TIPS VOOR 2017: Faon Faon

''Wij hebben keiveel goesting in Vlaanderen, maar willen jullie ons? Dat is de vraag!''

Matthieu Van Steenkiste - 18 januari 2017

De hele maand januari blikt enola.be vooruit op het jaar dat komt. In Tips voor 2017 laten we enkele van de meest belovende artiesten aan het woord. Hou ze in de gaten en onthou waar u voor het eerst over hen las.

Dat je op een festival blijft staan bij een onbekend groepje omdat iéts je bevalt, dat gebeurt. Dat je hun eerste ep enkele maanden later eens beluistert, is een logisch gevolg. Als die plaat een half seizoen verder nog altijd regelmatig door het huis schalt, dan heb je iets beet. Het Frans-Brusselse Faon Faon maakte die hattrick vol, en dus verwachten we iets van deze jongedames. Aan Vlaanderen om hen alvast ook in de armen te sluiten. Stof alvast maar uw Frans af.

"CocoRosie". Dat moet zowat het eerste zijn geweest dat ons door het hoofd schoot toen we op een B-podium van het Esperanzah! Festival plots oog in oog stonden met hartsvriendinnen Olympia Boulée en Fanny Van hammée. De zelfgeknutselde outfits, de vele instrumenten waartussen geswitcht werd, de ukelele: het riep allemaal herinneringen op aan de zusjes Cassidy, net als de samenzang en de folky toetsen. En toch. Tegelijk was dit vrolijker. Opener. Meer rechtdoorzee. Faon Faon blijft een popproject, zij het dan een wat dwarsig. En natuurlijk gaat er ook een schone ontstaansgeschiedenis achter schuil, zo vertellen de dames in de wintertuin van het RTBF-gebouw.

Van hammée (zang, ukulele, etc): "Het was allemaal puur toeval, eigenlijk. Ik heb Olympia voor het eerst ontmoet in 2008, toen we samen op een losse jam waren beland. We zongen wat samen, maar verloren elkaar uit het oog tot ik haar plots opnieuw ontmoette op mijn werk. Ik werkte ergens als styliste, zij kwam een casting als mannequin doen. We hebben jarenlang samengewerkt, werden vriendinnen en volgden elkaars muzikale exploten. Het was echter pas toen ik in 2013 mijn job verloor, dat Faon Faon het daglicht zag. Ik had niets om handen, Olympia zat in Berlijn voor een performanceopleiding, en stelde me dan maar voor naar daar af te zakken. We begonnen aan dingetjes te knutselen, en dat bleek nog redelijk resultaat op te leveren. Het volgende moment schreven we ons in voor allerhande wedstrijden, waarvan we Du F. Dans Le Texte wonnen. Dat zette alles in gang."

enola: Die wedstrijd is er specifiek voor Franstalige teksten. Was die keuze voor de moedertaal van bij het begin een vanzelfsprekendheid?
Boulée: "Eigenlijk wel. Nochtans waren de projecten waar we ons voordien mee bezig hielden Engelstalig, maar ik werd er me langzamerhand van bewust dat mijn accent, mijn grip op de poëzie van die taal en zijn discours niet perfect waren, en dat dat me dus nogal beperkte. Van bij het begin van Faon Faon hebben we dus beslist dat het Frans eerst komt, al zijn andere talen niet uitgesloten. Ik ben zelf bijvoorbeeld nogal gek op het Portugees bijvoorbeeld, en dat kan soms plezant zijn: in een andere taal krijgt dezelfde uitspraak plots een heel andere resonantie."

enola: Was het meteen duidelijk wat het muzikaal zou worden, of was het zoeken hoe Faon Faon moest klinken?
Boulée: "Ik denk dat we nog altijd aan het zoeken zijn."
Van hammée: "Op het vlak van compositie beginnen we ergens een lijn te vinden, maar het blijft nog heel vrij. Maar wat betreft geluid zijn we nog altijd onzeker."
Boulée: "Over de vorm denken we zelden na. Daar vlechten we gewoon allerhande stukken in elkaar, wat per definitie voor vrij hybride resultaten zorgt. Sommige elementen puren we wel uit tot ze wat traditioneler worden, maar tegelijk willen we ook wel een verrassingselement houden."
enola: Hoe is de rolverdeling tussen jullie, eigenlijk?
Boulée: "Mix-'n-match!" (lacht)
Van hammée: "Alles kan, alles mag. Er zijn geen regels. Soms brengt iemand een stukje tekst aan, een ander een akkoord, soms schrijven we samen, soms apart …"
enola: Brengen jullie elk uiteenlopende invloeden naar de tafel? Jij komt uit een hiphophoek, Olympia studeerde dan weer musicologie.
Boulée: "Dat zorgt zeker voor andere benaderingen. Fanny heeft een veel rijkere tekstervaring dan ik, terwijl ik meer weet over harmonieën, of daar toch meer op gestudeerd heb. Dat maakt het net boeiend; zo komen we tot accidenten, zijn er kwetsbaarheden die interessante fricties opwekken. Ze creëren verrassingen, en doen ons uit ons automatisme komen. Ik heb Etnomusicologie gestudeerd, dus alles wat met orale traditie te maken heeft; Afrikaanse muziek als Ali Farka Touré. Van die dingen houden we allebei heel hard, dus dat schept een band."

enola: Heeft die liefde voor Afrikaanse ritmes je richting drums gestuurd?
Boulée: "Toch niet. Mijn vader was zelf ook een slagwerker. Ik ben nog vaak in slaap gevallen in de basdrum. (lacht) Afgelopen kerstvakantie zag ik bij mijn grootouders nog foto's van toen ik kind was: ik kon nauwelijks lopen toen ik al drumde. Meer dan die studies zijn het mijn roots die me op dat vlak hebben getekend, maar die afrikaanse ritmes hoor je natuurlijk overal. Vandaag in Afro-Latijnse muziek, hiphop, jazz: 't is een rijke basis om te verkennen."
enola: Fanny, jij hebt dan weer een koorverleden?
Van hammée: "Daar heb ik inderdaad mijn eerste muzikale ontwikkeling doorgemaakt; harmonieën, het geluk van samen zingen, maar ook erg veeleisend soms. De druk om juist te zingen was enorm. En daarna kwam natuurlijk de grote breuk, toen ik hiphop leerde kennen. (lachje) Ik heb leren rappen, en later ben ik chanson- en rockworkshops beginnen volgen. Zo heb ik van alles uitgeprobeerd. Maar Faon Faon is eigenlijk het eerste project waarin ik me honderd procent thuis voel. 't Is inderdaad een beetje een terugkeer naar de stem, naar het plezier van samen zingen en je stemmen samen te doen klinken."

enola: Op internet zijn radiosessies te vinden waarbij jullie aangevuld worden met een extra gitarist en bassist. Kan Faon Faon van een duo ooit een echte groep worden?
Boulée: "Je muziek kunnen delen met andere muzikanten heeft iets geweldigs, zeker omdat het altijd vrienden zijn. Het is een beetje alsof we lid zijn van een familie, maar het idee blijft dat wij twee de kern blijven. Die keuze hebben we om tal van redenen gemaakt, en als we meer instrumenten nodig hebben, halen we dat wel uit de computer. Dat is soms limiterend, want als het geschreven is, beweegt het niet meer, en ik heb het spelen met andere mensen en niet alleen machines wel nodig. Daarom vinden we het ook heel belangrijk om echt op te treden, terwijl we tegelijk toch ook de handen vrij willen hebben om het publiek bij het nekvel te pakken. Ik denk dat we een goeie middenweg hebben gevonden in onze manier van spelen, maar ik zie ons toch verder zoeken naar een manier om de computer live meer te kunnen manipuleren of toch met een derde of misschien zelfs vierde muzikant op te treden. Wie weet zelfs met een filharmonisch orkest, of een Balinees ensemble, weet ik veel! (lacht) We begrenzen ons zeker niet tot ons twee, want er kan dan wel veel creativiteit zitten in zo'n beperking, er zit ook veel plezier in je muziek delen."

enola: Ik was op Esperanzah! Festival nogal gecharmeerd door jullie cover van "Sauver L'Amour" van Daniel Balavoine. Gingen jullie daar ook geen clipje van uitbrengen?
Boulée: "Jij bent goed geïnformeerd! Maar het klopt: we hebben in juli 2015 op onze Facebookpagina een oproep gedaan om ons beeldmateriaal in te zenden. Dat leverde nu ook weer niet gek veel op, maar we moeten het eens afwerken. We hebben echt zin om daar nog iéts mee te doen, om het moment vast te leggen. Zeker omdat het dit jaar dertig jaar geleden is dat Balavoine stierf (Hij kwam om in een helicopterongeval tijdens de Dakar-race, mvs). We zijn de afgelopen maanden een beetje meegesleept door de wervelstorm die ons is overkomen – de ep die is uitgekomen, een tournee in het voorprogramma van Puggy en Jain, en nu moeten we een clip voor onze volgende single "Mariel" opnemen. 't Is goed dat je ons er nog eens aan herinnert."
enola: Vanwaar eigenlijk de keuze voor die cover? 't Is een vreselijke Franse eightiesdraak, maar jullie weten perfect de straffe melodie eruit te filteren.
Boulée: (kijkt een beetje betrapt) "Om eerlijk te zijn: ik zat met fameus liefdesverdriet; er moest iets gered worden en "Sauver L'Amour" deed het hem wel. Fanny vond het ook een goed nummer, et voilà. Het heeft nochtans lang geduurd voor ik echt naar Franse muziek ben gaan luisteren, want om op je vraag van daarnet terug te komen: het is me lang niet gelukt om in het Frans te schrijven net omdat ik niet met zo'n muziek geassocieerd wilde worden. Tegelijk: Balavoine heeft me altijd gefascineerd, die Starmania- rockopera's waarin hij zong, die stem … Het was dus een boeiende uitdaging om iets aan te vangen met die muziek, waar ik niet per se iets mee had, maar waarvan de auteur en de tekst me wel raakte."

enola: En nu we toch bezig zijn, wat is jullie probleem met het huwelijk, dat jullie in "Marriage" heerlijk aanstekelijk met de grond gelijkmaken?
Van hammée: "Wel, we zijn allebei gescheiden …" (schaterlach)
Boulée: (proest het uit) "Neen, het was eigenlijk puur de muziek die ons daar bracht. Eerst dat Afrikaanse ritme (tapt het), dan een bas (ze zingen het allebei), en hop plots zegt er één: “Hé, 't is onze trouwdag”, en de ander “Ja, het huwelijk, super thème!."
Van hammée: "Waarna de vraag kwam of we dan pro-huwelijk waren? Neen. Oké, dan zouden we het in vraag stellen. En zo kwam van het een het andere."
Boulée: "Het is een beetje een tegengewicht voor al die koppels die met veel vertoon trouwen, om dan een paar jaar later te realiseren dat ze zich vergist hebben en weer gaan scheiden. Mijn ouders zijn 35 jaar samen zonder getrouwd te zijn, en ik vind dat schoon. Dat is een ode aan de liefde. Zie het zo: we zijn voor l'amour, niet tegen het huwelijk."

enola: Jullie ep is uit sinds dit najaar. Zijn er al plannen voor een debuut?
Boulée: "Zo meteen, als dit petit interview gedaan is, trekken we naar ons repetitiehok om eens de inventaris te maken van wat we daarvoor hebben liggen. Er moeten zowat vijftien stukken zijn, waar we eens over moeten sjieken. Sommige hebben live al wat geleefd, maar zijn niet op de ep beland, andere zijn niet meer dan ideetjes. We moeten eens goed kijken welke we verder willen uitwerken en welke niet."
Van hammée: "We hebben al veel embryo's van songs, het zal nu zaak zijn van ze de komende weken en maanden verder te laten groeien. Dus ergens in 2017, misschien 2018? Er staat nog niets vast. Ik denk dat we er wel uit zijn dat het zeker pop moet blijven. Ik zal niet uitsluiten dat we ooit een folkalbum opnemen, maar het is niet onze prioriteit op dit moment. We willen de mensen laten dansen, dus het mag dynamisch en onderhoudend zijn. Er valt ook nog veel te ontdekken op dat gebied, zeker op vlak van stemmen, melodie en vooral ritme."
enola: Als dit het einde van het eerste hoofdstuk is, wat brengt het tweede?
Boulée: "De hoorntjes van de faun zullen beginnen groeien. We moeten gaan schrijven aan dat album, het verhaal laten ontwikkelen, want de ep schiet een beetje alle richtingen uit. Dit was dan ook onze geboorte, het hoofdstuk van de kindertijd en een zoektocht naar wat Faon Faon kan zijn. Nu we al die ervaringen hebben – een beetje podium, een beetje studio – willen we die loslaten op een album, en dat is ook een uitdaging. Op een full-cd heb je de tijd om je verhaal uit te spinnen en de ruimte om alles wat we in die zes nummers van de ep hebben geperst rustiger uit te werken. Er zijn meer mogelijkheden, maar het moet evenwichtiger zijn."

enola: Hoe is het leven eigenlijk in muzikaal Brussel? Moet ik me daar een scene bij voorstellen, of is het elk op zijn kluit?
Van hammée: "Absoluut niet, er is een hele levendige scene waar we de laatste drie jaar intensief zijn ingedoken. Tegenwoordig lukt het niet meer zo goed om al onze vrienden te zien spelen, maar als je wil kun je om de twee dagen wel naar een concert. Iedereen kent iedereen, en komt overeen."
Boulée: "Er wordt gejamd, samengewerkt, kennis uitgewisseld, ontdekkingen gedeeld, goeie raad gegeven. 't Is allemaal heel welwillend, dat muzikale netwerk. Niet dat daarom iedereen goed vindt wat we doen, maar er hangt een goedmoedige sfeer, met veel respect."

enola: Kijken jullie naar Vlaanderen, of is dat geen optie met jullie Franstalige teksten?
Boulée: "Maar jawel! We hebben keiveel goesting om in Vlaanderen te spelen, maar willen jullie ons? Dat is de vraag! Ik geloof heel hard dat muziek een universele taal is en dat het dus niet uitmaakt wat je zingt. Een opera werkt ook, zelfs al is ie in het Italiaans of het Tsjechisch. En ik kan ook geraakt worden door een Engelstalige song die ik maar half begrijp. Dus waarom zouden we de Vlamingen of zelfs de Chinezen niet kunnen ontroeren of doen dansen?"

enola: Ons hebben jullie in elk geval mee. Merci les filles, c'était chouette.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Faon Faon