Banner

COLUMN: The Shape Of Punk

Van onder de kerktoren

Karel Geuens - 24 april 2017

Elke maand maakt correspondent Karel Geuens een stand van zaken op van de DIY punkscene in België.

België is een verzadigd land. Behalve onze lintbebouwing, kerken die dienen als excuus voor dorpskernen en de Antwerpse ring, is ook de undergroundcultuur beland in een situatie waarin ademruimte, oriëntering en een minimum aan isolatie ver te zoeken zijn. Enerzijds valt er niet te klagen over het grote aanbod aan bands en shows, anderzijds werkt de hoeveelheidsdruk een interne verdeling en een lakse houding in de hand. Als er zoveel gebeurt onder de kerktoren, waarom zou je dan van die kerktoren weggaan?

Het laatste wat een punkscene nodig heeft, is dat mensen die optredens op poten zetten, elkaar gaan beconcurreren. Het is een fragiel circuit dat draait op motivatie en enthousiasme; het risico om geld te verliezen is daarbij het DIY-equivalent van het zwaard van Damocles. Daarom alleen al getuigt het van goed fatsoen om, zeker bij grotere evenementen, even na te gaan of er op hetzelfde moment al geen ander, gelijkaardig evenement wordt gepland. Op die manier loop je niet het risico in elkaars vaarwater terecht te komen. Onvermijdelijk gebeurt het af en toe toch. Dat hoeft daarom niet onoverkomelijk te zijn, maar voor de promotoren en de bands is het veel gunstiger wanneer het publiek maar voor één optie wordt gesteld. Want zoals gezegd: het aanbod aan artiesten die willen optreden en toeren stijgt aanzienlijk, de vraag volgt niet aan hetzelfde tempo.

Het is natuurlijk niet simpel voor een DIY-band om een volledige tour te plannen. Als je niet elke dag kan spelen, dan heb je een dag geen publiek - lees: geen inkomsten en vaak ook geen plek om te overnachten. In een eerder artikel zeiden we al dat België een gastvrij en economisch interessant land is voor een tourstop. Europese bands die op pad gaan, komen dan ook regelmatig hier spelen. Hieruit volgt wel dat ons land al snel een opvuller wordt, een last resort. Wanneer er nog een laatste dag van een tourschema dient opgevuld te worden of wanneer er ergens een show last minute wordt afgezegd, dan keren bands vaak terug binnen de comfortabele grenzen van ons vlakke land.

Als grote voorstander van bands die erin slagen zelf een tour te boeken, vind ik het moeilijk om hun harde werk - en dat van de promotoren - te bekritiseren. Het is gewoonweg niet simpel om elke dag te kunnen spelen volgens een vooraf geplande route. Want al snel moet ervan afgeweken worden en belanden bands weer in het land waar ze, laten we eerlijk zijn, goed verzorgd worden en een degelijke pint kunnen drinken. (Terzijde: we zijn dan vanzelfsprekend wél zo slim om die bezoekende bands een frisse Cara Pils of een Kaiser aan te bieden. Degelijk bier is een aantrekkelijk aanbod, maar tegelijk klinkt kosten uitsparen ook als punkmuziek in de oren bij de lokale promotor.)

We zijn enthousiast genoeg om een band te laten spelen, hen te accommoderen en zo goed mogelijk te voorzien van alle geneugten van het tourleven. Maar wat als ondertussen twee andere promotoren in twee aangrenzende provincies exact hetzelfde doen? Het gevolg is dan een onnodige verdeling van om en bij hetzelfde publiek over drie optredens. Het publiek wordt zodanig verwend met shows om de hoek, dat twee hoeken verder gaan plots een hele opgave lijkt.

We leven in 2017 en alles is gemakkelijk, toegankelijk en snel bereikbaar geworden. Toch doen we er goed aan af en toe ook eens uit onze zetel te komen en een uur te rijden om te genieten van een avond uit. Zoals in elke goede relatie moet ook hier de motivatie van twee kanten komen. Als er mensen zijn die de moeite willen doen om shows op poten te zetten, dan moeten er ook mensen zijn om die initiatieven te blijven steunen. Het is dus zeker een goede zaak van je lokale scene te steunen, maar tegelijk zou het ook zonde zijn van aldoor te blijven hangen onder die kerktoren.

E-mailadres Afdrukken