Banner

BEST OF: Mogwai

(jb), (lh), (ml), (mvm) en (mvs) - 29 oktober 2015

Geef toe: meestal zijn ze het geld niet waard, die verzamelaars van uw favoriete groep. De platenfirma denkt dat enkel singles in aanmerking komen en een artiest zelf is ook al zelden goedgeplaatst om het eigen werk te beoordelen. Tijd dus dat het eens aan professionals wordt overgelaten, en wie beter dan een team kenners van enola om maandelijks de vijftien beste tracks van een artiest te selecteren. Deze maand: het beste van Mogwai, dat deze maand zijn 20ste verjaardag viert met de uitvoerige compilatie Central Belters.

1. Yes! I Am A Long Way From Home

"Als een post-rockband "Gimme Shelter" van The Rolling Stones onder handen zou nemen, zou het enkel die etherische, verbluffend intense intro gebruiken, loopen, uitrekken tot zes minuten of meer, en veranderen in een omgeving". Zo vatte criticus Simon Reynolds ooit als eerste wat post-rock was. En zo distilleert ook "Yes! I Am A Long Way From Home", het openingsnummer van dat Young Team, schijnbaar de essentie uit iets wat lijkt op U2's "Mothers Of The Disappeared" om met enkel die emotionele kern aan de slag te gaan. Voortdrijvend op die diepe bas, zijn het de gitaren die de pakkende melodielijn alle ruimte geven, om ze vervolgens de afgrond in te sleuren, die dit nummer zo onweerstaanbaar maken. Zelden klonk Mogwai eloquenter, helderder. Wie een deur zoekt in de wereld die post-rock heet, vindt hem hier.
Hoogtepunt: 3'42'. De effectenpedalen worden ingeduwd, en die geven de melodie alleen maar kracht. "Yes! I Am A Long Way From Home" wordt een emotionele draaikolk, die je in zijn laatste minuut uiteindelijk murw gebeukt op het strand zal werpen.

2. Hunted By A Freak

Mogwai op zijn meest enigmatisch: zeer spaarzaam gedrumd, wat galmende synths en zwaar vervormde zang op de achtergrond. De gitaren lijken op het eerste gehoor zachter en simpeler dan ooit, maar bij nadere beluistering is dat slechts schijn. Met distortion en noise erover, zou dit een van Mogwai's verwoestendere tracks kunnen zijn, nu snijdt ze vooral emotioneel diep: we zagen op concerten al brede binken een traan wegpinken bij dit nummer. Onze reactie beperkt zich tot kippenvel, elke keer weer.
Hoogtepunt: 1'00": De eerste keer het ‘refrein', met cymbalen, stapels gitaarwolken een extra laag melancholie in de stem. Bloed-, bloedmooi.

3. Hungry Face

Mogwai zorgde voor een fantastische soundtrack bij de onvolprezen serie Les Revenants. De muziek past zo perfect bij de unheimliche sfeer en diepmenselijke thematiek van de serie, dat het niet duidelijk is of de muziek voor de serie is gemaakt of omgekeerd. De band maakte een fascinerende mix van drones, minimalistische pianomotieven, heldere elektronische klanken en vooral veel dreiging. We kiezen voor "Hungry Face" omdat het de begingeneriek is en omdat u hierna ineens de rest van de soundtrack kan beluisteren.
Hoogtepunt: 00'54": Heel eventjes leek het een mooi slaapliedje te worden, dan komt er cello al flink dreigen, maar nu dondert de drum alle vrolijkheid weer de hoek in.

4. Xmas Steps

"Xmas Steps" (of "Christmas Steps) is pas het elfde nummer van de tweede plaat Come On Die Young, maar het geduld van de luisteraar wordt meer dan beloond. Dit is het album waarop de staalharde gitaaruitbarstingen plots uitbleven en de band zich meer concentreerde op sfeervolle soundscapes en dromerige gitaren. Maar samen met "Ex-Cowboy" en "Chocky" is "Christmas Steps" een uitzondering door de keiharde riffs, die de luisteraar compléét omver blazen. Luistertip: de eerste versie van het nummer is te vinden op de EP No Education = No Future (Fuck The Curfew) en klinkt eigenlijk nog meer meedogenloos. Eigenlijk had het evengoed op Young Team kunnen staan omdat er zowel chaos als melodie in te vinden is.
Hoogtepunt 5'15". De vlijmscherpe gitaren die na een geniale spanningsopbouw als een bliksem in de nacht invallen. Na de verbijsterende schoonheid maken we kennis met de oerkracht van Mogwai: alleen zo'n overgang kon hij componeren.

5. Kids Will Be Skeletons

Mogwai kan echter veel meer dan geluidsbarrières doorbreken. Dat bewijst bijvoorbeeld dit nummer, afkomstig uit het zeer straffe Happy Songs For Happy People, dat toont dat de groep ook muziek kan maken die je op een subtiele manier kan raken en waarbij ontroering het wint van kletsen rond de oren. De groep bouwt kalm op, maar de spanning barst niet bruusk open. In plaats daarvan wordt ze opgelost in een zachtjes openbloeiende gitaarlijn. Dat op de achtergrond van de zeer mooi gelaagde song ondertussen wat elektronica knispert, maakt het geheel alleen maar mooier. Een moment om het even stil te maken in het universum van Mogwai.
Hoogtepunt: 2'10". Een dromerige gitaar valt in en laat alle puzzelstukjes in elkaar vallen.

6. I'm Jim Morrison, l'm Dead

Goede smaak of verheven humor, daar kan men de lads van Mogwai moeilijk van betichten. Blur: are shite lieten ze ooit op t-shirts printen. En op The Hawk is Howling mocht dus ook Jim Morrison er aan geloven. Het is ver zoeken naar ook maar een schijn van de psychedelica die The Doors zo bekend maakten, maar de Schotten weten op de zeven minuten durende track wel het begrip spanningsopbouw naar nieuwe hoogten te verheffen. Hard-zacht/luid-stil? Voor Mogwai is postrock veel meer dan die twee trucjes.
Hoogtepunt: 3'57''. Na bijna vier minuten summiere pianodialoog, vanaf minuut twee ondersteund door de andere instrumenten, lijkt het even alsof de song openbarsten zal maar Mogwai besluit dat de spanningsboog gerust nog wat langer gespannen kan staan.

7. Glasgow Megasnake

Mr Beast is een absurde albumtitel maar wel eentje die ze lazen toen ze de luchthaven verlieten en een taxichauffeur ene Mister en Misses Beast opwachtte. Laat het maar aan Mogwai over om naar eigen zeggen een kermisattractie te verzinnen met als uitgangspunt een rollercoaster en een gigantische zeeslang. De bijhorende song, is hoe kan het anders, een oplawaai van jewelste waar mokerende drums en vilein snijdende (metal)gitaren elkaar in een eindeloos aanvoelende worstelhouding vastklampen die al even abrupt eindigt als ze begon.
Hoogtepunt: 0'14''. Een dikke tien seconden mag de gitaar zijn snaren slijpen vooraleer de rest van de band besluit dat hier dringend gerockt moet worden,het gaspedaal ingedrukt wordt en de volumeknop op elf staat. Gierende zenuwen en hoge gilletjes, eigen aan elke rollercoasterbeleving, krijgt u er gratis bij.

8. Remurdered

Rave Tapes is een zeer wisselvallige plaat van Mogwai en "Remurdered" is daarvan misschien de beste illustratie. Waarom staat dit nummer dan in dit overzicht? Omdat het zich ontpopt tot een topper van formaat. Inderdaad, aanvankelijk blijven we op onze honger zitten omdat de analoge synthgeluiden het nummer domineren. Het klinkt allemaal te gezapig voor Mogwai, was ons eerste oordeel. Maar een Mogwai-fan zou een Mogwai-fan niet zijn als hij wat geduld uitoefent. Na de eerste teleurstellende minuten grijpen de Schotten opnieuw onze aandacht met een uitstekende combo van drums en synths. Het nummer klokt af op zes en een halve minuut, maar mocht zelfs wat langer duren.
Hoogtepunt 3'18''. Zoals gezegd: het keyboard en de drums krijgen samen het nummer weer op de goede rails. Vanaf dan kunnen we het nummer niet meer uit ons hoofd schudden.

9. My Father My King

"Two parts serenity and one part death metal": zo vatte de sticker die Mogwai zelf op deze single – een aanhangsel van het al te rustige Rock Action -- liet plakken het samen. Kijk, dan is ons werk natuurlijk al voor twee derde gedaan. Opgebouwd rond een traditionele Joodse melodie die de groep door producer – al gaat het meeste credit toch naar "opnemer" Steve Albini -- Arthur Baker leerde kennen, is dit het meest archetypische post-rockmonster dat de groep naast "Fear Satan" maakte. "My Father My King" is twintig minuten gitaarlijnen die als mantras worden herhaald, fuzzgitaren die overweldigen, wegvallen, om uiteindelijk te eindigen in een climax van donderende feedback en geweld. Live stapte de groep daarna het podium af, om die geluidsgolven hun fysieke sloopwerk verder te laten doen. Goed voor je gehoor was het niet, maar wat rammelden die pokkeluide golven zuiverend door je gebeente.
Hoogtepunt: 9'35''. De intensiteit is ondertussen al even een stukje afgebouwd, maar je voelt aan je water dat het niet voor lang is. Langzamerhand wordt de spanning weer opgevoerd, en nauwelijks twee minuten verder zitten we in dat death metal-derde. Headbangen is onvermijdelijk.

10. Summer

Wie weet zelfs het eerste echte Mogwai-nummer (frontman Stuart Braithwaite's oude bandje Deadcat Motorbike had al een demo met deze titel), en in dat geval er meteen boenk op: duikt binnen met een gedempte drumuitbarsting die we straks pas echt zullen leren kennen, begint uiteindelijk met een diepe bas die op een meanderende wandeling vertrekt, terwijl een klokkenspel bucolische taferelen schetst. Allemaal goed en wel, tot die drums dus met de gitaren komen binnengestuikt als een woest onweer terwijl er in de verste verte geen schuilhut te bekennen is. Hun versie van een popsong, naar verluidt; goeie versie.
Hoogtepunt: 3'30''. Het hele nummer lang heeft dat klokkenspel zich flink staande gehouden, tot ze bij die laatste uitbarsting wel hun muil moeten houden. Mogwai doet niet aan idylles zonder de hertjes het bos uit te jagen.

11. Like Herod

Young Team staat tjokvol klassiekers en dit is er maar eentje van. De aanpak van de Schotten op hun debuut is heel eenvoudig samen te vatten: een aanstekelijke melodielijn annex riff eindeloos herhalen en verder vooral nu eens loeiend hard en dan weer opvallend ingetogen spelen. Het klinkt te belachelijk voor woorden en heelder hordes vergeetbare bands hebben het idee gekopieerd, alleen vergaten zij het succesingrediënt waarop alles steunt: een melodielijn en bijpassend drumpatroon verzinnen dat de eeuwigheid moeiteloos kan trotseren.
Hoogtepunt: 2'57" Zelfs de meest doorgewinterde fan zal telkens weer een sprongetje maken wanneer het nummer voor de eerste maal openbarst en alle meters in het rood springen. Het klinkt te belachelijk voor woorden maar eerst gaan we heel stil zijn om dan opeens heel luid te roepen; is dit nummer het ei van Columbus? Simple comme bonjour maar het raakt telkens weer doel en zet meteen de toon voor de rest van de song.

12. 2 Rights Make 1 Wrong

Op elke plaat van Mogwai halen de Schotten wel ergens hun vocoder van stal. Zelden hebben ze dat echter indringender gedaan dan op dit nummer uit hun derde plaat Rock Action: het stemmenwerk in het begin lijkt zich voornamelijk onder water af te spelen en wordt na een tijdje omzwachteld door een stuwende ritmesectie en hypnotiserende gitaarlijn, die haar vervolgens finaal naar achteren duwen om plaats te maken voor een zinderende finale waarin ook wat subtiele blazers om de hoek komen loeren. Beluister ook zeker de liveversie op Special Moves, waarin de vocoder een heel nummer lang door merg en been mag blijven snijden.
Hoogtepunt: 2'00". Met de komst van de blazersectie komt alles in een stroomversnelling, en de groep dendert voort als een briesend monster dat niet meer te stoppen valt.

13. No Medicine For Regret

Vrolijke Fransen zijn de Schotten nooit geweest, maar op "No Medicine For Regret" wordt het wel erg donker. Mogwai stapelt laag na laag melancholie op verdriet in deze song, maar de cathartische uitbarsting blijft uit. Enkel een ietwat troostend klinkend, hypnotiserend gitaartje houdt de droevenis draaglijk. De bas bromt er dreigend doorheen en halverwege breekt er een scheurende New Wave-gitaar net niet door het woud heen. Waarna alle lagen haast ongemerkt weer verdwijnen tot er enkel een analoog brommende synth overblijft en wij net niet kapot geslagen, de song nog eens opzetten.
Hoogtepunt: 00'34": Het hypnotiserend gitaarlijntje breekt door en wij zijn verloren.

14. New Paths To Helicon (Pt. 1)

Nog zo'n oernummer van Mogwai: voor het eerst te vinden op Ten Rapid, uitgekomen toen de bandleden nog maar net de jeugdpuistjes ontgroeid waren, en vervolgens live verder geëvolueerd tot een gitaarstorm die zijn weerga niet kent. Het nummer legde mee de grondvesten van het Grote Handboek der Postrock (stil, zacht, luid, luider, LUIDST, MEER DAN LUIDST, stil), maar Mogwai bewijst hier dat zij als geen ander weten hoe ze indringende emotie en woede moeten combineren. Want om je heen schoppen is een ding, maar om je heen schoppen op zulke in de ziel klauwende wijze en ondertussen ook nog eens diep ontroeren is nog iets helemaal anders.
Hoogtepunt: 2'55". Het moment waarop alles tot ontploffing komt, of wat had u dan verwacht?

15. Mogwai Fear Satan

Van een climax gesproken: het meer dan 16 minuten durende "Mogwai Fear Satan" is de afsluiter van Mogwai's meesterlijke debuutalbum Young Team. De titel ontsproot bij de katholieke (hoe kan het ook anders) opvoeding van bassist Dominic Aitchison. Muzikaal gezien is "Mogwai Fear Satan" méér dan een cursus post-rock-voor-dummies, het is een monster van een nummer, dat op een meesterlijke wijze hard (keihard!) met zacht (soms zelfs totale stilte) afwisselt. De zachte akkoorden van Stuart Braithwaide en John Cummings vormen aanvankelijk de zachte akkoorden, maar dan zwelt het geheel geleidelijk aan met de bastonen van Dominic Aitchison tot de nerveuze drums een orkaan van chaos in gang zetten. En zo kom je in een maalstroom terecht die pas echt stopt met kolken als de dwarsfluit van Shona Brown bijna het einde van het nummer aankondigt. U begrijpt het goed: dankzij deze song zijn ongetwijfeld veel post-rockbands ontstaan.
Hoogtepunt 2'25". Neem toch maar de eerste uitbarsting; wanneer de scherpe feedbackende gitaren na een minutenlange opbouw invallen. Wat een emotie, wat een impact, wat een sound! Daarna gaat de storm liggen en weer opborrelen. En opnieuw, en opnieuw en opnieuw.

E-mailadres Afdrukken
 
BEST OF: Mogwai

Uit ons archief
Banner

TEST