Banner

Sleaford Mods

Sleaford Mods EP

Guy Peters - 24 oktober 2018

De kick die het parcours van Sleaford Mods kreeg vanaf Austerity Dogs (2013) leidde intussen tot een van de boeiendste hoofdstukken in de Britse pop van de voorbije 10-20 jaar. Door elk jaar minstens een EP of album uit te brengen houdt het duo het vuur warm. Iets dat ook nodig is als je afgaat op hun visie op het moderne Britain.

Het Engeland van de glooiende heuvels, zorgvuldig gemillimeterde hedgerows en wufte theeceremonies is niet meer dan nostalgie naar een tijd die nooit bestond (of toch niet voor iedereen) en al even realistisch als het zuivere, veilige en (bij voorkeur) bleke Vlaanderen dat partijen als N-VA en Vlaams Belang bij ons nastreven. Het Engeland dat Sleaford Mods tonen is dat van een systeem dat, mede door een onverschillige politieke kaste, compleet scheefgegroeid is en het merendeel van de bevolking op een dieet van vet, suiker en uitzichtloosheid zette. British culture is anno 2018 vooral uitgegroeid tot pub culture, al geeft het nog steeds groeiende ongenoegen over een nakende Brexit aan dat een groot deel van de bevolking beseft wat hen boven het hoofd hangt als de voormalige Great Nation zich terugtrekt in z’n schelp.

Geen band die dezer dagen zo’n ongenadig beeld schetst als Sleaford Mods, en dat door niet zozeer een uitgesproken politiek programma te declameren, als voelbaar te maken wat de impact is op de mentale toestand van een bevolking en elk individu dat opgroeit in de wurggreep van een door en door cynisch model. Door een stem te geven aan de jolly fuckers die James Williamsons lyrics bevolken, is het duo uitgegroeid tot het geweten van een natie en een spreekbuis voor de sociale ravage. Of zoals ze het zelf zeggen: “The lead tracks are mostly full of violent tendencies that only transpire through imagination. People are powerless under the political monster and the intense anger and frustration morphs into illusions of attacking each other through the bravado of social media, depression and paranoia.”

Het leidt ook nu weer tot vijf songs die even nijdig als rudimentair zijn en hier en daar een East-Midlands slang-woordenboek vereisen (of op z’n minst een oor voor accenten). Net als bij English Tapas stel je vast dat het materiaal wat minder giftig en militant klinkt dan een half decennium geleden, maar daar staat dan tegenover dat sommige stukken iets meer gaan lijken op, wel ja, volwaardige songs. Maar geen paniek: het gaat nergens ten koste van de vinnigheid, de uitgebeende ritmes, eindeloos rondmalende baslijnen of hypnotiserende monotonie van Williamson verzen. Sleaford Mods vond z’n stijl jaren geleden en blijft die verfijnen, eerder dan nieuwe oorden op te zoeken.

“Stick In A Five And Go” is met die grommende baslijn en Casioritmes van Andrew Fearn meteen vintage Mods, en een platform voor Williamson om de futiliteit van door sociale media opgeroepen wraakgevoelens te kaderen (al is de Twitterpagina van Sleaford Mods ook regelmatig goed voor wat hilarisch venijn). Zijn licht absurde portretten hebben regelmatig iets van een boertig-literair Zottenfeest, maar zijn soms ook al te herkenbaar. Nog beter: “Bang Someone Out” met een combinatie van jachtigheid en dansbaarheid die misschien zelfs lonkt naar The Ex. Mocht er nog twijfel over bestaan: de state of the union is lamentabel, maar er mag gefeest worden voor de totale ontbinding ingezet is. De hardnekkig malende ritmes blijven razend efficiënt.

En zo gaat dat dan verder, met de tastbaar gemaakte, dagelijkse dodenmars van legioenen loonslaven die zich naar hun bureaus met nutteloze jobs en irritante collega’s begeven (“Gallows Hill”), het gevecht om de peuken en restjes in de glazen (“Dregs”), terwijl afsluiter “Joke Shop” dichter dan ooit tegen de hiphop aanschurkt, met een verrassend melodieus (!) refrein. Wie het duo al even volgt, weet natuurlijk dat die vergelijking steek houdt, want ondanks de onderontwikkelde songs en monotone voordracht heeft Williamson een rol opgeëist als een van de centrale kroniekschrijvers van zijn plaats en tijd, iets dan enkel nog in de verf gezet wordt door de sjofele muzikale omkadering. En voor wie de muziek niet zo nodig hoeft: Williamsons onlangs verschenen verhalenbundel Happy Days is al net zo prangend en zo nodig als de releases van Sleaford Mods.

E-mailadres Afdrukken