plaat waar we drie jaar aan werkten. Songs die klonken als iets wat we al gedaan hadden, schrapten we gewoon, en dat album werd zo het begin van een nieuw leven voor de band. Ironisch genoeg zijn vier singles daarvan grijsgedraaid op de radio. Dat is een heel bevrijdend moment geweest. Vanaf dan voelden we ons niet langer verplicht om ook maar een beetje moeite te doen om iets te maken dat in de playlists past of een platenfirma bevalt."

enola: Scream Above The Sounds heb je opgevat als een mixtape, las ik.
Jones: "Klopt. Die maakten we vroeger voortdurend. Als je jezelf geen vastomlijnde deadline geeft om een plaat te maken -- omdat de producer over zes weken aan een ander project begint, bijvoorbeeld -- dan kan het alle kanten opgaan. Dan maak je iets punkachtigs als "C'est La Vie", en even later een song als "Caught By The Wind" of een bluessong die pakweg "Been Caught Cheating" heet. En er is niets mis mee dat die allemaal naast elkaar staan op een plaat, zolang die als geheel maar goed voelt. Hetzelfde geldt voor een setlist, ook die moet je meenemen. Het maakt dan niet uit dat een concert drie uur duurt, zolang het maar niet voelt als drie fucking uur."

enola: Scream Above The Sounds moest anthems bevatten die in je eigen woorden 'strijden tegen de angsten die onze steden overspoelen'. Wat bedoelde je daarmee?
Jones: "Er was nogal wat aan de hand toen we de plaat opnamen. Je had de aanslagen in de Bataclan, bommen die in onze steden afgingen … Ik moet zeggen dat ik me in die tijd toch ook ongemakkelijk voelde als we weer maar eens een vliegtuig namen, of als mijn kinderen de trein namen. Ik ging ervan uit dat ik het daar over zou hebben in de nieuwe songs, maar gaandeweg merkte ik dat ik teruggreep naar de vele kleine maar goeie momenten in het leven, die we soms vergeten onder het bombardement van slecht nieuws dat binnenstroomt op onze apparaatjes. Want daar slaat de titel van de plaat op. Er is een voortdurend lawaai van getwitter, nieuwsberichten vol negativiteit … Daar moet je overheen geraken."
"Het is geen politieke plaat, neen. Ik schrijf over mensen. Mijn broers, mijn vrienden, die werken allemaal in een fabriek, en ik voel me nog altijd meer op mijn gemak bij hen dan op een awardceremonie. Laat mij maar met een timmerman praten, in plaats van met een beroemde actrice. En dus maak ik ook muziek zoals ik gewone mensen hoor praten. Als het al politiek is, dan gaat het eerder over hoe zij de wereld van vandaag bekijken."
enola: Je wil troost bieden, maar om troost te kunnen bieden, moet je zelf troost hebben gevonden. Waar vond jij die?
Jones: "Door een plaat te maken, denk ik. Op een bepaalde manier weet je niet goed dat je met troost bezig bent, je schrijft gewoon, en achteraf besef je wat je hebt gedaan. Je haalt jezelf er doorheen met je werk, een proces van catharsis. Daar bestaat kunst voor. Ik heb geluk dat ik mijn zorgen en angsten kan uitdrukken. Veel mensen moeten ermee blijven zitten."

enola: "Caught By The Wind" gaat onrechtstreeks over de aanval op de Bataclan. Ik kan me voorstellen dat die avond beangstigend was voor een muzikant die de helft van zijn leven in dat soort zalen doorbrengt.
Jones: "Terrorisme is er altijd al geweest. Toen 9/11 gebeurde zaten wij in New York, om het voorprogramma van U2 te spelen, maar mensen die met een machinegeweer de zaal binnenlopen … dat was me toch ietsje té dichtbij inderdaad. Tot dan waren aanslagen pure willekeur: een bom die afging of zo. Ik denk dat elke muzikant die dag 'shit' heeft gedacht. En dan krijg je het hele scala aan emoties: vrees, maar ook woede, tot je uiteindelijk eindigt bij het voornemen dat we ons niet zullen laten doen, en vooral niet zullen stoppen met dit leven te leiden."
enola: Ik zag de avond nadien Chvrches in deze AB spelen. Verdomd intense avond.
Jones: "Kan ik me voorstellen. Wij moesten niet lang nadien al in Parijs spelen. Dat werd ook een erg beladen concert. Je voelde dat al in de lucht hangen toen we nog maar in de kleedkamers zaten. Niet zo fijn, om eerlijk te zijn."
enola: Voelde je je meteen klaar om daar over te schrijven?
Jones: "Het lied gaat niet specifiek over die avond, maar is eerder een soort reflectie van hoe ik me toen voelde. Daarom zing ik 'Wolves in their words don't play by their rules / From mouth to ear anything's possible'. Er zijn eenzame mensen die gemakkelijk te manipuleren zijn, maar vanaf het refrein gaat het me om iets helemaal anders. Daarin bezing ik veel meer een gevoel van bevrijding. Ik kreeg het idee van mijn vrouw die vertelde hoe haar jas de wind had gevangen. Dat vond ik zo'n mooi beeld, dat ik daar iets mee heb gedaan. "

enola: Waarom kwam "Before Anyone Knew Our Name" over jullie overleden ex-drummer en je jeugdvriend Stuart Cable er net nu uit?
Jones: "Geen idee. Op een dag zat ik thuis een plaat van Pearl Jam te beluisteren, misschien dat dat het vonkje gaf. Stuart en ik hebben vaak hun muziek opgezet. Plots was ik die tekst aan het schrijven, in een heel emotioneel moment. Ik heb drie of vier vellen vol gepend, ben daarmee naar de studio getrokken, en daar ben ik achter de piano gekropen. Bij het eerste akkoord ben ik van mijn blad beginnen zingen, en begon ik iéts te spelen dat ik opnam op mijn telefoon. En dat was dat. Het is nog moeilijk geweest om te herontdekken wat ik speelde en het opnieuw te zingen zoals ik het voelde, want zoiets ga ik meestal wat uit de weg. "
"Ik heb nooit beslist om over Stuart te zingen, maar ik veronderstel dat dat is wat er gebeurt, als een vorm van rouw. Ik droom nog bijna elke nacht van hem, zelfs al is hij al zeven jaar dood. Het is geen song die ik elke avond wil spelen, om eerlijk te zijn."

enola: Ondertussen bestaan jullie bijna een kwarteeuw. Wat was achteraf gezien het hoogtepunt?
Jones: "De start, denk ik. Dat moment dat je een platencontract tekent, de boel begint te lopen, je je vrienden meeneemt op tour … Dat zijn de herinneringen die altijd terugkomen. Nadien werd het meer een job, kreeg het de sfeer van een professionele organisatie, maar heel even was het gewoon fucking nuts."

enola: Jullie staan dit jaar voor de zesde keer op Rock Werchter. Kan je dat ooit beu raken, voor de zoveelste keer halverwege de middag dat grote podium op moeten?
Jones: "Rock Werchter heeft een geweldige atmosfeer backstage. Alle kleedcontainers staan er bij elkaar, wat niet overal gangbaar is, maar waardoor je iedereen tegenkomt. Geloof me: de eerste paar keer waren we behoorlijk starstruck. Daar hebben we voor het eerst R.E.M. ontmoet, Nick Cave … Michael Stipe die me een sandwich met pindakaas en jam maakt, dat was surrealistisch. En dan droeg hij 's avonds ook nog een song aan ons op. We zijn op onze tourbus nadien héél erg lang héél erg dronken geweest." (lachje)
"Dus neen, het wordt niet saai, zeker niet als je ervoor zorgt dat je er niet élk jaar staat. Ik denk dat we er ongeveer elke drie jaar spelen, en dat is mooi zo: dan hebben de mensen zin om je te zien, en als er dan ook nog eens iemand op de affiche staat van wie ik zelf het concert wil meepikken, is dat helemaal meegenomen. Ik hou wel van Werchter. Toch als het weer meezit."

enola: Kun je jezelf live nog verrassen?
Jones: "Wat mij vooral bevalt, is dat we beter dan ooit spelen, omdat onze songs zo uiteenlopend zijn dat we elke avond anders kunnen zijn. Na twintig jaar en tien albums hebben we meer dan honderdtwintig nummers om uit te kiezen. Voor deze tour hebben we er vijfenvijftig gerepeteerd waaruit we pikken. Onze laatste show in Mexico Show eind vorig jaar was de eerste keer dat we er als headliner speelden, dan zien dat het publiek zo jong was, en alles meezong, en om obscure nummers riep … Toen wist ik weer waarom we dit deden. Voor dié passie, die appreciatie. Als band ga je in zo'n geval gewoon nog beter spelen, want je wil hen alles geven wat je hebt. Voor zo'n publiek kun je blijven spelen."

Stereophonics staan op zaterdag 7 juli op Rock Werchter.

E-mailadres Afdrukken