Banner

Papercuts

Can’t Go Back

Joris Vanden Broeck - 19 maart 2007

Hoewel Papercuts niet voorkomt tussen de vaak genoemde namen als het gaat over hedendaagse singer-songwriters, is de band rond Jason Robert Quever er eentje om te koesteren. Suikerzoet en dromerig worden de mooiste popsongs geserveerd op het nieuwe album Can’t Go Back.

Westcoastpop om bij weg te dromen, het bestaat nog steeds en moet absoluut niet onderdoen voor wat in vroeger tijden aan muziek gemaakt werd in the sunshine state. Jason Robert Quever, de man achter Papercuts, verzamelde enkele muzikanten — of gezien hun beperkte rol veeleer assistenten — rond zich, installeerde zich in een knusse studio in San Francisco en kwam weer naar buiten met een parel: Can’t Go Back. Moeilijke tweede plaat? Prachtige tweede plaat!

Misschien ligt het aan de Californische oorsprong of aan de zachtmoedigheid die van het album uitgaat, maar Can’t Go Back is een zeer visuele plaat. Tijdens het beluisteren waan je je in een door een laagstaande zon verlicht weids Californisch landschap, vrij van alle zorgen en in het gezelschap van lieftallige bloemenkinderen. Kortom, een ideaalbeeld als uit een film, maar daar hoeft niet om getreurd te worden.

Quever is het soort singer-songwriter dat grossiert in romantische beelden en sfeerscheppingen, iets waarin hij navolging geeft aan de aloude Al Stewart, die als jongeling ook met dezelfde aanstekelijke verwondering de wereld inkeek, met prachtplaten als Love Chronicles tot gevolg. Al schrijft Quever zijn nummers in een totaal andere tijdsgeest en omstandigheden dan Stewart, hij vertoont net zoveel verwantschap met het prille werk van oude hippies als met nieuwe wonderkinderen als Devendra Banhart en Bright Eyes.

Papercuts haalt de mosterd echter niet alleen bij eenzame jongens met een gitaar. Zo doet de intro van "Unavailable" wel heel hard aan The Velvet Underground denken. Het moet echter gezegd dat het meer een verdoken grapje lijkt: snel een bekend riffje gebruiken en er vervolgens een indrukwekkend eigen nummer achtergooien.

Wat dat laatste betreft, zit je bij Papercuts op rozen. Geen enkel nummer stelt teleur en de ene na de andere song neemt je met zijn eenvoudige, maar sterke melodieën mee naar een eerder vernoemde droomwereld, een wereld waarnaar de weg getoond wordt met het luie, af en toe aan Dylans "Rainy Day Women # 12 & 35" herinnerende "Take The 227th Exit".

Hoe hoog het niveau over de hele lijn op Can’t Go Back ook is, de ware klepper wordt tot op het einde bewaard. Het met een imposante, honingzoete melodie gezegende "Found Bird" slaat je helemaal knock-out en laat geen spaander heel van eventuele overgebleven reserves. Met zijn ongekende schoonheid weet het nummer warempel te ontroeren en het laat er geen twijfel over bestaan dat Jason Robert Quever een groot songschrijver is die, naast heerlijke popnummers, ook epische muziekstukken in zich heeft.

E-mailadres Afdrukken