Banner

Ryley Walker

"De muziek moest klinken alsof iemand je ramen ingooit"

Maarten Langhendries - 16 mei 2018

Ryley Walker is uit een diep dal geklommen. Op zijn nieuwe plaat Deafman Glance probeert hij de rook om zijn hoofd op te klaren. Ondertussen wil hij ook zijn imago van folkie wat van zich afschudden. Een gesprek over muziek, het leven en Chicago. Véél Chicago.

enola: Je werkt vaak samen met andere artiesten, zoals Bill McKay of Charles Rumbach. Kan je niet stilzitten?
Ryley Walker: "Samenwerken is een beetje een traditie in Chicago. Je hebt altijd honderd verschillende projecten lopen. Ik werkte al met mensen samen voor ik mijn eigen nummers schreef. Dat kan metal, hiphop, indierock of jazz zijn, maar de kern omvat altijd samenwerken en improvisatie. Ik denk dat die vormen van kruisbestuiving Chicago onderscheidt van andere scenes en steden. Iedereen komt elkaar op één of andere manier wel tegen. En iedereen heeft wel een vreemd project dat nergens op slaat. Die attitude heeft me altijd enorm geïnspireerd. Ik was bijvoorbeeld een grote fan van Tortoise, waarvan de leden ook allemaal in honderd groepen zaten. Het is goed je vleugels uit te slaan en af en toe wat afstand te nemen van je hoofdproject. Het maakt me een betere muzikant, of dat probeer ik althans te worden."
enola: Over het nieuwe album zei je dat je te zelfzeker de studio in was getrokken, en dat dat niet werkte. Op welk vlak was je te zelfverzekerd?
Walker: "Misschien heb ik me daar wat verkeerd uitgedrukt. Ik heb me nooit te zelfverzekerd gevoeld in mijn leven, ik haat altijd alles wat ik doe. Maar ik probeer steeds snel te evolueren en de dingen achter me te laten omdat ik me ervoor schaam. Ik trok de studio in met het idee iets totaal anders te doen, en dat leidde alleen maar tot veel fouten. Trial-and-error met vooral veel error. Ik had gewoon geen ideeën, dus alles moest van nul worden opgebouwd. Uiteindelijk klikte het wel in elkaar, maar daar kroop veel werk in. Mijn vorige platen hadden altijd al een kaart van wat we zouden doen: de songs waren geschreven en we hadden ze live al veel gespeeld. Nu had ik geen songs, alleen maar kleine ideeën. Zaadjes die geplant konden worden tot er een fruitboom uitkwam met songs waar je (imiteert bijtgeluid, ml.) je tanden in kon zetten."
enola: Je zei ook dat je niet meer de jammy folkgast wilde zijn. Maar als je met niets de studio in trekt, hoor je misschien wel veel meer de improvisatie op de plaat?
Walker: "Absoluut. Met die opmerking bedoelde ik eigenlijk dat ik geen muziek meer wou maken die expliciet in de oude folktraditie staat. Ik hou van dat genre, maar ik wou iets maken dat eigentijdser is. Opnieuw: de improvisatiescene in Chicago voedt mijn songschrijven enorm. Mijn invloeden nu zijn eerder Kenny Burrell of noisemuziek dan Bill Fahey. Voor mijn eigen mentale gezondheid is het bovendien beter dat ik van het ene naar het andere kan springen. Dat constant evolueren is ook zo'n beetje een Chicago-ding."
enola: Is dat iets wat je altijd in je had, of eerder iets wat je echt hebt ontdekt en geleerd toen je verhuisde? (Walker komt oorspronkelijk uit Rockford, Illinois, ml.)
Walker: "Dat is wel iets wat ik daar ontdekt heb, en nog steeds ontdek met ouder te worden. Toen ik begon, was ik 19, een broekventje. Niet dat ik nu oud ben, maar ik draai wel al langer mee, woon al langer in Chicago en sta dichter bij de jazzgemeenschap. Hoe zij kijken naar muziek, hoe zij evolueren, dat is heel belangrijk voor mij. In Chicago vrienden noise zien spelen, zien hoe zij aan geen enkele verwachting willen voldoen, betekent heel veel. Het is een intens persoonlijke band, en heel creatief."
enola: Leefde je in het verleden te veel naar de verwachtingen van bepaalde folkfans? Zoals ten tijde van Primrose Green, toen je gepresenteerd werd als natuurmens terwijl je in de grootstad woont?
Walker: "Dat was allemaal onzin. Die muziek was leuk om te maken en te spelen, en ik heb veel geluk gehad dat mensen ernaar wilden luisteren, maar dat ben ik niet. Ik woon niet op het platteland van Engeland. Ik woon in de stad en ik ben paranoïde. Deze plaat ademt meer mijn eigen leven uit: de beklemming van de stad, de kapotte voetpaden, de enge poortjes waar je met je sleutels aan moet prutsen om ze open te krijgen. Dat is de realiteit waar ik over wou schrijven."

enola: Aan de andere kant lijken de teksten eerder gebaseerd op vrije associatie dan dat ze een coherent verhaal vertellen?
Walker: "Er zit zeker geen verhaal in de plaat, maar wel gevoelens. Vrije associatie kan ook emotie opwekken. De woorden hebben allemaal veel betekenis, en ze zijn zo gecombineerd dat ze mijn gevoelens wel vertolken: liefde, angst, gekte, geluk, verdriet. Dat wekken ze wel op."
enola: Op die manier kan vrije associatie persoonlijker zijn. Maar dat persoonlijke is er als luisteraar misschien ook moeilijker uit te halen?
Walker: "Ik hou ervan dat mensen allerlei betekenissen aan de teksten kunnen geven. Vroeger kwam tekst voor mij op de tweede plaats. Ik ben ook geen sterke tekstschrijver. Zolang mensen er iets bij voelen, ben ik blij. Vroeger bestonden mijn teksten uit stomme metaforen over bomen. Wie geeft er nu om bomen? Hak de boom gewoon om! Nu schrijf ik over hoe het is om elke dag wakker te worden, terwijl het leven kut is."

enola: In het verleden had je een drukke fingerpicking gitaarstijl. Nu speel je ook meer met stiltes en ritmes, combineer je verschillende subtiele gitaarlijnen. Had je nummers als "22 Days" of "Expired" enkele jaren geleden kunnen schrijven?
Walker: "Neen, zeker niet. Dit is de muziek die ik nú wou maken, op dit moment in mijn leven. Het is een heel dichte plaat, met veel onverwachte bochten in de muziek. Wat er tussen de noten gebeurt, is belangrijker geworden. Ik speel nog altijd in fingerstyle, maar ik integreer het in een persoonlijkere stijl. Ik wil dat de muziek paranoïde klinkt, meer als een fucked up window breaker dan als een traditionele folkgast. Ik kom uit de folk, die muziek heeft me gebracht waar ik nu ben. Maar je moet jezelf uitdagen, de zaken anders doen. Ik ben trots op de nieuwe composities. Ik vind dat ze beter klinken dan ooit. Alles loopt ook in elkaar over, je kan niet meer zeggen waar één instrument begint en een ander eindigt. Het is één pot waanzin.”
enola: En heeft dat ook te maken met je persoonlijke evolutie en volwassen worden? Je zei dat je clean wilde worden.
Walker: "Ik ben in ieder geval kalmer geworden. Maar er zat veel onkruid in mijn hoofd, en dat heb ik eruit moeten wieden. Er waren in het verleden veel dode momenten, en daar werd ik gek van. Dan zat ik dagen in mijn appartement, zonder te eten, down te wezen. Ik had last van depressies, van angst, van drugverslaving. Via deze plaat heb ik dat proberen te overwinnen. Hoe moeilijk en uitputtend het ook was om ze te maken, het heeft me wel geholpen. Er zit veel zelfreflectie in het album, wat ook naar voren komt in de teksten. Ze bevatten veel harde waarheden, maar ik ben blij dat ik die naar boven heb kunnen doen komen."
enola: In "Spoil With The Rest" zing je over " Too much guilt to confess".
Walker: "Ja, dat is een duidelijke referentie aan drugs. Aan bullshit gewoon. Niets dramatisch hoor, ik heb nooit iemand vermoord. Zet dat maar duidelijk in je artikel: RYLEY WALKER HEEFT NOOIT IEMAND VERMOORD. (lacht) Maar ik heb wel gelogen, relaties gehad die afgesprongen zijn. Alsof ik uitgecheckt was uit de realiteit: weken in een heroïneroes zitten, geen geld hebben, dakloos worden, hard werken maar alles wat je verdient - wat niet veel is in mijn geval - verspillen. Bepaalde kansen vergooien. Ik mag heel veel reizen om met vrienden mijn muziek te spelen voor een publiek. Maar die kansen verpruts je dan omdat je je als een klootzak gedraagt. 2017 was een brain breaker. Ik heb mezelf weer bij elkaar geraapt, en kan erover praten als iets van het verleden. De plaat is nu klaar, maar ik dacht dat de wereld eindigde, dat mijn leven eindigde, dat ik zou sterven of zo. Het lijkt wel alsof Chicago me voortdurend wil vermoorden."(lacht)

enola: Wordt het niet moeilijk om deze songs live te brengen?
Walker: "Neen, helemaal niet. Het was moeilijk om ze te maken en er zitten ongemakkelijke waarheden in. Maar ik kijk erop terug zoals je naar een foto kijkt. Het is fijn om terug te kunnen kijken op die dingen, om verder te gaan. En om ermee te kunnen lachen en er eerlijk over te zijn. Het is goed de plaat als documentatie te hebben van de fouten die ik gemaakt heb."
enola: Je zei ook dat je de liveversies dichter bij de plaatversie wou houden. Wat zijn de kansen dat je je aan die belofte gaat houden?
Walker: "Nul komma nul waarschijnlijk. (lacht) Songs zijn veranderlijk. Ze ademen, ze leven. Ik luister nooit veel naar mijn platen, want dan wil ik van een klif springen. Toen ik "Primrose Green" schreef, was ik een ander mens, 21 en werkloos. Ik zat gewoon wat op mijn bed te prutsen tot ik bij die riff uitkwam en dacht: “Dit klinkt wel leuk.” En nu is het een song die mensen willen horen, maar ik ben niet meer die gast. Een nummer moet mee volwassen worden. Het is ook leuk songs live te vertimmeren, want ik wissel vaak van groep. Natuurlijk evolueert een nummer als ik een andere bassist heb. En die evolutie, die wisselwerking maakt een show ook geslaagd. De songs op deze plaat zijn onmogelijk solo te brengen. Ik heb het geprobeerd, maar het werkte niet. Ze zijn bedoeld om samen met vrienden en gelijkgezinden te spelen."

enola: Waar kwam het nummer "Accommodations" vandaan? Zo weird heb je nog maar zelden geklonken.
Walker: "De gitaarlijn is het resultaat van een jamsessie met vrienden tijdens een improvisatie-optreden. Ik dacht: “Dit moet ik onthouden, die riff is zo cool.” Het is zo'n vreemd nummer, zeker met die synthgeluiden. Alsof je naar een horrorfilm zit te kijken waarbij je jezelf moet dwingen je ogen open te houden tijdens de enge stukken. Dat nummer kwam voort uit een verlangen om iets heel raars te maken."
enola: Ik vind Deafman Glance meer in het algemeen nogal een plaat die van A naar C naar B springt. Zoals in "Telluride Speed", waarin je op z'n Bryter Layters begint met een dwarsfluit, en er nadien progrock bij gooit.
b>Walker: "Er zit geen voorspelbaarheid in de plaat. De weerman zit er elke keer naast. Daar hou ik enorm van. Maar die fluit verbindt het wel allemaal en maakt de plaat tot wat ze is. Ze lijmt de verschillende stukken van de songs aan elkaar. Zonder fluit klonk het gewoon als een zootje dat geen steek hield."
enola: Als laatste nummer kies je dan voor "Spoiled With The Rest", misschien wel het meest klassieke en melodische nummer van de hele plaat. Heb je dat bewust gedaan?
Walker: "Het is een rocksong, eigenlijk. Ik heb albums altijd afgesloten met zachte nummers, alsof je iemand in slaap wiegt. Dit is meer een anthem. Het is ook een beetje de enige boodschap van hoop op de plaat, ondanks de titel. Ik denk dat er een soort optimisme en openheid in zit. Acceptatie. Dat is zeker enigszins bewust gedaan. Ik hou ervan zo te eindigen in plaats van met een zachte noot. Het is opnieuw een manier om het anders te doen."

enola: Misschien moeten mensen die “de oude Walker” missen de plaat achterstevoren beluisteren.
Walker (lacht) "Het is jouw plaat, je mag ermee doen wat je wilt. Ik geniet ervan dat mensen van mijn platen houden, maar op dit moment in mijn parcours verwachten ze niet meer dat ik altijd dezelfde plaat ga maken. Ik heb dat duidelijk genoeg gemaakt in alles wat ik doe. Ik weet het niet, de mensen moeten kiezen. Ik moet niets voor hen doen, en zij moeten niets voor mij doen. Of ze de plaat willen kopen of niet: maakt me niets uit. Als mensen vinden dat de plaat verschrikkelijk is, is dat oké. Dat is normaal. Ik hou ervan dat het publiek dat ik heb, hoe klein ook, die herhaling niet van me verwacht. Ik wil altijd iets anders maken. Ik heb geen plannen om snel opnieuw iets op te nemen, maar ik weet al dat ik de dingen weer anders wil aanpakken. Ik denk dat deze plaat een beetje een nieuwe start is voor mij. Ze klinkt als het einde van de wereld, maar biedt ook een hele hoop nieuwe mogelijkheden."

E-mailadres Afdrukken