Banner

STUFF.

''Het is net ons constante geneut dat STUFF.maakt''

Matthieu Van Steenkiste - 26 april 2017

Met Old Dreams New Planets moet STUFF. bevestigen wat zijn titelloos debuut beloofde. Komt goed, want ook nu is de eigenzinnige mengeling van jazz, grooves en hiphop onweerstaanbaar. Dat krijg je dan ook met een band die naar eigen zeggen bestaat uit "vijf keikopkes die hun eigen idee hebben over wat muziek kan zijn."

Het was een bommetje dat STUFF. twee jaar geleden de Belgische muziekscene inwierp met zijn titelloos debuut. It was Jazz, Jim, but not as we knew it. Alsof dat allemaal zomaar mocht, mengden de vijf jonge muzikanten funk, hiphop en elektro door hun muzikale opleiding, en het resultaat was een opwindende potpourri die stonk naar opgezweept zweet en hevige hartenklop. Precies wat het ingedut genre nodig had, want zie: nu opvolger Old Dreams New Planets de winkelrekken invliegt, blijkt iedereen, van Kendrick tot Tom Barman, ondertussen aan de jazz. Hoe je dan precies begint aan een opvolger, vragen we aan tafel in de Antwerpse studio van toetsenist Joris Caluwaerts.

Dries Laheye (bas): "Zonder concept, gewoon samen spelen en schrijven uit honger naar nieuwe muziek. Want zelfs na ontelbare keren improviseren en variëren, krijgt een nummer uiteindelijk toch een vaste vorm. Er komt altijd een punt waarop je je weg in het nummer wel hebt gevonden, en dan komt de noodzaak om nieuwe muziek te maken. "
Lander Gyselinck (drum): "We zijn ondertussen zeven jaar diezelfde nummers van STUFF. aan het spelen geweest. Voor een band als ons die zo van improvisatie houdt, was het echt wel tijd om nieuwe straatjes te verkennen. Dat begon vorig jaar al, toen we voor deSingel de muzikale voorstelling Hybrid Love maakten. Zo voor een zittend publiek was dat voor de luisteraar toch een andere audio-ervaring van STUFF., maar het is wel daar dat de eerste grondslagen voor onze nieuwe plaat werden gelegd."
Andrew Claes (sax/ewi): "het feit dat Joris nu zijn eigen studio had, waar we konden opnemen zonder tijdsdruk, maakte het wel een meer ontspannen proces dan vorige keer. In twee keer een week hadden we de basistapes neergelegd, niet alleen het materiaal van Hybrid Love, maar ook nieuwe stukken. Als je instrumenten dan toch staan opgesteld, kun je maar beter ook wat jammen, en daar komen bij ons altijd nummers uit voort. Aangezien we die nooit live hebben gespeeld, moeten we die nu terug leren voor de concerten. Dat is gek, want zo worden het opnieuw helemaal andere nummers."
Gyselinck: "Met andere woorden: wat je van op plaat kent zal live misschien onherkenbaar klinken. Dat zegt ongeveer hoe hard een plaat voor ons een momentopname is, een zoektocht naar iets nieuws."

enola: Jullie omschrijven Old Dreams New Planets zelf als een plaat met twee kanten. Is dat dan: eentje met composities van Hybrid Love en eentje met die jams?
Gyselinck: "Ongeveer, al zijn die stukken die we voor deSingel schreven wel nog helemaal veranderd in het productieproces."
Laheye: "Echt twee luiken zijn het dus niet; er is overlap. Want het is niet alsof we gewoon die Hybrid Love-composities hebben opgenomen. Dat is geprobeerd, maar daarna hebben we besloten alles om te gooien, net omdat die stukken alweer zo geëvolueerd waren. Eigenlijk zijn we dus gewoon te werk gegaan zoals bij onze vorige plaat."

enola: Mag ik de plaat – zeker in de eerste helft – grilliger dan ooit noemen? Alsof je meer tegen dan in de groove speelt.
Mixmonster Menno: "Goh, misschien voelen een paar tracks zo, maar "Strata", het tweede nummer, vind ik voor STUFF.'s doen toch superstraight."
Gyselinck: "Het is nogal subjectief, denk ik. Een andere journalist beweerde net het tegendeel. Ik denk dus niet dat er zo'n lijn in de plaat te ontdekken is. Wat wel is, is dat er meer contrast is. De vuilere stukken zijn nog vuiler geworden, en de mooie nog iets mooier. Het spectrum is opengetrokken."

enola: Komt er bij dat improviseren en variëren soms een punt waarop je eigenlijk een nieuw nummer hebt gemaakt van een bestaand? Dat het niets meer met het origineel te maken heeft?
Caluwaerts: "Zeker, en zelfs heel snel. Nu is dat al. Nauwelijks een paar maanden na de opnames van onze nieuwe plaat zijn er al drie of vier die een andere richting zijn ingeslagen."
Mixmonster Menno (samples): "We proberen de verveling altijd net iets voor te zijn."
enola: Je zou eigenlijk elke keer dezelfde plaat opnieuw kunnen opnemen, zonder dat mensen het doorhebben?
Caluwaerts: "Dat doen we nu al. Stiekem." (hilariteit)
Claes: "We waren net aan het bespreken dat we eigenlijk bij elke nieuwe persing een nieuwe versie zouden moeten opnemen. Dat zou helemaal andere platen opleveren. "

enola: Kun je dan zeggen dat het moment dat een plaat opgenomen is, je al gefrustreerd bent. Dat je hem alweer anders had gewild?
(lachjes)
Claes: "Absoluut."
Gyselinck: "Frustratie klinkt wat negatief, maar zeker na onze vorige plaat was dat echt zo. Zaten we daar interviews over te geven, konden we alleen maar denken hoe oud die muziek voor ons al was. "
enola: Op die manier wordt het bijna absurd om een plaat uit te brengen.
Caluwaerts: "Bah neen. Ik vind het wel schoon om door dat proces te gaan."
Laheye: "Het live voorstellen van een album, dàt is absurd. Eigenlijk zou je dan gewoon die plaat moeten opleggen en daar naar luisteren. Want het is keigek om te werken aan een plaat, maar dan niet dat te spelen als je hem voorstelt. Maar dat is wel wat wij doen. Da's eerder een plaat-interpretatie."(lacht)

enola: STUFF. werd in het verleden altijd nadrukkelijk als "om te dansen" neergezet. Ooit mensen ontmoet die het daar pertinent niet mee eens waren?

Caluwaerts: "Meermaals. (tegen Gyselinck) Jij zegt op ongeveer elk concert 'this is music for dancing'. Dat vind ik wel grappig."
Gyselinck: "Dat is dan ook ironisch, want je ziet zelden mensen echt dansen. Ik denk dat we effectief minder toegankelijk zijn geworden. Onze muziek gaat al meer van het ene universum naar het andere, door een zwart gat. (lacht) Enfin, vroeger werd er gemakkelijker gedanst op STUFF. dan nu."
Caluwaerts: "Ik vind ons nu niet eclectischer, nochtans."
Claes: "Ik vind dat we live nog altijd keihard dansbaar zijn."
Laheye: "Wat? Méén je dat?"

enola: Het lijkt alsof de helft van het STUFF.-zijn bestaat uit discussies aan deze tafel.
Caluwaerts: "Dat is STUFF. in een notendop, zo'n discussie. En toch bedoelen we eigenlijk allemaal hetzelfde. Maar deze tafel ziet af, ja."
Gyselinck: "En de stoelen! Neen, we kunnen dat eigenlijk aan alle tafels! Eigenlijk zijn wij een congres."
enola: Een democratie?
Laheye: "Welja. We proberen knopen toch zo unaniem mogelijk door te hakken."
Caluwaerts: "Vandaar dat we nog niet met een producer werkten. Die zou immers vooraf ieder van ons moet overtuigen, zodat we bereid zijn hem beslissingen te laten nemen. Want we zijn vijf keikopkes die hun eigen specifiek idee hebben over wat muziek kan zijn."
Gyselinck: "Het zou succesvol kunnen zijn, met een producer werken, maar ik denk niet dat dat handig zou zijn om dat als STUFF. te doen. Ik denk niet dat we op zich een extern persoon nodig hebben. Maar goed, als David Byrne ons zou bellen zullen we wel ja zeggen, maar dan weten we ook dat het waarschijnlijk een andere wereld wordt dan onze eigen nummers vormen."
enola: STUFF. is STUFF. niet meer als iemand anders de beslissingen neemt?
Gyselinck: "Neen. Zelfs als één iemand ziek, moe, of depressief is, dan al voel je dat STUFF. niet honderd procent meer STUFF. is."
Caluwaerts: "Het is net door ons constante geneut dat we komen tot wat STUFF. STUFF. maakt. Ik denk zelfs dat het meer is dan een democratie. Elke beslissing moet voor alle vijf goed voelen, zodat je er als een schip even op kunt zeilen en zien waar het je brengt."

enola: Nieuwe metafoor dan. STUFF. is een lichaam dat ook zo eendrachtig moet kunnen bewegen?
Caluwaerts: "Dat proberen we op het podium zeker te zijn. Dan staan we zo dicht mogelijk op elkaar."
Laheye: "In de studio willen we dat ook te bereiken. We gaan nooit iets maken waar iemand van ons zich niet mee kan verzoenen"

enola: Lander, jij hebt ooit gezegd dat je vrienden in New York niet begrijpen dat dat hier kan, wat jullie met jazz doen.
Gyselinck: "Die mengeling van stijlen die wij toepassen ga je daar niet vinden. Daar vertrekt men vanuit het ambacht. Als je uit de jazz komt speel je in de jazztaal, hetzelfde met hiphop. Hier springen we gedurfder om met combinaties van timbres uit verschillende genres. Dat is iets typisch Belgisch, om zo een eigen identiteit te creëren. Doordat we niet zo'n traditie hebben zijn we vrijer."
enola: Heeft dat puriteinse de jazz eigenlijk niet doodgeknepen?
Gyselinck: "Het is te zien wat je jazz noemt. Specifiek voor New York, eerder een museum en niet eens zo'n levend, gaat dat misschien wel op. Jazz is daar geïnstitutionaliseerd, tot dingen die niet altijd evolueren zoals ze dat op andere plekken van de wereld wel doen. Zoals Wenen waarschijnlijk ook niet het mekka van hedendaags klassiek is."
"In de film Whiplash krijg je inderdaad een beeld van hoe het er in sommige Amerikaanse instituten aan toe gaat. Op zich vind ik die devotie wel chique, maar het is maf om dat te zien, zo'n conservatoriumwereld. Dan lijkt dat een beetje vies, zoals dat extreem wordt doorgevoerd voor een muziekgenre dat eigenlijk zo vrij en speels mogelijk moet zijn. Maar bon, zo is dat toch ook met klassiek. Als Bach zou zien met hoeveel gemierenneuk naar zijn partijen wordt gekeken en er gestudeerd wordt op hoe het moet uitgevoerd worden… hij zou ook 'what the fuck, gasten please,…' zeggen."
Caluwaerts: "Op zich vind ik die discipline, dat studeren en je oren trainen, ook wel schoon. Wij hebben ook een stevige opleiding gehad, en daar kunnen we als band nu keihard uit putten. Zo'n opleiding moet je niet licht nemen, dat is ploeteren als een soldaat tijdens een periode in je leven. Je moet daardoor. Ik vind het een beetje gek dan, dat dat in zo'n film zo wordt voorgesteld alsof.. Enfin, het moet natuurlijk wel gezond blijven, want anders vermoord je de muziek."
Gyselinck: "Dat gebeurt bij veel mensen op het conservatorium, maar dat is meestal tijdelijk. Ingevroren. Dat is niet zo erg. Als je kijkt naar wat voor referentiekader je zo uiteindelijk toch ontwikkelt, dat is uniek. En voor alle duidelijkheid: geen klachten over onze Belgische opleidingen, we zijn daar altijd vrij genoeg gelaten om toch ook nog ons eigen ding te doen."

enola: Hoe verklaren jullie de recente heropleving van jazz na jaren diabolisering?
Mixmonster Menno: (fluistert) "Hiphop."
Caluwaerts: "Zo is dat. In de jaren tachtig is er naast rock veel gebeurd op productievlak. Dance ontstond, maar ook hiphop, … Wat je nu hebt is dat de eerste generatie die met die vervaagde genrelijnen is opgegroeid, volwassen is. En klaar om ook zo te spelen. Als je ons ziet spelen, zie je ook dat wij geen klassieke jazzopstelling, maar ook geen five piece rockband zijn."
Gyselinck: "Jazz wordt ook doodgesampled, waardoor jonge hiphopheads soms gaan dwepen met jazzplaten. Dat vind ik wel verfrissend. Maar laat me duidelijk zijn: er is niets belegen aan jazz, dat imago heeft het enkel te danken aan die academici uit de jaren zeventig. Voor die blanke elite er op ging inzoomen was jazz altijd superfunky en maf."

enola: Jullie zijn met jullie hippe fusie van genres medeplichtig aan die nieuwe waardering. Merk je dat jullie zaadjes hebben geplant bij de volgende generatie?
Caluwaerts: "Ik schrik er van hoe hard wij al impact hebben gehad. Hoe partituren van onze stukken rondgaan onder jonge muzikanten. Op de kunsthumaniora in Brussel is het naar het schijnt verschrikkelijk. Ik hoor dat onze naam daar dagelijks valt uit de mond van een leerling."
Gyselinck: "Zitten ze in de drum- of pianoklas stukken te beluisteren omdat een student bepaalde dingen die we doen wil leren … Dat is absurd!
Laheye: "Ik zou het leuker vinden als ze eerder het groepgegeven zouden oppikken, dan de noten. Het feit dat wij met vijf spelen, als een band, en niet zoals we het geleerd hebben, met elk een vaste rol. Want zo is het in de jazz tegenwoordig: de een is een pianist en moet zo goed mogelijk piano spelen, de ander saxofoon, maar wel vervangbaar door iemand anders die net zo goed is."
Gyselinck: "Zo werkt het in de States: je verkoopt jezelf altijd vanuit dat individuele kunnen. Waardoor je weinig echte jazzbands hebt, waarbij het exponent van al die persoonlijkheden in je gezicht voelt blazen."
Caluwaerts: "Nochtans: als je kijkt naar al die legendarische jazzplaten, zul je zien dat dat eigenlijk steengoeie bands waren die die inspeelden."

enola: Tot slot: voor elke instrumentale band is het verzinnen van titels een nachtmerrie. Hoe doen jullie het?
Caluwaerts: "Vreselijk iets, dat. Tja, we brainstormen, helemaal op het einde van het proces, meestal over onderwerpen waar we onder elkaar al eens over gepraat hebben. En op dat moment denken we er alweer aan deze tafel ook echt wel goed over na. Want het moet kloppen, dus we bullshitten, zoeken dingen op …"
Gyselinck: "Google, Wikipedia …"
enola: Hoe kom je dan op een albumtitel als Old Dreams New Planets?
Laheye: "Dat sloeg op het nieuws, vorig jaar, dat er rond de ster Proxima B een hoop potentiële aardes waren ontdekt. Daar zijn we rond beginnen fantaseren."
Gyselinck: "Vooral de tragiek dat het meteen ook onmogelijk was om daar te gaan wonen, gezien de afstand, raakte ons. Vandaar die titel, want ondanks alle romantiek blijft het een droom."
Laheye: "Vorige week zijn er rond de ster Trappist ook weer een hoop bewoonbare planeten gevonden."
enola: Nu nog ver kunnen vliegen …
Gyselinck: "Ja, en deze plaat is daar de soundtrack bij!" (lacht)

E-mailadres Afdrukken
Tags: STUFF