Banner

Hoe U2 zichzelf op geniale wijze voorbij liep...

Maarten Van Meer - 03 oktober 2007

... en toen helaas weer op veilig ging spelen. Zopas verscheen de registratie van een concert uit U2’s Popmart-tournee op DVD: het exuberante orgelpunt van U2’s meest vernieuwende en trendsettende periode. Met zoveel succes je publiek uitdagen en meeslepen in zeer vernieuwende muziek: het is weinigen gegeven. Zoals elke risicovolle onderneming, verliep dit helaas niet foutloos.

Er zijn vele U2’s. Wie de groep leert kennen en in haar back catalogue graaft, komt wel eens een verrassing tegen. Wie bijvoorbeeld na de recente hits "Vertigo", "Elevation" en "Beautiful Day" verleid is om Pop, Zooropa of Achtung Baby! te kopen heeft ongetwijfeld af en toe moeten slikken. Net zoals mensen die –- gecharmeerd door een van deze albums -– in de jaren ’90 besloot om de oude U2 te leren kennen, enigszins teleurgesteld moet geweest zijn door de zeer traditionele rock die de groep heeft groot gemaakt.

Twijfel

U2 is dan ook een groep die zichzelf op gezette tijden heruitvindt. Hun carrière lijkt vrij goed uiteen te vallen in trilogieën van albums. De eerste drie (Boy, October en War) getuigen van veel branie, en een niet altijd even makkelijke zoektocht naar een eigen geluid. Dat leken ze gevonden te hebben op het machtige The Unforgettable Fire: epische, serene, geëngageerde en oprechte rockmuziek. U2 was toen al een groep die als geen ander spiritualiteit in zijn rockmuziek wist te brengen. De absolute wereldtop werd bereikt met The Joshua Tree, waarna de twijfel toesloeg, voor de goede luisteraar en kijker gedocumenteerd in de film en soundtrack Rattle and Hum.

Aan het einde van die tour bekende Bono "We’ll have to dream it all back up again". In het pas herenigde Berlijn droomde de band zijn meesterwerk bij elkaar: Achtung Baby. Het album waar elke muziekjournalist aan refereerde toen hij voor het eerst Radioheads OK Computer hoorde. Het album waarop de groep op het toppunt van zijn kunnen een radicale omslag maakte.

Weg met de epiek, de soms ridicule witte vlaggen en vermoeiend volgehouden oprechtheid en engagement. Bono zette een extravagante zonnebril op, kamde zijn haar achteruit en ontdekte met een smerige grijns The Fly in zijn spiegel. Het donkere experiment dat op The Joshua Tree al een beetje aanwezig was in "Exit", wordt breed uitgesmeerd over twaalf foutloze tracks. Verhaal, context en thematiek van Achtung Baby zijn genoegzaam bekend: Berlijn, Hansa, industrial, One, Zoo Station, the Fly, ironie, het huwelijk van The Edge, de val van de Muur en –- last but not least — morele ambiguïteit.

Tussen "I’m Ready For The Laughing Gas" en "Oh My Love, Blindness" bevinden zich 60 van de meest boeiende minuten muziek uit onze platenkast. U2 plakte er bovendien een wereldtournee tegenaan die zich enkel in duizelingwekkende cijfers en superlatieven laat vatten. Tijdens de Zoo TV-tour kwam Salman Rushdie in volle Fatwa even goeiedag zeggen op het podium, werden Trabants als spots gebruikt, zong Lou Reed per video mee met zijn "Satellite Of Love" en bestelde Bono pizza voor het hele stadion (waarvan er een paar duizend geleverd werden).

De groep zat op een creatieve piek, en besloot tussen een Amerikaans en Europees luik van de tour een EP op te nemen. Het werd het volwaardige album Zooropa: een op het eerste gehoor stuurloos lappendeken, waarin alle dance- en underground-invloeden van Achtung Baby nog wat verder doorgetrokken worden. Het vreemdste album dat U2 maakte, en 15 jaar na de release nog steeds zijn meest intrigerende werkstuk.

Van de klassieke ballad "Stay (Faraway, So Close!)", over de disco-kitsch van "Lemon", tot de nijdige industrial van "Numb": Zooropa is een rollercoaster van stijlen en ideeën. Geen enkele track is bovendien ondermaats of gedateerd, hoogstens een totale stijlbreuk met ouder U2-werk. En net daarom is Zooropa misschien wel het echte meesterwerk van de groep: het album waarop ze het experiment nét niet te ver dreven, en zo hun eigen idioom overstegen.

Vanaf het Europese luik van de Zoo TV-tour bracht Bono een nieuw alter ego op het podium: MacPhisto. Een soort slechte kruising tussen de duivel en Elvis. Dit personage liet Bono toe zeer cynische monologen te geven. Tijdens het laatste Zoo TV-concert in Sydney zei hij: "People of Sarajevo, count your blessings ... There are people all over the world who have food, heat and security, but they’re not on TV like you are". De impliciete boodschap is misschien dezelfde als "I can’t believe the news today/ I can’t close my eyes and make it go away", maar veel harder kon de groep niet op ironische wijze met hun eigen engagement lachen zonder hun publiek te schofferen.

Er volgde een vreemde periode van halve solo-projecten en het enigmatische Passengers-album. Het bevatte de prachtsong "Miss Sarajevo" maar was eigenlijk het album waarop de groep zich voor het eerst verloor in een wereld die niet de zijne was: die van Eno’s ambient. "We wilden in Brians groep zitten", vertelde Bono toen over dat album. Original Soundtracks 1 is nog steeds een intrigerend werkstuk, maar helaas ook ongefocust, en voor velen het symbool van de arrogante euforie die de groep bijna deed springen eind jaren ’90.

Cocktailprikker

Er zit vier jaar tussen de release van Pop en Zooropa. Pop werd vooraf gegaan door "Discothèque": een stevige disco-pastiche met een clip waarin de groep als een ranzige Village People aantrad. Sinds U2 met All That You Can’t Leave Behind een nieuwe weg insloeg, kan ze niet genoeg benadrukken dat Pop eigenlijk niet af is. De tour was geboekt, dus er moest een album zijn. Het geluid van dat album past absoluut niet bij de rest van U2’s oeuvre, maar het betreft ook hier songmateriaal van grote klasse.

Zo is "Please" een nieuwe, iets berustender wanhopige kijk op het Ierse-Britse conflict, croont Bono als nooit tevoren de nacht weg op "If You Wear That Velvet Dress", en is "If God Will Send His Angels" een van U2’s best bewaarde geheimen. Pop klinkt — in tegenstelling tot de twee vorige albums -– enigszins gedateerd. De productie van Howie B refereert zo overduidelijk aan de triphop en big beat-hausse van de millenniumwissel, dat ze, 10 jaar later, het songmateriaal absoluut onrecht aandoet.

Niet alleen was het album nog niet helemaal af bij de release, ook de bijbehorende tournee moest zonder al teveel repetitietijd en nauwelijks gerijpt de baan op. Popmart was nòg extravaganter dan Zoo TV. Een gigantische citroen-mirrorball, een immens LEDscherm, een halve McDonalds-boog en een cocktailprikker met olijf die je van enkele kilometers ver kon zien. De kostuums waren van Walter Van Beirendonck: passend groteske afkooksels van de pop-cultuur. Het podium was zo gigantisch groot (en leeg) dat de groep er wat verloren op leek te staan: zelfs Bono had moeite om de stadia gevuld te krijgen. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de groep sindsdien voor bescheidener constructies op kleinere locaties koos.

Maar ook Popmart was een verbijsterend spektakel, vol subtiele en minder subtiele referenties aan kunst en Zeitgeist. Zo waren er op het scherm geanimeerde schilderijen van de grote pop-art kunstenaars Liechtenstein, Warhol en Haring te zien. Het begin van de bisnummers, waarbij de groep uit de gigantische citroen gewandeld kwam (The Edge hierover: "Somebody had to out-Spinal Tap Spinal Tap and I think we did it.") was een ongezien spektakel. Maar muzikaal rammelde het allemaal een beetje. De nieuwe songs waren niet zo geweldig, en ook de ver-Pop-te versies van hun ouder werk kwamen niet altijd even sterk uit de verf.

Midlife-crisis

In de jaren ’90 was U2 de meest relevante groep ter wereld geweest. Sindsdien wist alleen Radiohead zijn fans zo radicaal te confronteren met een Nieuwe Richting, en zich rijkelijk te laven aan invloeden uit de underground. Het was met Pop en de bijbehorende Popmart-tournee dat de groep zich leek te vertillen. De ironische maatschappijkritiek was zo ver doorgeslagen dat zelf de groep zelf niet langer leek te weten waar ze mee bezig waren.

Een herbronning drong zich dan ook op. De heren waren intussen de veertig én hun apenjaren (al even) voorbij. Sinds de millenniumwissel bracht U2 meer verzamelalbums dan studioalbums uit, en All That You Can’t Leave Behind en How To Dismantle An Atomic Bomb klinken zo vintage U2 dat het albums van een vrij geniale imitatie-U2 zou kunnen zijn. Prachtsongs te over op die laatste twee albums, maar het venijn, het experiment en de risico’s die de groep in de jaren ’90 boven zichzelf uit tilde, behoren duidelijk definitief tot het verleden.

Achtung Baby, Zooropa en zelfs delen van het verguisde Pop vormen samen het carrièrehoogtepunt van U2. Drie albums waarop de groep zijn twijfels, verwarring en teleurstellingen over het leven, de liefde en de wereld uitschreeuwt. Hun geluid flirt niet alleen met invloeden uit de elektronische en industriële underground-muziek, maar draait er bij vlagen ook lustig tongen mee. Het is het misschien niet altijd even geslaagde en soms weinig subtiele geluid van vier rijke rocksterren die hun midlife-crisis probeerden te bezweren, en tevens een boeiende zoektocht om het vuur van hun jeugdige albums weer te vinden.

Met All That You Can’t Leave Behind leek de zoektocht ten einde, en nu kan de groep verdiend op de lauweren rusten. Het vuur horen we helaas niet meer. Terug zijn ook de ernstige zwart-wit foto’s op de cover. Mooi en stijlvol, maar ook minder spannend dat de volle kleuren van Achtung Baby, Zooropa en Pop. De scherpe kantjes zijn ze kwijt. Spijtig, maar gelukkig zijn U2’s jaren ’90 goed gedocumenteerd op CD en DVD. Doe er uw voordeel mee.

E-mailadres Afdrukken
 
Hoe U2 zichzelf op geniale wijze voorbij liep...

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST