Banner

James Blackshaw

All Is Falling

Gowaart Van Den Bossche - 27 augustus 2010

James Blackshaw is altijd al een beetje de vreemde eend in de bijt geweest in de hele fingerpicking beweging. Waar de meeste navolgers van John Fahey en Robbie Basho zich voornamelijk focussen op Amerikaanse folk en blues, en dat met niet meer dan een akoestische gitaar, heeft Blackshaw zich een klank aangemeten die meer een symbiose is tussen modern klassiek en Europese folk, en speelt hij bovendien vooral twaalfsnarige gitaar.

Dat doet hij intussen al een goede acht albums lang (vroege kleinschalige releases incluis), zonder dat daarbij echt opvallende klankverschuivingen gebeurden. Gaandeweg is hij wel meer piano gaan spelen en zijn muziek gaan arrangeren voor strijkers, maar in essentie bleven zijn virtuoze gitaarmantra’s de hoofdmoot uitmaken. Met The Glass Bead Game leverde hij vorig jaar dan ook een plaat af die in feite nauwelijks verschilde van de platen die hij ervoor had uitgebracht. Het was nog steeds een uitstekend album, en met afsluiter "Arc" verkende hij weldegelijk nieuwe horizonten, maar toch kwamen de eerste tekenen van moeheid bij het publiek bovendrijven en werd Blackshaw soms een gebrek aan vernieuwing verweten.

Op All Is Falling speelt Blackshaw duidelijk in op die moeheid en gooit hij het over een andere boeg . In het eerste opzicht lijkt het verschil niet bijzonder groot te zijn, maar hoe dieper de plaat zich onder de huid graaft, hoe radicaler de omslag wordt. Het meest opvallende verschil is dat Blackshaw zich een elektrische 12-string heeft aangeschaft en zijn akoestische gitaar achterwege laat, wat voor een heel andere, helderdere klank zorgt dan op zijn vroegere platen. Daarnaast is het nu geen album geworden met enkele verschillende nummers, maar is het een heuse suite geworden. Geen songtitels dan ook, maar acht tracks die simpelweg "Part 1" tot "Part 8" als titel hebben. En d´t is de grote omslag, want Blackshaw is gestopt met het denken in afzonderlijke mantra’s voor zijn composities, maar is het groot, mogelijk zelfs conceptueel gaan bekijken.

Een lange continue songcyclus is het echter niet, want niet alle nummers gaan in elkaar over, en enkele van de delen kunnen als aparte entiteiten gezien worden. "Part 3" tot en met "Part 6" sluiten inderdaad op elkaar aan en vormen zo een constant evoluerend geheel van gitaar, strijkers, blazers, percussie en zelfs vocals die herinneren aan Philip Glass’ Einstein On The Beach. Maar de andere nummers staan meer op zich, al dragen ze wel bij tot de grotere cyclus. Zo is "Part 1" een galmende, door piano aangedreven intro die de toon zet voor de rest van het album, klinkt "Part 2" als een kort maar geslaagd experiment met barokke harmonieën, en wordt in het afsluitende "Part 8" volop de kaart getrokken van de ambient om in rust af te sluiten. Het is de meest atypische James Blackshaw compositie tot nu toe, met haar dreunend gebruik van e-bow en saxofoonakkoorden wat meer herinnert aan Biosphere of Fennesz dan aan de tokkelmuziek van pakweg Jack Rose.

Het absolute culminatiepunt van de hele cyclus situeert zich in "Part 7", wanneer alle registers worden opengetrokken om de totale overrompeling te bewerkstelligen. Na de kolkende zee van arpeggio’s die "Part 3" tot "Part 6" is, wordt hier aanvankelijk in totale simplesse begonnen met een zich steeds herhalend gitaarmotief. Wanneer Blackshaw zijn basmotief eronder inzet en de strijkers invallen komt er een hemelse harmonie vrij die voor een waar kippenvelmoment zorgt. Het zijn dan ook enkel de rustgevende ambientklanken van "Part 8" die dit kunnen opvolgen, fungerend als een langgerekte coda, een "In Paradisum" aan het einde van een requiem als het ware.

All Is Falling is een album van een ontroerende schoonheid, maar het is een schoonheid die zich slechts met mondjesmaat prijsgeeft. De complexe klankvorming (te wijten aan een erg droge productie) en het hermetische karakter van de muziek zorgen ervoor dat enkel zij die zich willen onderdompelen in de sonische tour de force die het album is er ook volledig van zullen kunnen genieten. All Is Falling is dan ook niets voor een tussendoortje, maar een delicaat stuk muziek dat slechts onder de ideale luisteromstandigheden volledig tot zijn recht kan komen.

James Blackshaw verzorgt op 25 november het voorprogramma van Swans in de Ancienne Belgique.

E-mailadres Afdrukken