Banner

Springsteen on Broadway

9.0
David Vanden Bossche - 07 januari 2019

De legende wil dat ‘The Boss’ op het idee kwam voor zijn succesvolle reeks Broadway-shows tijdens een privé optreden voor de familie Obama, net nadat hij zijn autobiografie Born to Run had voltooid. Zoals veel verhalen die Springsteen omgeven, is het moeilijk om uit te maken wat daar nu precies van aan is, feit is wel dat hij een jaar lang voor uitverkochte zalen speelde in het Walter Kerr Theatre en dat Netflix nu exclusief de uitstekende concertregistratie daarvan mag verdelen.

Tien jaar geleden stelde een muziekjournalist in de ijzersterke BBC-reeks The Seven Ages of Rock, dat anno 1982 (toen Springsteen en zijn E Street Band echt doorbraken bij een miljoenenpubliek) er werkelijk mensen waren die geloofden dat Bruce Springsteen wanneer hij niet op het podium stond, in één of andere garage werkte om de kost te verdienen. Het is een anekdote, maar ze geeft aan hoe sterk de mythe wel is van ‘The Boss’ als de ‘man van het volk’ die in zijn muziek de hartslag van het diepe Amerika en de Amerikaanse ziel weet te treffen. Dat die na een carrière van meer dan veertig jaar en miljoenen verkochte platen, nog steeds overeind blijft heeft uiteraard ook te maken met het feit dat er grond van waarheid zit in die mythologie, althans dan toch wat de muzikale kant ervan betreft. De biografische elementen kloppen immers niet of nauwelijks en hoeveel slecht betaalde baantjes Springsteen ook gehad heeft, ten tijde van pakweg Glory Days, was het betalen van de maandelijkse huur wellicht niet langer zijn grootste zorg.

Ook Bruce Springsteen zelf is zich maar al te goed bewust van de mythe die zijn persoon omgeeft, in zoverre zelfs dat hij er elke avond op Broadway zijn opening aan spendeerde. ‘I have never seen the inside of a factory and I never had to work from nine to five or five days a week, still it is what I’ve been writing songs about for nearly four decades … that’s how good I am’. Het zou een uitspraak kunnen zijn over de Japanse filmmaker en onbetwiste grootmeester Yasujirô Ozu, een man die nooit een bestaan leidde als bediende of arbeider en nooit een gezin had, maar die nog steeds op handen gedragen wordt door cinefielen van over de hele wereld, voor zijn onvergetelijke intimistische familietragedies, die zich meestal afspeelden in de naamloze wereld van de Japanse bedrijven. Het geeft aan dat artistieke creatie – of het nu muziek, film, literatuur of een andere is – te maken heeft met ideeën en vorm en niet noodzakelijk met een realiteitsgehalte of sociale relevantie, nog al te vaak de norm die gehanteerd wordt om kunst als ‘belangrijk’ te bestempelen.

Het omgaan met die artistieke creatie en de biografische elementen die geleid hebben tot het ‘heilige vuur’ zoals de zanger het noemt, vormen de rode draad doorheen deze concertfilm, die ruwweg Springsteens volledige carrière omvat. Geen E Street Band van deze keer evenwel, Springsteen kiest voor intieme, volledig herwerkte versies van zijn ouder songmateriaal. Dat levert hier en daar absolute hoogtepunten op, zoals een ijzingwekkend kale en franjeloze interpretatie van Born in the USA, dat ingebed wordt in een verhaal over verloren jeugdvrienden, waarmee de artiest meer dan drie decennia na datum ook nog eens de puntjes op de ‘i’ zet inzake de ware betekenis van de song. Voor wie te jong was aan het begin van de jaren tachtig: het nummer werd notoir verkeerd begrepen en gebruikt – als een patriottische ode, in plaats van de striemende afrekening met de Amerikaanse politiek die de tekst eigenlijk biedt – door het campagneteam van toenmalig presidentskandidaat Ronald Reagan, wat gitarist Steve Van Zandt ooit deed opmerken ‘you really have to wonder how clueless these people actually were’.

Het eerste uur, dat Springsteen spendeert aan zijn jeugd in New Jersey, biedt zowel grappige anekdotes als oprecht ontroerende verhalen over de bewondering voor zijn moeder en de haat-liefde verhouding met zijn al te vaak afwezige vader. Een relatie die de zanger in talloze van zijn songs verwerkte. Ingetogen versies van Growin’ Up, My Father’s House en My Hometown begeleiden de mijmeringen van Springsteen. Het tweede deel van Springsteen on Broadway is dan weer voorbehouden voor verhalen over de pioniersjaren van een groep vrienden die later een van de beroemdste bands van het land zouden vormen, maar ook voor bekende en onbekende muzikale helden en uiteraard voor een ode aan Springsteens overleden ‘compagnon de route’ Clarence ‘Big Man’ Clemons. ‘The Boss’ relativeert daarbij zijn eigen imago (hij merkt op dat de ambitieuze jongeman die binnenkort Racing in the Streets zou schrijven niet eens een rijbewijs had) en laat bijzonder veel ruimte voor de mensen die hem geïnspireerd en begeleid hebben.

Visueel valt op dat regisseur Thom Zimny (met wie de zanger al talloze keren samenwerkte, onder andere voor The Promise, de documentaire die de monumentale heruitgave van Darkness on the Edge of Town in 2010 mee vorm gaf) het af en toe wat lastig heeft om de bijna Spartaans aandoende soberheid van het opzet – klein podium, geen effecten of opsmuk – boeiend genoeg te houden. Veel beelden lijken al te zeer op elkaar en enkel de kracht van de songs houdt ze overeind. Daar komt gelukkig wat verandering in wanneer Springsteens echtgenote en muzikale zielsverwante Patti Scialfa haar opwachting maakt en er iets meer dynamiek ontstaat. Haar verschijning levert ook een zeldzame – en bloedmooie – akoestische versie op van Tougher Than the Rest.

Het laatste hoofdstuk van deze 153 minuten durende concertfilm, serveert Bruce Springsteen zijn publiek een aantal obligate hits (Dancing in the Dark en uiteraard Born to Run) al blijven ook hier minder evidente nummers vooral hangen in hun nieuwe boeiende jasje: The Rising en The Ghost of Tom Joad voorop.

Springsteen on Broadway is zeker geen vlekkeloze registratie en mist hier en daar een wat trefzekerder beeldregie die het geheel ook filmisch een pak boeiender had kunnen maken. De grote kracht van dit alles schuilt dan ook vooral in de ijzersterke nieuwe arrangementen voor de nummers en in de manier waarop Springsteen het geheel weet te kruiden met doorleefde emoties en – nog steeds – oprechte kritische verontwaardiging. Nu de bijna zeventigjarige muzieklegende steeds meer van zijn vaste kompanen het tijdelijke voor het eeuwige ziet inwisselen en zich dus noodgedwongen zal moeten bezinnen over het verdere traject van zijn carrière, biedt Springsteen on Broadway een meer dan welgekomen anthologie, die nog maar eens onderstreept hoe indrukwekkend en vooral veelzijdig, de carrière van de Amerikaanse volksheld uit New Jersey is geweest.

E-mailadres Afdrukken