Banner

Matt Piet & His Disorganization

Rummage Out

Guy Peters - foto's: Ken Ge - 01 juni 2018

Dat er een nieuwe generatie improvisatoren uit Chicago staat te trappelen om zich in de kijker te spelen, is al langer duidelijk. Een van die nieuwe gezichten is pianist Matt Piet, die klaar is voor een volgend hoofdstuk in zijn carrière.

Dat Piet drie albums zowat tegelijkertijd aan de man brengt, helpt natuurlijk ook. Pas anderhalve maand geleden verscheen zijn album Throw Tomatoes met zwaargewichten Dave Rempis en Tim Daisy, terwijl intussen ook City In A Garden klaarstaat, waarop hij zich laat bijstaan door zeven muzikanten. Tussen die twee albums verscheen er ook nog Rummage Out, de weerslag van een concert in Constellation uit mei 2017 met drie vertegenwoordigers van de vorige generatie: Nick Mazzarella, Josh Berman en Tim Daisy. Net als de leden van The Few – Macie Stewart, Steve Marquette, Charlie Kirchen – en onder meer Andrew Clinkman en Phil Sudderberg, maakt Piet deel uit van een nieuwe golf talenten. Hoewel zij op sleeptouw genomen worden door de voorgangers, heeft Piet voldoende pit en karakter om ook op eigen krachten te overtuigen.

Piet hanteert bovendien een aanpak die zal opvallen, al is het maar omdat hij geen keuze lijkt te willen maken tussen een of andere stijl. Hij haalde zelf al Paul Bley aan als voorbeeld en werd ook al vergeleken met de jonge Cecil Taylor. Toch is hij sowieso een muzikant die tussen de stromingen laveert en ook een zwak lijkt te hebben voor het wringen van een Misha Mengelberg. Soms in de weer met driftige clusters en bokkige intervalsprongen, maar net zo vaak met dartele motiefjes die eindeloos binnenstebuiten gekeerd worden, of met verrassend melodieuze en/of bluesy elementen. In zijn performance met dit kwartet komt het allemaal aan bod.

Rummage Out bevat twee kloeke improvisaties (respectievelijk 15 en 22 minuten) met grote dynamiek. Starten gebeurt aftastend, en tussendoor wordt het geluid ook regelmatig uitgedund (in de tweede helft van “Lost & Found” lijkt kornettist Berman even een stap naar achter gezet te hebben). Toch krijg je ook momenten van een bijna extatische, jubelende intensiteit en een weelderig web van doorkruisende ideeën. Heel mooi is het ook, hoe die improvisatie van start gaat, met even inside piano-gemorrel en een zwalpende saxsound die een beetje herinnert aan de jammerklachten van een Ab Baars. Gestaag dikt de soep aan en ziet het ernaar uit dat het vooral wringen wordt, maar Piet brengt evenwicht en houvast.

Het is een aanzet voor Mazzarella om met een fraaie, losjes wandelende solo aan het zingen te slaan. Toenemende densiteit en energie dreigen vervolgens het boeltje tilt te doen slaan, maar het is opnieuw Piet die richting geeft, met een linkerhand vol blues en een ontspannen swing. Afronden wordt wél weer gedaan met een gebalde vuist en mét een teruggekeerde Berman – weinig koperblazers die zo virtuoos tussen diepe traditie en hedendaags experiment zitten – die ook een paar prikken uitdeelt. “The Last Place You Look” slalomt al net even behendig, met spanning tussen aangehouden golven en een nerveuze energie die aanvoelt als een experiment in tijdsbesef. Een paar veelkleurige solo’s leggen de link met de Blue Note avant-garde van de jaren zestig, maar ook met het eclectische Art Ensemble Of Chicago en met de bands die eruit voort vloeiden.

Ook hier is dosering duidelijk een bekommernis. Een strak borstelende Daisy bezorgt het samenspel ademruimte en Mazzarella en Berman spelen hun bijzondere affiniteit uit waardoor de pianist kan bijsturen vanuit een comfortabele positie. Met repetitief getrippel voorziet hij de interactie van een lichtvoetigheid die voorkomt dat het uitdraait in een obscure massa van geluid. Misschien is de frisse transparantie van het kwartet nog wel het mooiste van al. Er wordt gespeeld met ongewone technieken, gretig gebruik gemaakt van vrijheid en gepiekt met kolkende energie, maar bovenal wordt hier geïmproviseerd op een veelzijdige manier die de aandacht blijft vasthouden. Disorganisation? Misschien wel een beetje bij eerste oppervlakkige beluistering, maar eigenlijk wordt alles stevig in de hand gehouden door een uitstekende band met enkel sterke schakels.

E-mailadres Afdrukken