Banner

Villagers

The Art Of Pretending To Swim

8.5
Marc Goossens - 21 december 2018

Net als op {Awayland}, de plaat waarmee Villagers in 2013 met verve de hindernis van de “moeilijke tweede” overwon, probeert songschrijver Conor O’Brien ook op zijn recentste worp uit hoeveel rek er zit op de indiefolkformule. Het infuseren van elektronica, dansritmes, blazers en zelfs funky baslijntjes in de van oorsprong traditionele groepssound, pakt ook nu weer erg goed uit.

Tijden veranderen, smaken veranderen, en als je relevant wil blijven dan betekent stilstaan hetzelfde als achteruitgaan. Dat had Conor O’Brien, de spil van de groep, al snel door na het bejubelde debuut Becoming A Jackal. In plaats van zot van glorie voort te borduren op het succes van die eerste – de commentaren logen er ook niet om: mooie jongen, prachtige, poëtische teksten, slimme, pakkende melodieën – stelde hij meteen zichzelf en zijn muziek in vraag.

Dat resulteerde zoals gezegd in die knappe tweede plaat waarop elektronica ook al een grote rol speelde. Maar ook daarna hoedde hij zich ervoor geen twee keer na mekaar hetzelfde te doen. Opvolger Darling Arithmetic werd een heel intiem, sober album. De tour die erop volgde leidde er zelfs toe dat de immer rusteloze (of nooit tevreden?) O’Conor voor Where Have You Been All My Life een heleboel liedjes van zijn eerste drie albums besloot te herwerken.

Voor het vijfde album stapt Villagers af van die sobere aanpak. De deur wordt weer opengezet voor elektronische elementen, zoals hier en daar een beat, samples (stemmen, geluiden) en loops, en op het eerste gehoor misplaatste synthesizerklanken. Maar meer nog dan die elektronica, zijn het koper- en houtblazers, strijkers en breed uitwaaierende toetsenpartijen die het album kleur geven.

Op papier lijken Conor en co dus terug te grijpen naar de formule van {Awayland}, maar waar de meeste nummers van die plaat uiteindelijk neigden naar (indie)folk, horen we hier – meer nog dan op de vorige platen – ook elementen uit andere genres zoals pop, r’n’b, jazz, soul en psychedelica. Het blijven Villagers-liedjes, natuurlijk, maar deze elementen bezorgen de negen liedjes een voller en rijker geluid, en maken dat sommige nummers baden in een dromerige, haast filmische sfeer.

”Dat houden ze geen hele plaat vol,” dachten we na opener “Again”, die meteen als ducttape aan onze hersenschors plakte. Maar kijk: meteen volgden single “A Trick Of The Light” – een van de liedjes met een funky baslijntje – en “Sweet Saviour” en “Long Time Waiting”, waarin ijle synths op de hielen worden gezeten door onrustige ritmes. Het is ook halfweg dat laatste nummer dat de blazers voor het eerst echt van zich laten spreken en de song opensplijten.

In “Fools” wordt wat gas teruggenomen. Het is een knap gezongen, aanstekelijke song - niks meer, maar zeker niks minder – die dient als opstapje naar misschien wel het hoogtepunt van de plaat. “Love Came With All That It Brings” begint nog ingehouden (de eerste minuten klinken als Mercury Rev dat het op doktersbevel wat rustiger aan moet doen), maar gaandeweg worden er meer en meer laagjes aangebracht (stemmensamples, toeters en belletjes) en eindigt het nummer als iets wat we nog het best kunnen omschrijven als een muzikale caleidoscoop.

Hoewel er nauwelijks zwakke momenten zijn op The Art Of Pretending To Swim, is het misschien niet zo onlogisch dat het volgende liedje, “Real Go-Getter”, een beetje verbleekt en mager afsteekt bij wat eraan voorafging. Ook over “Hold Me Down” geen slecht woord, integendeel zelfs. Het is een heel mooi, ingetogen en sober nummer, maar als deel van het geheel bereidt het hier toch vooral de weg voor de psychedelische, dromerige pop van afsluiter “Ada”.

Als arrangeur en als producer betekent The Art Of Pretending To Swim dus zeker een stap voorwaarts voor Conor O’Brien. Wat blijft, is dat hij nog steeds oprechte, schijnbaar eenvoudige en makkelijk verteerbare songs schrijft die pas na enkele luisterbeurten hun schoonheid prijsgeven. Want daar draait het nog altijd om bij Villagers: de stem en de teksten (over geloof, hoop, liefde en/of het gebrek eraan), die de lijm zijn die de negen prachtsongs aaneensmeden tot een mooi geheel.

E-mailadres Afdrukken
Tags: Villagers