Banner

Roland Van Campenhout

Folksongs from a Non-Existing Land

8.0
Kathy Van Peteghem - 01 februari 2019

Er zit iets in het water in Gent. Wat dat is, daar zijn we nog niet uit, maar er komt de laatste tijd serieus goede muziek uit het Gentse naar ons toegewaaid. Na Tiny Legs Tim is ook veteraan Roland Van Campenhout erin geslaagd ons aangenaam te verrassen.

De hele carrière van Van Campenhout overlopen, zou ons meer kosten dan de toegestane aantal tekens voor deze recensie. We zullen ons dus noodgedwongen beperken tot wat hij de laatste jaren zoal uitgespookt heeft. Regelmatig vind je hem op podia in binnen- en buitenland met blues “compagnon de route” Steven De Bruyn en maakt hij de Belgische podia onveilig als een van de drie Piepkes (waar je ook Pieter-Jan De Smet kan terugvinden). Deze laatste is ook prominent aanwezig op dit album, samen met drummer Teun Verbruggen, violist-en-eigenlijk-nog-zoveel-meer-Nils De Caster, Mirko Banovic en Frederik Segers.

Van Campenhout is nooit vies geweest van samenwerkingen met muzikanten die niet uit een strikte bluesomgeving komen, en dit komt ook het album ten goede. Opgenomen als een lange jamsessie, en achteraf opgedeeld in nummers, vind je op Folksongs from a Non-Existing Land een muzikaal universum dat uniek is. Het is duidelijk te horen dat de muzikanten genieten van het samenspelen, en zich geen bal aantrekken van muzikale genres of hokjes. Dit alles werd overgoten met een sausje Oosters getinte soundeffects, courtesy of drummer en multi-instrumentalist Joe Talia.

Op opener “Washi te kudasai (folksongs)” toont Roland zich heer en meester op de akoestische gitaar. Het is duidelijk dat dit geen op voorhand uitgedacht nummer is, maar toch slagen de muzikanten erin om gedurende acht minuten onze aandacht te houden. “Liesje van izegem (the cat)” is dan weer een ode van een ontroerende kwaliteit aan zijn kat, die ieders hart zal doen smelten. Nu de kat nog. “Pack Up Your Sorrows”, lang geleden uit de pen gekropen van Richard Farina, is de enige cover op het album. Van Campenhout slaagt erin zijn eigen interpretatie van deze klassieker fris en eigentijds te laten klinken.

Probeer niet te veel wijs te geraken uit de teksten van Van Campenhout, het gaat veeleer om gedachten, korte bedenkingen en kritieken op deze maatschappij. Zo zit in “Swamp Adversity” een duidelijke verwijzing naar de vluchtelingen die onze hulp nodig hebben, met het pleidooi: “Donnez à manger aux affamés”. En haalt hij de mensen die zich bedienen van clichés en platitudes door de mangel: “And now Nurse Platitude, She's gonna give me an interlude and the honorable dr Cliché, He has something to say”. In hetzelfde lied vermeldt Van Campenhout nog een paar helden van hem, zoals John Berryman en Alisteir Crowley.

Afsluiter “Smile From the Heart” is het langste nummer, maar had gerust een paar minuten eerder mogen stoppen: het is de enige valse noot die wij op dit album kunnen ontdekken. Dat doet echter niks af aan de kwaliteit: Van Campenhout is er op zijn eigenzinnige manier in geslaagd ons te verrassen. De duivel mag dan al the best tools hebben, hij zal toch moeten leren om rekening te houden met Roland Van Campenhout.

E-mailadres Afdrukken