Banner

DIT WAS 2013: Smith Westerns

''Het is raar en triest als groepen snel stoppen''

Joris Vanden Broeck - 04 december 2013

De hele maand december blikt enola terug op het afgelopen jaar met de interviewreeks DIT WAS 2013. Daarin laten we artiesten aan het woord die het jaar maakten of wiens plaat onterecht onopgemerkt de vergetelheid in dook.

Punkjongens worden groot. Smith Westerns bracht dit jaar Soft Will uit, een plaat waarmee -- de titel verklapt het al een beetje -- de softe kant van het trio vrij spel kreeg. Het album gaf de band een nieuwe adem nadat de tour volgend op voorganger Dye it Blonde een slopend effect had.

De gammele garagepunk van het titelloze debuut is, minder dan vijf jaar nadat de broertjes Cullen en Cameron Omori samen met Max Kakacek er hun opwachting mee maakten, veilig ingekapseld in een pop-cocon die meer gemeen heeft met de eerste helft van de seventies dan met de tweede. Gitarist Kakacek noemt het een normale evolutie. En mogelijk de redding van de band.

Max Kakacek: “De manier waarop ons geluid de voorbije jaren veranderd is, is een gevolg van het vele toeren. We hebben beter met elkaar samen leren spelen, dat speelt sowieso een belangrijke rol in hoe we vandaag klinken. Nu weten we hoe het hele muzikale proces werkt. Ons debuut hebben we gewoon bij mij in de kelder opgenomen, zonder al te veel poespas, toen we amper 18 waren.”
“Pas toen we opvolger Dye it Blonde maakten, hebben we voor het eerst een opnamestudio aan de binnenkant te zien gekregen. De ervaring die we daarbij hebben opgedaan, kwam handig van pas bij het opnemen van Soft Will. Bovendien hebben we opnieuw met producer Chris Coady samengewerkt. We kennen elkaars manier van werken ondertussen.”
“Dat de songs op deze plaat eerder als soft omschreven kunnen worden, komt doordat we zolang met de vorige getourd hebben. Tegen dat we dat achter de rug hadden, hadden we echt genoeg van om elke avond snelle, jangelende songs te spelen. We wilden meer rustige nummers, er mocht meer diepte in zitten. Door de songs gelaagder te maken, kunnen we er live meer kanten mee uit.”

enola: Toen Dye it Blonde verscheen, was T. Rex een vergelijking die veel gemaakt werd. Qua sfeer lijkt Smith Westerns nu meer aan te sluiten bij Big Star.
Kakacek: “Ik hou enorm van Big Star en van het beeld dat rond die band hangt. Het zijn geen slackers maar ze zijn, met alle respect, nooit ver gekomen tijdens hun carrière. Dat maakt hun verhaal zo fascinerend. Iedereen begin nu pas uit te freaken nu er een documentaire is. (Nothing Can Hurt Me, gaat dat zien!, red.). Ik heb de film zelf nog niet gezien, maar ik hoop dat ik snel de kans krijg. De wisselwerking tussen Alex Chilton en Chris Bell fascineert me. Chilton is fantastisch, maar je mag Bell echt niet over het hoofd zien.”

enola: Ze zijn wel een beetje een musician's band: zo veel lof als er van andere artiesten was, zo weinig erkenning door het grote publiek genoot Big Star. Bang dat je met Smith Westerns hetzelfde zal overkomen?
Kakacek: “Exactly. We kennen Big Star trouwens zelf dankzij Teenage Fanclub. Het klinkt ook niet als het ergste dat je kan overkomen: Big Star is cool en ik heb tonnen respect voor die band. Zolang er ergens mensen zijn van je muziek houden, is het goed.”
“Zelf gaan we door fasen zoals je aan onze platen kan horen. We luisteren naar meer dingen dan toen we van start gingen, zijn ook geen middelbare scholieren meer. In het begin waren we een punkgroepje dat naar luide platen uit de seventies wou luisteren om vervolgens de garage in te treken en lawaai te maken. Nu laten we ook andere invloeden toe. In 'Varsity' zitten 80's-invloeden, vind ik.”

enola: Je zit in een band met twee broers. Als tiener is dat mogelijk niet altijd even leuk geweest?
Kakacek: “Valt eigenlijk heel goed mee. Het wordt enkel weird als we op tournee gaan. Dan komen de broer-kantjes naar boven. Maar tijdens het schrijfproces maakt het niet uit. Ik ben het ook gewoon om met Cameron en Cullen rond te hangen. We kennen elkaar al van voor we een band hadden. We hadden samen ook een groepje voor Smith Westerns. Dat heette ook Smith Westerns, maar het was een heel andere band. Wijzelf beschouwen de release van ons debuut als de echte start van de band. Al hebben we ervoor wel enkele 7”-singles uitgebracht die her en der in Chicago verspreid zijn. Wat daar op staat? Terrible, terrible stuff, nog slechter dan het slechtste. Echt onbeluisterbare rotzooi. Ik heb er zelf nog ergens enkele exemplaren van, diep weggestopt. Waarom we die singles uitgebracht hebben als ze zo slecht waren? Tja, we waren vijftien, zestien en gewoon blij dat we muziek konden maken. Live spelen we in ieder geval niks meer uit die periode, tenzij misschien tijdens Halloween, voor de grap.”

enola: Smith Westerns bracht tot nu toe drie platen uit, bij drie labels. Dat klinkt niet alsof een stabiele band-label-relatie opgebouwd wordt.
Kakacek: “Dat valt wel mee. Als scholieren konden we terecht bijn HaZoC, een klein punklabel uit Chicago. Daarna hadden we een deal voor één album bij Fat Possum, in Europa was er een gelijkaardige deal met Domino. Ik weet eigenlijk niet of we ooit de vraag gesteld hebben of we bij hen nog een plaat konden uitbrengen. En nu zitten we bij Mom+Pop, een redelijk jong label. Het is misschien redelijk weird om zo vaak te switchen, maar bij Mom+Pop zitten we echt goed. Onze vrienden van Wavves en Fidlar zitten er ook op.”

enola Klikt het makkelijk met andere groepjes?
Kakacek: “Er is wel een band. Er zijn veel groepen die we op festivals tegen komen. Toen Dye it Blonde uitkwam, en we goede reacties kregen in de pers, was Wavves ook net aan het boomen en kwamen we elkaar overal tegen. Dat is amper twee jaar geleden, maar toch lijkt alles enorm veranderd. De opkomst van de elektronische muziek heeft veel gewijzigd.”

enola: Opkomst? In de jaren negentig werd ook het einde van de gitaarmuziek afgekondigd. Echt veel is daar niet van in huis gekomen.
Kakacek: “Klopt, maar veel van de bands uit de periode 2009-2011 zijn vandaag gesplit. Neem nu Girls. Het is raar en triest als groepen zo snel stoppen. Ik zou dit graag tien of twintig jaar doen, ik hou er enorm van om. Hopelijk zijn er over twintig jaar nog bands die het ook volgehouden hebben.”
“Want vandaag is het raar om headliners te zien op festivals. Ofwel zijn het artiesten die eigenlijk nog geen headliner zijn of het gaat om bands die het niet meer zijn. Op Lollapalooza hebben we The Cure gezien dit jaar en dat was fucking weird.”
“We zullen wel zien wat er gebeurt, de hele EDM- en drugcultuur zijn nu enorm aan het boomen in de VS. Het is makkelijker om te toeren natuurlijk, je hebt minder materiaal dat je moet meeslepen, je wordt voor coolere events gevraagd dan rockbands en de persaandacht is evenredig.”

enola: Vanwaar komt dat hele EDM-gedoe eigenlijk? Want enkel de term is nieuw, de muziek bestaat al jaren.
Kakacek: “Nu lijkt het plots een big thing, ja. Ik heb pas een weird artikel gelezen over molly, een nieuwe drug die in het zog van EDM flink in opmars is. Het is een mix van wat de persoon die molly fabriceert kiest om er in te draaien. De gebruikers vallen bij bosjes. (vertelt een raar verhaal over festivals waar organisatoren dealers in dienst hebben) Het is een beetje zoals XTC, maar dan met een mix van huis-, tuin- en keukenproducten, zoals bij chrystal meth. Er kan alles inzitten, van heroïne tot ontstopper. Het doet je hersens wegsmelten en je danst de benen van onder je gat vandaan. En het meest vreemde is dat zelfs popartiesten als Miley Cyrus mee gaan in die trend: ergens zingt ze 'Dancing with molly'.” (in “We Can't Stop”, we hebben het gecheckt!, jvb)

enola: Duidt een veranderende drugcultuur op een verandering in de muziekbeleving?
Kakacek: “Yeah, it does. Kijk naar de hippies in de sixties die eerst wat blowden en hoe het daarna ontspoorde met de hardere stuff. Of wij daar in mee gaan? Elke band heeft zijn party stories. Maar binnen Smith Westerns heb ik nog niemand ziek, angstig of gek zien gaan, dus ik denk dat we braaf zijn. We zitten natuurlijk in een omgeving waar een zeker risico aanwezig is. Al denk ik er niet al te veel over na. Er wordt wel eens gezegd dat we een weedband zijn, maar in elke band die ik ken, wordt geblowd, dus die omschrijving houdt niet veel steek.”

enola: Twee jaar geleden stonden jullie op Pukkelpop, toen een storm over het festival trok en de Chateau, waar jullie toen speelden, instortte. Hoe verwerk je dat, als band?
Kakacek: “Het was heel gek. We hadden geen idee wat aan de hand was. We zaten in de tent voor het optreden, wisten zelfs niet dat het regende en achteraf heeft het lang geduurd voor we te horen kregen wat er nu eigenlijk gebeurd was.”
“Ik heb geen idee hoe we die dagen erna doorgekomen zijn. (lange stilte) Het was een heel slechte zomer. Er waren toen enkele van dergelijke drama's. Je verwacht niet dat het je zelf kan overkomen.”
“Het ogenblik zelf was bizar. Ik was niet zeker wat er zou gebeuren. Iedereen had het podium verlaten terwijl ik er nog stond, en toen viel een lichtding naar beneden, recht op mijn gitaarpedalen. Onze tourmanager had de monitoren op het podium twee voet achteruit gezet vlak voor de show, omdat ze te dicht bij de rand van het podium stonden. Mijn pedalen staan vlak voor die monitor. Als hij die monitors niet verplaatst had, had ik niet zoveel geluk gehad.”

E-mailadres Afdrukken