Banner

Jade Bird

Jade Bird

7.0
Matthieu Van Steenkiste - 07 mei 2019

Terwijl de jongens met de knoppen spelen, zijn het de meisjes die de eer van de gitaar hoog houden. Kijk maar naar St. Vincent die zich een waar snarengenie toont in haar immer verbluffende shows, of jong geweld als Snail Mail en Soccer Mommy. Ook de Britse Jade Bird laat horen dat de six string nog niet is uitverteld.

alt

Dat krijg je natuurlijk als vader en moeder tot net iets te laat almaar naar de ravemuziek uit hun jeugd bleven luisteren. De kleine Jade Bird zat het in haar bedje te verdragen, en wachtte geduldig af. Na een scheiding belandde ze met moederlief in het huis van haar grootmoeder, en daar vond ze op haar dertiende een akoestische gitaar, die op haar beurt naar haar eerste liedjes leidde.

Vandaag, een opleiding aan de befaamde BRIT-school en een eerste EP, Something American later, is er een titelloos debuut, en toont de Britse zich alweer twee stations verder. Weg zijn de country-achtige verhalen als de titelsong van die EP of het sterke "Cathedral", tegenwoordig wil Jade Bird vooral rocken. En weet je wat? Daar is ze best goed in.

Single "Uh Huh" bijvoorbeeld; één en al potige gitaren, en een scheurende stem die aan de vroege – kwaaie – PJ Harvey doet denken. Nog steviger is "I Get No Joy", waarin Bird laat horen over de betere jaren negentigstrot te beschikken, zo eentje die zijn voeten stevig in de blues heeft staan, zoals ook uit "Good At It" blijkt. Driemaal bedrog en een gebroken hart, niet omdat Bird zo'n rotjeugd heeft gehad, maar gewoon omdat het goeie verhalen oplevert.

Soms gaat het wat vermoeien, al dat hartenleed, zeker als het in een uitgekauwde metafoor verpakt komt. "You used to tell me that love is a lottery / But you got your numbers And you're betting on me", gaat "Lottery", en dat klinkt gelukkig beter als Bird het zingt. Hetzelfde gaat op voor het nogal Amy McDonaldachtige anti-dranklied "Going Gone", dat gered wordt door spitsvondige zinnetjes als "Sorry, Mr Einstein, it's already past your bedtime", maar te veel in moralisme blijft hangen. "My Motto" valt nog minder mee; een belegen nummer waarvan het refrein dreinerig "That's my motto" gaat. Het is één van de zeldzame momenten dat Bird werkelijk nergens interessant weet te zijn.

Als er gas wordt teruggenomen, blijft Bird doorgaans overeind. "17" is een knappe pianoballad, afsluiter "If I Die" laat horen dat ze haar stem volstrekt onder controle heeft. Want voor alles is misschien nog het belangrijkste dat Bird naast een songsmid net zo goed een sterke zangeres is. Dat hoor je misschien nog het mooiste in "Good At It". "Is she good at it?", vraagt ze. "Does she hold you so tight in the middle of the night, you forget I was ever alive?". Om te besluiten: "She must be good at it", en je voelt de pijn van haar protagoniste.

Het is op dat soort momenten dat je hoort wat Bird kan, en waar ze nog veel beter in kan worden. Dit debuut laat een maturiteit horen, ver voorbij haar leeftijd. Voor alle duidelijkheid: Jade Bird is nog altijd geen 22. Als je nu niet overstag gaat, krijg je nog wel kansen.

E-mailadres Afdrukken