Banner

Wire

Object 47

Joey Bougard - 27 augustus 2008

Zullen we het meest idiote argument tegen elke nieuwe worp van Wire er maar direct uitzwieren? Het is geen nieuwe Pink Flag. Met dat achter de rug, dringt zich de volgende vraag op: wat is Object 47 dan wel? Een heel degelijke plaat die verdiend in de bandcatalogus thuishoort, zo blijkt, al hebben we onze reserves.

De albumcover verraadt al meteen welke groep het volgende half uur de stereoinstallatie zal gijzelen: de kale, minimale en compleet ontklede architectuur van de tentoongespreide watertoren, dat kan enkel Wire zijn, een groep die het less is more-principe hanteert zoals een kalende salonsocialist rondparadeert met zijn versleten Rode Boekje, of een Amerikaanse televangelist zijn Bijbel van tijd tot stond grondig bevlekt. Zo wordt het al dertig jaar gedaan: nummers ontkleden tot hun essentie, willens nillens, wars van elke popconventie of pompeuze David Gilmour-solo, een hardnekkig minimalisme zo radicaal dat het Al Qaeda reduceert tot een bende spelende schooljongetjes. En het heeft zijn effect nooit gemist.

Het eerste studioalbum in vijf jaar, nummer 47 in de groepscatalogus, werd naar goede gewoonte dan ook lichtjes geanticipeerd door Wire-adepten. Na x aantal luisterbeurten moet er echter een streng maar rechtvaardig oordeel geveld worden; Object 47 is nogal onderpresterend. Niet dat er sleet zit op de formule, integendeel, maar het klinkt soms allemaal wat braafjes, wat minnetjes, niet snedig genoeg, alsof er doelbewust van afgeweken is. Je kan jezelf niet bezeren aan deze plaat, terwijl je bij voorganger Send schrik had om compleet geradbraakt in het ziekenhuis te belanden. Misschien ligt het stille vertrek van de schraperige gitarist Bruce Gilbert ook wel aan de basis van het poppier, weidser en rustiger, misschien zelfs wat bedeesd en gezapig geluid waar voorgerechtje Read & Burn 03 al naartoe ging; al zullen die van Wire, steeds cryptischer dan een regeerakkoord, er niet snel een officiële persconferentie voor bijeenroepen.

Nochtans is opener "One Of Us" een visitekaartje van formaat: het is dat soort simpele maar doeltreffende rock van wereldklasse die Wire met "Outdoor Miner" en "Map Ref. 41N93W" al maakte, en vanwege één of andere blatante flater nooit de radiogolven heeft gehaald. Colin Newman heeft in jaren nog nooit zo loepzuiver gezongen, terwijl hij een onbekende aanmaant: "One of us will live to rue the day we met each other!". Maar het nadeel van een nummer zo glorieus en perfect, van elke gitaar tot drumrolletje, als dit, is dat je dat niveau moeilijk nog acht nummers kan volhouden. Enkel de laatste twee nummers, het simpel new wave-riedeltje "Are You Ready?" en stompende afsluiter "All Fours" komen nog maar aan de knieën van de prachtige openingssuite. Ook het met dreiging beladen postpunkjuweeltje "Circumspect" passeert de test nog met glans, en "Hard Currency", volgestouwd met stuiterende drums, het aanvaardbare type eightieselectronica en de nodige dosis opwinding, blinkt uit als een van de weinige kopstootmomenten van de plaat.

De andere nummers missen net dat: de snedigheid en het poignante dat Wire zou moeten zijn. "Four Long Years" en "Patient Flees" zijn leuk luistervoer, maar het meandert allemaal te hard en er wordt zowat twee minuten te lang op eenzelfde idee geteerd, terwijl "Mekon Headman" en "Perspex Icon" totaal geen indruk nalaten. Het geeft de plaat een heel zichtbare zwakke plek mee, en dat is jammer aangezien er voor elk minder nummer genoeg kwalitatieve hoogtepunten tegenover staan.

Object 47 is uiteindelijk geen overdonderende plaat geworden zoals Send die wel was, waardoor er toch wel enige teleurstelling met het luisteren gepaard gaat. Maar er mag ook grif toegegeven worden dat het een verdomd degelijk plaatje is. Het besluit? Nummer 47 in de Wire-catalogus mag er heus wel wezen.

E-mailadres Afdrukken
 
Wire

Advertentie
Banner
Advertentie

TEST